Verkrachting als oorlogswapen: IS werft er nieuwe strijders mee

Mannen van de Islamitische Staat misbruiken op grote schaal yezidi-vrouwen en -meisjes. IS komt openlijk uit voor deze praktijken. Ook in andere oorlogen werden verkrachtingen gebruikt als middel om te overheersen – met effect.

Een 12-jarige yezidi-meisje in het vluchtelingenkamp bij Dohuk. Daar vertelde ze dat ze is verkracht door een IS-strijder.

Zelden in de wereldgeschiedenis is verkrachting van gevangengenomen vrouwen zo openlijk bedreven als onder de Islamitische Staat. Vorig jaar al zette het ‘Bureau voor onderzoek en religieuze edicten’ van IS gedetailleerd uiteen hoe gevangengenomen vrouwen seksueel kunnen worden misbruikt.

„Het is toegestaan om gemeenschap te hebben met slavinnen die nog niet de puberteit hebben bereikt, als ze er geschikt voor zijn”, schreef het bureau bij voorbeeld in een pamflet.

De strijders van IS voegen de daad bij het woord, bleek vorige week uit een artikel in The New York Times van de hand van Rukmini Callimachi. Ze sprak uitgebreid met 21 misbruikte meisjes en jonge vrouwen van de yezidi-minderheid in het noorden van Irak, die vorig jaar gevangen genomen waren door IS en na verloop van tijd wisten te ontsnappen.

Een van hen was pas 12 en nog lang niet volgroeid, toen ze door IS-strijders werd misbruikt. Een ontsnapte vrouw vertelde over een ander 12-jarig meisje op de plaats waar ze werd vastgehouden dat dagen achtereen werd misbruikt en hevig bloedde. „Hij verwoestte haar lichaam”, zei de vrouw. Soms legden de verkrachters vooraf aan de slachtoffers uit dat ze het volste recht hadden te doen wat ze deden op grond van de Koran.

IS adverteert openlijk

Het verhaal van The New York Times heeft dezelfde strekking als het rapport Escape from Hell dat Amnesty International al eind vorig jaar uitbracht. „Het komt niet vaak voor dat de daders zo openlijk hun misdaden adverteren”, zegt Donatella Rovera, auteur van het Amnesty-rapport aan de telefoon. „Maar IS heeft vanaf het begin duidelijk gemaakt dat yezidi-meisjes vogelvrij waren en niet meer dan slavinnen zijn. Ze hebben het misbruik geïnstitutionaliseerd.”

Tot en met een marktplaats toe, waar de meisjes en vrouwen als (seks)slavinnen voor geld werden aangeboden. Opgemaakt en wel werden ze daar in een soort etalage gezet, waar gegadigden een blik op hen konden werpen en hen desgewenst konden kopen. IS hoopt met deze praktijken jonge strijders aan te trekken, die in de conservatieve islamitische samenleving seksueel gezien gewoonlijk niet zo makkelijk aan hun trekken komen.

In veel opzichten sluit IS niettemin aan bij een lange, treurige traditie. Al sinds onheuglijke tijden hebben militairen en andere strijders zich aan meisjes en vrouwen van hun tegenstanders vergrepen. De strijders opereerden vaak op eigen houtje en dwongen een meisje of vrouw tot seks. „Ze hadden dan het gevoel: ik heb de macht, ik kan dit doen”, zegt Rovera, die ook veel conflictgebieden in Afrika heeft bezocht.

Niet meer kunnen voortplanten

Maar niet zelden werden verkrachtingen van hogerhand aangemoedigd met het doel de tegenstander zo diep mogelijk te vernederen. Wij zijn zo sterk, is dan de boodschap, dat we kunnen doen en laten met jullie meisjes en vrouwen wat we willen. De verkrachting is dan niet eens zozeer gericht tegen de vrouw, maar tegen de mannen met wie ze vochten. Het ultieme bewijs van hun kracht.

„Je verwoest zo de samenleving van de andere groep door de vrouwen te verkrachten, ze te stigmatiseren en ze fysiek kapot te maken, zozeer zelfs dat ze ook niet meer in staat zijn zichzelf voort te planten”, zegt Inger Skjelsbaek, die zich als psycholoog aan de Universiteit van Oslo veel met verkrachtingen in oorlogsgebieden bezighoudt.

Dat kapotmaken gebeurde bij voorbeeld ook op grote schaal in Bosnië in de eerste helft van de jaren 90. Daar werden de borsten van verkrachte vrouwen dikwijls afgesneden en werd hun buik opengesneden. Ook in Rwanda en meer recent in Congo deden zich dergelijke excessen voor.

De Congolese gynaecoloog Denis Mukwege Mukengere, die veel verkrachte vrouwen weer heeft helpen oplappen, vermoedt eveneens dat het de daders is begonnen om meer dan vernedering van de vijand alleen. „Ze lijken dit te doen om te voorkomen dat er een nieuwe generatie strijders wordt geboren”, zei Mukengere tegen CNN.

Als eer het allerhoogste goed is

Sommige samenlevingen zijn kwetsbaar voor collectieve verkrachtingen op een andere manier. „Het kan een heel effectief wapen zijn in traditionele samenlevingen, waar mannen de bescherming van de eer van de vrouwen beschouwen als het allerhoogste goed”, zegt Rovera. Dat geldt bij voorbeeld voor de yezidi’s, zoals het trouwens ook gold voor de Bosnische moslims. In zulke gevallen komen zulke massale verkrachtingen nog een graadje harder aan.

Niet voor niets ook maakte het Amnesty-rapport melding van meisjes, die gevangen waren genomen door IS en – wetend wat hun boven het hoofd hing – besloten zelfmoord te plegen om hun eer althans nog enigszins te redden. Als ze de eer niet aan zichzelf hadden gehouden, zouden ze misschien later door mannelijke familieleden zijn gedood, want door hun verkrachting was de familie-eer bezoedeld.

Voor verkrachte vrouwen maakt het intussen bitter weinig uit wat de motieven zijn van de mannen die hen verkrachten. Het is altijd traumatisch. Niet alleen fysiek, maar ook geestelijk. Velen die het overleven raken er door gestigmatiseerd binnen de eigen gemeenschap. Sommigen blijven zitten met een kind dat door de verkrachter is verwekt.

Mannen die lang van huis zijn

Veel van de verkrachtingen kunnen niet worden losgezien van het feit dat legers en paramilitaire groepjes nu eenmaal grotendeels bestaan uit mannen, die vaak langere tijd van huis zijn. Ze hebben een sterke aandrang hun mannelijkheid jegens elkaar te bewijzen. Dat uit zich soms via verkrachtingen. Skjelsbaek wijst erop dat in Latijns-Amerika, waar relatief veel vrouwen deel uitmaken van de strijdkrachten, minder problemen met verkrachtingen door militairen bestaan.

Ook het geval van Japan in de vorige eeuw is opmerkelijk. In de bezette gebieden mochten militairen er ‘troostmeisjes’ op na houden. „Dat was bedoeld om te voorkomen dat soldaten in het wilde weg vrouwen zouden verkrachten. Zo hadden ze een uitlaatklep voor hun seksuele lusten. De Japanners hoopten dat ze zo betere soldaten zouden zijn”, zegt Skjelsbaek.

Lage status van vrouwen

Deskundigen zijn het erover eens dat de vrouw, die bij zulke verkrachtingen vaak helemaal niet als een zelfstandige persoon lijkt te worden beschouwd maar als het bezit van mannen, een lage status heeft. Donatella Rovera van Amnesty wijst er bovendien op dat vrouwen niet alleen gevaar lopen te worden verkracht door vijandige strijders, maar ook door mannen uit de eigen gemeenschap. „Ook in een vluchtelingenkamp waar Zuid-Soedanese vluchtelingen zaten, werden vrouwen soms door de eigen mannen verkracht”, vertelt ze.

Verkrachters moeten hoe dan ook veel actiever dan tot dusverre worden vervolgd. Het Internationaal Strafhof kondigde eind vorig jaar een krachtiger beleid aan „om de straffeloosheid te beëindigen” waarop verkrachters tot dan toe meestal konden rekenen.

Maar de arm van het Hof reikt voorlopig nog niet ver en veel slachtoffers zijn intussen meer gebaat bij begrip uit eigen kring. Skjelsbaek noemt het geval van verkrachte moslimvrouwen uit Bosnië. De leiders van de gemeenschap kondigden daar een fatwa af dat verkrachte vrouwen moesten worden gezien als ‘strijders’, die met oorlogsmisdaden werden geconfronteerd, net als hun mannen. Het hielp aanzienlijk bij de terugkeer van verkrachte meisjes en vrouwen in de eigen samenleving.