Het succes van vier nuchtere mannen

De springruiters werden in Aken Europees kampioen. Zowel in de dressuur- als in de springsport domineert Nederland. Hoe kan dat?

De medailleceremonie, met bij Nederland op het podium van links naar rechts: Jur Vrieling, Gerco Schröder, Maikel van de Vleuten en Jeroen Dubbeldam. foto UWE ANSPACH/EPA

Voor de tweede keer in acht dagen galmt het Wilhelmus door het immense paardensportstadion in Aken. Na de eerdere gouden medaille van de Nederlandse dressuurruiters zijn ook de springruiters Europees kampioen. Thuisland Duitsland werd deze vrijdagavond na een zenuwslopende strijd verslagen.

Gefelicitierd, die Niederlande”, roept de Duitse stadionspeaker. De mannen van bondscoach Rob Ehrens zijn door het dolle heen. Vorig jaar wereldkampioen, een jaar later ook de beste van Europa. Een ongekend succes. Zowel in de dressuur- als in de springsport domineert Nederland. Het land dat al jaren geroemd wordt om het opleiden van jonge paarden, maar hoe kan Nederland aan de top blijven?

Teamprestatie

Directeur topsport Maarten van der Heijden van de Nederlandse paardensportbond KNHS krijgt na het binnenhalen van het goud een sms van Maurits Hendriks, technisch directeur van sportkoepel NOC*NSF. „Congrats. Dan volgend jaar de kroon op het werk”, stuurt Hendriks. Alles draait nu om oogsten op de Olympische Spelen in Rio de Janeiro, volgende zomer.

Deze prestatie in Aken noemen de ruiters een teamprestatie. Ondanks de successen zijn het nuchtere mannen. Alles behalve ego’s. Ze weten dat ze elkaar moeten helpen om tot grote hoogte te stijgen. „We werken in principe individueel”, legt Maikel van der Vleuten uit. „In eerste instantie moeten we ons niet met elkaar bemoeien, maar als we iets voor elkaar kunnen betekenen doen we dat ook. We begrijpen elkaar echt goed. Als er maar één sterke combinatie is, leidt dat in een landenwedstrijd niet meteen tot een goed resultaat. Wij staan er altijd als het moet. Bijvoorbeeld Jeroen Dubbeldam, hij was er eigenlijk niet in aanloop naar dit toernooi. Hier moest het, en staat hij er weer. ”

Toch gaat het nationale succes in de paardensport verder dan alleen teamwork. De verschillende disciplines wisselen ervaringen en kennis met elkaar uit. Zo zijn de dressuurtrainers bijvoorbeeld ook met eventing bezig en helpen de springcoaches de dressuursport.

„Het leren van elkaars discipline is erg belangrijk binnen ons trainersplatform”, geeft Van der Heijden aan. „Maar het gaat verder. We hebben een zeer professioneel team van veterinairen, inspanningsfysiologen, noem maar op. We maken gebruik van videoanalyses en hebben een extreem succesvol talentenplan. De scouting en begeleiding hierin is top.”

Stichting NOP

Ook de stichting Nederlands Olympiade Paard (NOP) is sinds 2013 weer belangrijker gemaakt. Het NOP is in de jaren tachtig van de vorige eeuw opgericht, maar is door de KNHS, NOC*NSF en de Rabobank twee jaar geleden wakker geschud. Nederland verloor in de afgelopen jaren enkele toppaarden aan het buitenland. Zo vertrok Totilas bij Edward Gal en Simon bij Jeroen Dubbeldam. Om dat te voorkomen worden de huidige toppers contractueel vastgelegd om ze in ieder geval voor deze ruiters te behouden tot en met de komende Olympische Spelen.

„Dat is erg belangrijk voor ons”, zegt bondscoach Rob Ehrens. „Op die manier kunnen we onze beste paarden behouden. Dan is het alleen nog voor ons zaak om de neuzen dezelfde kant op te krijgen en de puzzel weer op het juiste moment in elkaar te laten vallen.”

Drie van de vier paarden in de huidige selectie hebben ‘NOP’ achter hun officiële naam staan. Alleen de nieuwe topper Cognac Champblanc van Gerco Schröder nog niet. Zijn paard London wel, maar hij was in aanloop naar deze Europese kampioenschappen niet wedstrijdfit. Inmiddels wel, maar met het oog op Rio worden geen risico’s genomen. De gouden dressuurploeg beschikte vorige week over twee ‘NOP-paarden’.

Springpaarden Fonds Nederland

Zo’n stichting scheelt veel voor de olympische disciplines dressuur, eventing en springen. Bij het springen is het Springpaarden Fonds Nederland ook belangrijk. Het paard Zenith van Jeroen Dubbeldam is eigendom van het fonds dat jonge paarden wil opleiden. Het bestuur heeft de ruiter beloofd dat Zenith tot en met de Spelen behouden blijft. Op die manier hoopt het fonds een bijdrage te leveren aan de Nederlandse successen. De volledige naam van Dubbeldams paard is daarom SFN Zenith N.O.P.

„De kans is zeker aanwezig dat Zenith na Rio wel verkocht wordt”, zegt Van der Heijden. „Maar stel dat hem wat overkomt en daardoor niet naar de Spelen kan, wat natuurlijk mogelijk is, dan hebben we wel een probleem.”

Ehrens benadrukt dat de wereldtop dicht bij elkaar zit in de springsport. Toch is Nederland niet alleen afhankelijk van Dubbeldam, Van der Vleuten, Schröder en Jur Vrieling. „Ik ben ontzettend trots op mijn team, maar ik heb ook goede combinaties thuis zitten. En mijn reserveruiter Leopold van Asten rijdt ook uitstekend.”