Souffleur van Willy Brandt voor toenadering DDR

Egon Bahr (1922-2015)

Architect ‘Ostpolitik’

Als vertrouweling van bondskanselier Willy Brandt pleitte hij voor toenadering tot de DDR.

Duitsland staat vandaag stil bij het overlijden, gisterochtend vroeg, van SPD-politicus Egon Bahr (93). De kleine politiek strateeg geldt als de architect van de West-Duitse ontspanningspolitiek in de jaren zeventig, die uiteindelijk zou leiden tot de hereniging van Duitsland in 1990. De slogan ‘Verandering door toenadering’ (Wandel durch Annäherung), waarmee toenmalig bondskanselier Willy Brandt (SPD) geschiedenis schreef, was bedacht door Bahr.

De voormalige journalist, die zijn carrière begon bij de Berliner Zeitung maar al snel werkte voor de Amerikaanse propagandazender RIAS in Bonn, werd vanaf het eind van de jaren vijftig de nauwste vertrouweling en souffleur van Willy Brandt. En hij bleef tot op hoge leeftijd een gezaghebbende vraagbaak op de achtergrond voor partijgenoten op het terrein van buitenlandpolitiek. Zo wordt ervan uitgegaan dat de buitenlandpolitiek van oud-bondskanselier Gerhard Schröder voor een belangrijk deel leunde op de adviezen van Bahr. Zelfs tijdens de huidige gespannen relaties tussen Berlijn en Moskou, vanwege de Oekraïne-crisis, bleef Bahr pleiten voor toenadering en ontspanning. Dat was althans zijn boodschap tijdens een laatste publieke optreden vorige maand.

Bahr kwam uit Thüringen, dat later onderdeel werd van de DDR. In de Tweede Wereldoorlog werd hij onder de wapenen geroepen in de Wehrmacht. Hij verzweeg dat hij een Joodse grootmoeder had. Toen dat uitkwam, werd hij in 1944 oneervol ontslagen en tewerkgesteld in de oorlogsindustrie.

Het naoorlogse West-Duitsland stond sterk onder Amerikaanse patronage en kon, zeker in de eerste decennia, maar een beperkte eigen buitenlandpolitiek voeren. Bahr wilde West-Duitsland emanciperen met als doel een hereniging met Oost-Duitsland. Toen de DDR in 1963 de Berlijnse Muur bouwde, dreigden de spanningen tussen Oost en West te escaleren. Brandt, toen burgemeester van Berlijn, besloot op advies van Bahr die Muur ‘doorlaatbaar’ te maken: zo werd het na overleg met de DDR mogelijk dat familieleden aan weerszijden van de Muur elkaar met Kerst konden opzoeken. Een eerste kleine stap op weg naar ontspanning. Zoals de Süddeutsche Zeitung schrijft, waren er in de DDR wel functionarissen die de zachte aanpak van Brandt en Bahr doorzagen. Zo noemde de DDR-minister voor Buitenlandse Zaken, Otto Winzer, de toenaderingspogingen van Bonn in 1972 „agressie op pantoffels” (Aggression auf Filzlatschen). Toch kwamen de verdragen die leidden tot de ontspanning tot stand.

Toen Brandt in 1974 moest aftreden wegens een spionagekwestie, bleef Bahr als adviseur van de nieuwe bondskanselier Helmut Schmidt (SPD). Bahr functioneerde als schakelkast van de stille diplomatie tussen Washington en Moskou.

Toen de toenmalige Sovjetleider Michael Gorbatsjov verklaarde dat zijn land democratie nodig had als zuurstof om te ademen en dat hij zichzelf beschouwde als een sociaal-democraat, was dat een triomf voor Bahr: het waren niet de Amerikaanse raketten geweest die Gorbatsjov tot die bekentenis hadden bewogen.