Tienertoer: ‘De belangrijkste vraag was: waar is Brian?’

De eerste vakantie zonder ouders. Actrice/ schrijfster Debby Petter (58) ging op talenkamp in Frankrijk en leerde er helemaal niets.

Debby Petter (tweede van links) met vriendinnen in Frankrijk, 1972

1972

„Het was een idee van de ouders van twee vriendinnen van me. We zouden naar een talencursus in Chambon sur Lignon aan de Loire gaan, met vier meiden. Die ouders moeten gedacht hebben: met Frans gaat het op school niet zo goed, we sturen ze op cursus in Frankrijk zelf, dat is leuk voor hen. Maar wij vonden er helemaal niets aan. Het was gewoon een voortzetting van wat er op school gebeurde, alleen dan zonder ouders. Vreselijk saai. We logeerden in een groot gebouw, waar we allemaal een kamertje hadden. We aten aan grote tafels in zalen en het eten vonden we vies.

„’s Ochtends kregen we Franse les en ’s middags kon je kiezen voor gymnastiek of iets creatiefs. Ik koos voor gymnastiek. De lessen werden gegeven door een knappe jonge vrouw met een zware stem in een strak, zwart gympak. Ze rookte tijdens de lessen en ze rook ook nogal sterk naar knoflook. Ik vond haar stoer. Zo wilde ik ook zijn.

„We hebben daar drie weken gezeten en we hebben er geen zak geleerd. We probeerden de lessen zo veel mogelijk te ontvluchten. Dan gingen we naar het dorp in de buurt en hingen daar rond op het dorpsplein en kochten stokbrood, zodat we dat vieze eten niet hoefden te eten. Verder waren we vrij braaf. We rookten weliswaar stiekem, maar drinken deden we niet. De belangrijkste vragen die ons bezighielden, waren: wat doen we aan? Waar kunnen we stokbrood scoren? En: waar is Brian?

„Brian was de leukste jongen daar. We vonden hem niet alleen knap, maar hij was ook een Amerikaan, dat maakte hem extra spannend. We waren allemaal verliefd op hem, maar het was onduidelijk wie van ons hij de leukste vond.

„Er was ook nog een jongen uit het toenmalige Joegoslavië die onder de pukkels zat en verliefd was op mij. Hij probeerde telkens bij mij in de buurt te komen. Ik had niets met hem, ik vond het alleen maar vervelend. Toen de cursus was afgelopen en we achterin de bus naar huis zaten, zag ik dat hij achter de bus aanrende. Hij riep daarbij mijn naam. Pijnlijk.

„Brian zag ik later die zomer weer. Hij was op doorreis in Europa en logeerde in het zomerhuis van mijn ouders in Vinkeveen. Ik keek nog eens goed naar hem en dacht: mwah. Op de een of andere manier was de glans er af.

„Ook van de Joegoslaaf hoorde ik nog. Hij belde mij een keer huilend op en schreef mij een brief waarin hij aankondigde dat hij zelfmoord zou plegen als ik niets met hem wilde. Ik was nog heel jong, pas zestien, en zo’n brief, dat was wel heftig voor mij. Ik vroeg mijn moeder wat ik er mee aan moest. Ze zei: niet op reageren. Dat advies heb ik toen maar opgevolgd. Ik heb nooit meer wat van hem gehoord.

„Die jongen, daar was natuurlijk iets mee. Dat achter de bus aanrennen, dat klopte gewoon niet. Hij moet eenzaam zijn geweest. Maar dat soort dingen realiseer je je pas later.”

2015

„Dit jaar ben ik met mijn man naar Corsica geweest. Ik kende het eiland nog niet. We hebben er rondgereden door de schitterende natuur. Je hebt er ruige bergen, eindeloos vruchtbaar groen en verrassend mooie baaitjes die daar tussen liggen. De zee is waanzinnig blauw. De mensen zijn aardig en je kunt er heerlijk eten op plekken waar je zowat met je voeten in het water zit. Ik wil er absoluut terug.”