Almere is eindelijk af, nu nog meer banen

Meer mensen vinden een baan, maar in Flevoland blijft het aantal werklozen hoog. Zeker in Almere, de PVV-stad waar de problemen verborgen zijn achter keurige nieuwbouw. „Veertig jaar geleden was hier nog niets.”

foto Mieke Meesen

Hij zegt het eerlijk, want hij houdt niet van „geleuter” over werkloosheid. „Ik raakte gewoon van het pad af”, zegt Toon Naus (58) uit Almere. Tot vier jaar geleden had hij goedbetaald werk als freelance tv-maker in Hilversum. Hij deed technische coördinatie en montage voor EénVandaag. Hij werkte met BN’ers als Marco Borsato en Humberto Tan als eindredacteur van het EO-programma Nederland Helpt.

Toen kwam hij zelf in de problemen. Hij raakte bij een reorganisatie zijn baan kwijt en daarna overleed zijn vrouw. „Ik ging kopje onder. Eerst stortte ik me nog helemaal op media op internet, want ik dacht: die ouwe komt terug. Maar je verdient er he-le-maal niks mee. Je zit te lang alleen thuis. Je wordt eenzaam. Je denkt dat je je in je eentje kunt redden, maar dat lúkt gewoon niet. We zijn kuddedieren.”

Naus heeft zijn bulderende lach weer terug. Afgelopen najaar kwam hij via de gemeente binnen bij de Participatiefabriek in Almere, een welzijnsproject dat werklozen weer op gang helpt ín de buurt. Naus geeft er les aan andere werklozen als ‘leermeester’ marketing en communicatie. Hij heeft zijn eerste betaalde opdracht als mediadocent binnen, gaat een Word-cursus geven en wil op een school gaan werken. „Ik ben iemand die doelen stelt.”

PVV-stad

Door het aantrekken van de economie gaat het iets beter met de werkgelegenheid in Nederland. Het aantal mensen zonder baan is sinds januari met 42.000 gedaald tot 603.000, volgens cijfers die het CBS deze week publiceerde. „Maar de werkloosheid is nog altijd veel hoger dan voor de crisis”, relativeert Peter Hein van Mulligen van het CBS. Ook het aantal langdurig werklozen (44 procent) lijkt voor het eerst te stagneren, maar blijft onverminderd hoog, zeker onder 45-plussers, zoals Toon Naus. Het afgelopen kwartaal zat 60 procent van deze groep langer dan een jaar zonder werk.

Van alle provincies voert niet Groningen of Zeeland, maar Flevoland de werkloosheidsstatistieken aan. En in de top-10 van gemeenten met de hoogste werkloosheid staan Rotterdam en Den Haag bovenaan, direct gevolgd door Almere en Lelystad met dik 10 procent.

Je zou het niet zeggen als je in Almere bent. „Zo ziet nou een ‘probleemwijk’ in deze stad eruit”, zegt Gerhard Dekker, hoofd onderzoek en statistiek van de gemeente, tijdens een wandelingetje door Stedenwijk Noord. De buurt ligt aan het Weerwater en naast de moderne hoogbouw van het nieuwe centrum. Er staan keurige sociale huurwoningen met rood-gele baksteen, doorkruist door een neo-gracht met bomenrij. Het enige zwerfvuil is een ontmantelde ventilator in het gras. „De huizen zijn te jong voor grote renovatie”, zegt Dekker. Maar mensen moeten ook zelf hun woning netjes houden. „Onze zorg is: hoe zorgen we dat het onderhoud in straten met veel werklozen op peil blijft?”

Ook in De Wierden in het ‘oude’ Almere Haven, waar veel bewoners geen werk en wel schulden hebben, blijft de armoede verborgen. In een achterafstraatje staat een woning met een schutting van verweerde houtplaten. Er slingert speelgoed in de tuin en er ligt een slap opblaaszwembad op de stoep. Het steekt af in deze wereld van eindeloze laagbouw, met gevlochten deurkransen en opgelijnde kliko’s.

„We hebben hier geen getto’s en we krijgen ze ook niet”, zegt CDA-wethouder Froukje de Jonge (participatie, werk en inkomen). Maar ze is niet blij dat Almere weer negatief in het nieuws is. De gemeente staat toch al bekend als de nieuwe lelijkheid en als de ‘Stad van de Vrijheid’ – de PVV is er de grootste partij. Bij Tante Truus op de markt, waar gehandicapten de cappuccino serveren, wil ze met statisticus Dekker de hoge werkloosheid nuanceren en vertellen wat Almere eraan dóét. „Met de ‘Straatkubus’ bijvoorbeeld”, zegt ze. Via postcodes brengt Almere in kaart in welke straten de meeste problemen zijn. ‘Acupunctuur’ noemen ze dat bij de gemeente. „Er zit een privacy-aspect aan, maar zo kunnen we vroegtijdig ingrijpen.”

Newtown

Ten eerste zijn er demografische verklaringen. Flevoland is een kleine provincie met 400.000 inwoners van wie de helft in Almere woont. De absolute werkloosheid valt mee, maar iedere werkloze telt ‘zwaar’ mee in de cijfers.

„Almere is ook een newtown”, zegt Dekker. „Veertig jaar geleden was hier nog niets.” Het centrum mét skyline van Rem Koolhaas is pas een jaar of acht echt af. Het ‘oude’ winkelcentrum ernaast is van de jaren tachtig – en werd destijds overdekt tegen het vele stuifzand. Almere was een bouwput. Mensen dachten in de ‘bestaande stad’ en de ‘nog niet bestaande stad’.

Dekker: „De populatie is jong en moet zich op vele fronten nog ontwikkelen. Daarom scoren we hoog op het ene lijstje en laag op het andere.” Tijdens de crisis bleef het aantal 15- tot 65-jarigen in Flevoland flink stijgen. Vorig jaar groeide de potentiële beroepsbevolking voor het eerst niet. „We groeiden jarenlang dus harder dan de economie.” Verder zijn het opleidingsniveau en de arbeidsproductiviteit in Flevoland wat lager dan gemiddeld in Nederland.

„Het is hier goedkoper wonen”, zegt Elly Zeef, directeur van Mind at Work op haar kantoor. Het reïntegratiebureau helpt jongeren en mensen met een handicap aan werk en stages, maar plaatst ook volwassenen in gewone, betaalde banen (vorig jaar 84). „Uit allerlei stadsregios’s zijn mensen hierheen getrokken die meer ruimte en een tuin wilden: mensen met een relatief lage opleiding. Die krijgen kindertjes en zo blijft het gemiddelde niveau behoorlijk laag.”

En nog een reden voor de hoge werkloosheid is dat Flevoland veel allochtonen (circa 18 procent) telt. Het brengt zowel verdringing als discriminatie op de arbeidsmarkt met zich mee. Er wonen veel Surinamers en de provincie trekt meer Polen dan de rest van Nederland, met name voor de landbouw. „Je ziet ook dat aannemers bijvoorbeeld eerder Polen dan jongeren uit Flevoland aannemen”, zegt jobcoach Geny Swillens.

Files

Economisch gezien heeft Flevoland te weinig industrie en te weinig banen. De files staan ’s ochtends richting Randstad, niet richting de polder. De meeste Almeerders werken in de regio Schiphol. „Eén op de vijf werkenden in Flevoland werkt buiten de provincie”, zegt Dick ter Steege van het CBS. „Daarin is Flevoland uniek.”

In de top-10 van grootste werkgevers in Flevoland zelf staan een paar bekende namen, zoals USG, Connexxion en Leaseplan. Maar ook de Tomingroep in Almere, de voormalige sociale werkplaats. Het is een provincie van kleine bedrijfjes en de crisis heeft er flink ingehakt.

De Tomingroep zit op De Vaart, het grootste industrieterrein van Almere. „Kijk, dat staat al jaren leeg”, wijst werkleider Eddie Brandsma op een perceel met gloednieuwe bedrijfsboxen. Een ander rijtje oogt ook verlaten, op een etalage met paspoppen in glitterbikini na.

Met de Tomingroep heeft de gemeente deze zomer afgesproken om per jaar tweehonderd langdurig werklozen aan werk te helpen. Ze werken eerst twee maanden op proef. Als het goed gaat, krijgen ze een halfjaarcontract om door te stromen naar ander werk. Zo probeert Almere het aantal langdurig werklozen op te peppen en de bijstandsuitkeringen terug te dringen. „Het ‘granieten bestand’ noemen we dat oneerbiedig”, zegt de wethouder.

Joep de Kraker (41) is net aangenomen. Hij is opgeleid als klassiek gitarist en werkte tot 2012 als telefonische enquêteur. Nu is hij 32 uur per week aan het schoffelen, snoeien, harken, planten en maaien. ‘Intensief groen’, zoals gazonnetjes, wordt tweewekelijks bijgehouden. ‘Extensief groen’, zoals bermgras, een paar keer per jaar. Groen is er genoeg: Almere is qua oppervlakte vergelijkbaar met Amsterdam.

De Kraker verdient er zo’n 1.250 euro netto mee. Hij ziet het wel zitten om verder te gaan als hovenier. „De cao is goed, er blijft altijd werk en het wordt gewaardeerd door de samenleving”, zegt hij. Maar er zijn ook werklozen die zich schamen, zegt trajectbegeleider Linda Lam. „Het lijkt alsof ze een taakstraf hebben, denken ze. En vooral mensen van buitenlandse komaf zeggen wel eens: buitenwerk is te koud.”

‘Time management’

Bij de Participatiefabriek, waar Toon Naus werkt, zijn in een jaar tijd 36 werklozen binnengekomen en 19 mensen alweer aan de slag. „Werkloos zijn is eigenlijk een fulltimebaan”, zegt projectleider Ineke van Galen. „We geven hier ook een cursus time management aan werklozen. Je moet opnieuw ontdekken wat je wilt en wat je kwaliteiten zijn. Je moet voortdurend bezig zijn met oriënteren en solliciteren. En solliciteer niet te vroeg, maar op het juiste moment. Niet als je eenzaam bent of faalangst hebt, want werkgevers proeven dat.”

„Je hebt op feestjes geen verhaal meer over wat je doet”, zegt Wendy Winkelman (49), die vijf jaar geleden werkte als personeelsadviseur bij De Nederlandsche Bank. „Ik ging me schamen en daar moet je overheen zien te komen.” Via de Participatiefabriek doet ze cursussen, binnenkort gaat ze op voor de ‘zwarte band’ in procesmanagement. „Wendy weet het nog niet, maar binnenkort vindt ze werk en stroomt zij hier ook uit”, zegt Van Galen. „Ja hoor”, zegt Wendy. „Dat weet ik wel zeker.”