Ajax worstelt met subtop Tsjechië, maar komt boven

Vaclav Cerny verliet Tsjechië om te spelen bij Ajax. Toch bleek in het duel met Jablonec (1-0) dat het kwaliteitsverschil zeker niet vanzelfsprekend is.

In bewonderenswaardig vloeiend Nederlands gaf hij na de wedstrijd tegen FK Jablonec antwoord op enkele vragen. Enthousiast ook. Maar als Vaclav Cerny zich na het gesprek meldt bij het Tsjechische journaille straalt de zeventienjarige aanvaller van Ajax pas echt. Omringd door landgenoten is de frêle Tsjech ineens een grote man en mag hij vertellen hoe het is om bij Ajax te spelen. Cerny: „Helemaal geweldig.”

Een contract bij Ajax was voor hem zo aantrekkelijk als een beurs aan Harvard voor een rechtenstudent. In Amsterdam zou hij zijn talent kunnen verfijnen op een hoger podium. Chelsea, HSV en Juventus hadden ook interesse, maar op vijftienjarige leeftijd koos hij in 2013 bewust voor Ajax. „Hier zouden kansen komen.”

Een begrijpelijke keuze, want als er ergens een club is waar talenten snel de kans krijgen is het Ajax, dat tegenwoordig een ploeg heeft van gemiddeld 21 jaar. Maar gelet op de huidige gezagsverhoudingen tussen het Tsjechische en Nederlandse voetbal is het maar de vraag of de volgende generatie Tsjechische talenten met hetzelfde ontzag naar Ajax kijkt. Ajax Europese top? Wie de ploeg gisteren ternauwernood zag winnen van de Tsjechische subtopper Jablonec (1-0), zag dat het kwaliteitsverschil lang niet zo vanzelfsprekend is als wordt voorgesteld.

Na de dramatische uitschakeling in de voorronde van de Champions League door Rapid Wien, was het ook op het tweede Europese niveau armoe troef. Aangewezen op de play-offs voor de Europa League moet Ajax redden wat er te redden valt, maar in de heenwedstrijd tegen Jablonec creëerde het slechts één knappe kans. Davy Klaassen speelde zich vrij na een een-tweetje met spits Arek Milik en werd toen gevloerd in het strafschopgebied; Milik scoorde vanaf de stip.

Veel meer bracht Milik niet in. De Pool stond zo verdekt opgesteld tussen de dichte linies van Jablonec dat het leek alsof medespelers hem niet zagen. Telkens zwaaide hij om de bal, maar nooit kwam er een pass. Ajax speelde de bal eindeloos van links naar rechts. Nooit diep. Stukspelen noemen ze dat - omdat de opponent blijft lopen - maar met dit spel vermoeit Ajax ook het publiek.

Of lag het allemaal aan Jablonec? De Tsjechen bemoeilijkten aanvallend combinatiespel door zich diep in te graven. „In mijn tijd als speler was het al moeilijk om tegen zulke ploegen een fantastische wedstrijd te spelen”, zei trainer Frank de Boer. Hij was gematigd tevreden. Erkende het suffe karakter van de wedstrijd, maar prees de gehouden nul en meende dat er hooguit vier clubs ter wereld zijn die tegen de defensieve Tsjechen wel een aantrekkelijk duel hadden gespeeld.

Zo zag Vaclav Cerny het ook. „Wij hadden 71 procent balbezit”, zei de jonge Tsjech na zijn tweede invalbeurt in de hoofdmacht. Toen hij na 84 minuten het veld in kwam met „niet normaal veel zin”, nam hij direct het initiatief met een schijnbeweging en een passeeractie, waarna het publiek hevig applaudisseerde. Eindelijk actie.

Voldoet dit Ajax wel aan het beeld dat Cerny van de club had toen hij Tsjechië verliet? Zeker, zegt hij. Hij heeft nog geen dag spijt gehad van zijn keuze en stelt dat we niet te zwaar moeten tillen aan de benauwde zege. Dan voegt hij zich bij de Tsjechische verslaggevers die hem opwachten met hun bandrecorders. Zwevend op een wolk van trots.