Ouders

In Denemarken hebben ze de seksuele voorlichting op scholen aangepast, in de hoop dat de geboortecijfers niet nog verder teruglopen. De voorlichting was zo effectief gericht op veilig vrijen, dat seks nu vooral als plezierig wordt gezien. Nieuwe lesplannen moeten ervoor zorgen dat seks straks ook weer als een daad van voortplanting wordt beschouwd.

Waarom is het een probleem dat de geboortecijfers dalen? Moet het ‘eigen volk’ in stand worden gehouden, of levert baren economisch voordeel op: wie een baby krijgt, geeft zich over aan een nesteldrang die met name materieel wordt ingevuld (een groter huis, een auto, etc.)?

Het is mooi weer, in het park wordt gebarbecued. Blije jonge ouders verzamelen op kleedjes. Buggy’s met brede wielen en zwarte kappen staan naast elkaar. De vriendin met wie ik ben zegt: „Het zijn net doodskisten.”

Wanneer zij iets onverschilligs zegt over kinderen, denken mensen dat ze jaloers is. Ze heeft die leeftijd. Wanneer ik iets onverschilligs zeg, zeggen mensen: „Dat komt nog wel.”

Andere dag, weer in de zon. Een vers gezin probeert een plekje te vinden op een vol terras. De moeder rijdt de kinderwagen tegen stoelpoten aan. Ze vraagt om „een beetje respect” en bedoelt ruimte.

Nieuwe mensen hebben altijd meer rechten dan de al bestaande mensen, omdat de nieuwe mensen een hoop vertegenwoordigen die de al bestaande niet meer uitstralen – zij zijn al zoals iedereen. Ouders zijn ruw in hun verdediging van die onschuld.

Eindelijk zitten ze, nemen de baby in de armen en bestellen. De kinderwagen kiept om. Aan de handvatten hangen tassen van diverse kledingwinkels. Telkens als het kind bij papa op schoot gaat, verslikt het zich of begint het te huilen. Het is alsof hij het kind voor het eerst vasthoudt. Hij loopt rood aan en ik zweer dat ik zal vechten voor een langer vaderschapsverlof, al denk ik ook: wat een slappe lul dat je daar zelf niet voor hebt gestreden. En ook: wat een trut dat ze niet ziet dat ze zich een winnaar voelt, ten koste van haar geliefde.

Ik heb het onderscheid tussen volwassenen en kinderen nooit echt begrepen.

Er klinkt gekrijs en de moeder legt de baby aan de borst. Een man met een klompvoet en een kruk strompelt het terras op. Uit zijn mondhoek hangt een broodkorst, alsof het een sigaar is. De moeder schudt ‘nee’, geen geld. Voor hij goed en wel weg is zegt ze hoofdschuddend: „Hij kan eten en bedelen tegelijk.”

Een fertiliteitsarts vertelde me eens dat zijn werk vroeger bestond uit het voorkomen van zwangerschap. Nu het gebruik van anticonceptiemiddelen gemeengoed is, bestaat zijn werk vooral uit het opwekken van zwangerschap. Zijn patiënten vragen om ivf en vruchtbaarheidstesten.

Mensen verlangen meer leven en denken dat het in nieuw leven zit.