Column

Sail: verslag doen van je eigen verslaggeving

‘NOS-kroonprinses’ Dionne Stax bij Sail 2015.

Waarom besteedt de NPO zo veel aandacht aan Sail2015, de parade van grote zeilschepen in de Amsterdamse haven? Een begin van een antwoord op die vraag gaf verslaggeefster Kysia Hekster in het Achtuurjournaal (NOS).

Onderzoek had uitgewezen dat de vorig keer, bij Sail 2010 dus, 60 procent van de bezoekers ouder dan 50 was geweest. De organisatie zou zich dit keer in het bijzonder beijveren om met speciale activiteiten een jonger publiek te trekken. Dat begint wel heel erg te lijken op het huidige profiel van de NPO, en dan niet alleen tijdens Sail.

Het zijn dus vooral jonge reporters die erop uit worden gestuurd. Herman van der Zandt mocht op het water tussen de tall ships door laveren, Dionne Stax was de centrale anchor op de wal, waar ze onder meer met beschermheer prins Maurits mocht babbelen.

Wat later op de avond schoof Stax weer aan bij Jinek om verslag te doen van haar eigen verslaggeving. Eva Jinek, die vijf jaar eerder nog de microfoon onder de neus van spelevaarders mocht duwen (maar dan wel geborgd in een tuigje), doopte Dionne maar liefst tot „kroonprinses van de NOS”, en daar zou ze wel eens gelijk in kunnen krijgen.

De hele dag werd benadrukt hoe gemoedelijk de sfeer was, zo ongeveer als lang geleden Koninginnedag in de hoofdstad. Er klinkt inderdaad nog geen housemuziek van de sloepen en jachten, maar op de ponten was het in de loop van de middag verre van gezellig, toen bewoners van Amsterdam-Noord tot wel anderhalf uur moesten wachten om thuis te komen. Ik moest toevallig ook net die kant op, en droeg dus onvrijwillig bij aan het forse bezoekersaantal, net als de mopperende forensen om me heen.

Behalve de live reportage en de samenvatting van de NOS, was er ook nog het dagelijkse Sail Vandaag (AVRO-TROS), gepresenteerd door de al even positief gestemde Art Rooijakkers. In dit door Niehe Media geproduceerde programma klinkt het meest de toon van de sponsors door: jongens, jongens, wat een feest, al die oceaanreuzen, die voor zover ze al niet het eigendom van een grote onderneming zijn, dan toch in ieder geval daarvan de vlag laten wapperen, in ruil voor champagnevaartjes voor relaties en andere genodigden. En die zijn allemaal, om in de woorden van Sail-directeur Mitra van Raalten te spreken natuurlijk „super, super, super, supertrots” op het grootse dat hier verricht wordt.

Het is voor de makers, die ons niet te veel willen vermoeien met nautische details, ook prettig dat er zo veel BN’ers zijn met een zeilhobby. Ze kwamen allemaal wel een keer langs: Frits Wester, Jeroen Pauw, Floortje Dessing. En dat is dan toch weer makkelijker voor de identificatie.

Ik zou graag wat meer verhalen horen, en niet alleen over de martelingen op de Esmeralda. Deed De Stad Amsterdam niet ook dienst als ‘Beagle’ in het spoor van Darwin? En waarom zijn de Russische schepen het grootst? De wat sjofele, roestige reus Sedov, die vond ik vanaf de pont gezien het mooist, want niks replica: gewoon een schip dat van A naar B vaart, omdat het moet.