Favoriet Labourstrijd is tegen alle oorlog – ook die tegen IS

Cameron wil IS aanvallen in Syrië. Als Corbyn Labour gaat leiden, wordt dat lastig.

De radicaal-linkse Labour-favoriet Jeremy Corbyn. Foto Ben Stansall/AFP

Als het Lagerhuis begin september van reces terugkomt, hoopt premier Cameron goedkeuring te krijgen voor luchtaanvallen op Syrië.

Tot de zomer leekt dat geen probleem. Harriet Harman, interim-leider van Labour, zei dat de oppositiepartij wilde samenwerken aan een plan Islamitische Staat (IS) te verslaan, en dat Labour „zeer, zeer serieus” overwoog luchtaanvallen te steunen.

Door de bescheiden meerderheid van de Conservatieven – twaalf zetels – kan Cameron niet zonder de oppositie. In zijn eigen partij zit een aantal tegenstanders van bombardementen. Steun van de Labour-leider zou bovendien meer legitimiteit geven aan een besluit een nieuwe oorlog in te stappen.

Maar nu? Het lijkt erop dat de radicaal-linkse Jeremy Corbyn de strijd om het partijleiderschap gaat winnen. De jongste peiling wijst op 53 procent steun voor de socialist. En Corbyn, voorzitter van de Stop the War Coalition, staat bekend om zijn consequente tegenstand tegen eerdere militaire interventies.

Hij stemde tegen de inval in Irak in 2003, tegen VN-interventie in Libië in 2011, tegen luchtaanvallen op president Assad in Syrië in 2013, tegen bombardementen op IS in Irak in 2014. Over mogelijke aanvallen op IS in Syrië zegt hij: „Onschuldige Syriërs zullen het slachtoffer worden, wat de vluchtelingencrisis zal verergeren.” Hij vreest dat luchtaanvallen niet genoeg zijn, dat er vervolgens grondtroepen moeten worden gestuurd, en „dan zijn we terug bij Irak en de gruwelen van die oorlog”.

Het is niet het enige buitenlanddossier dat Cameron hoofdpijn kan bezorgen, mocht Corbyn winnen. Corbyn is tegen kernwapens, en een besluit over vernieuwing van de Trident-kernraketten moet komend jaar worden genomen. En de NAVO is volgens hem „een Koude Oorlogsinstituut”, waaruit de Britten zich moeten terugtrekken. Cameron heeft net besloten vast te houden aan de militaire-uitgavenverplichting van de NAVO.

Corbyns anti-amerikanisme staat bovendien haaks op het belang dat het Verenigd Koninkrijk hecht aan de veel geroemde „speciale band” met de VS.

Ook zijn idee over hervorming van de Europese Unie komt weinig overeen met dat van de premier. Corbyn, die tegen de verdragen van Maastricht en Lissabon stemde, wil een „sociale, milieuvriendelijke en solidaire agenda” in Europa. Hij is tegen het vrijhandelsakkoord TTIP tussen de EU en de VS, dat volgens hem het bedrijfsleven de vrije hand geeft. Cameron ziet de EU primair als een economische gemeenschap, en zei „een aanjaagraket” onder TTIP te willen afsteken.

De uitkomst van de onderhandelingen die de premier deze herfst voert in Brussel en die het uitgangspunt van het referendum over het EU-lidmaatschap vormt, past mogelijk niet bij hoe Corbyn de toekomst van de EU ziet.

Cameron hoopte op pro-Europese steun van Labour te kunnen rekenen. Maar gevraagd of hij vóór een ‘Brexit’ zou stemmen, zei Corbyn tegen The Guardian: „Ik sluit het niet uit. Het beleid van Cameron is duidelijk gericht op het uitruilen van arbeidsrechten, het uitruilen van milieubescherming en het opgeven van een groot deel van de sociale pijler van de EU.”

Ook op andere terreinen dient zich onenigheid aan als Corbyn Labour gaat leiden. Cameron wil een Palestijnse staat pas erkennen als er een tweestatenoplossing is. Corbyn is beschermheer van de Palestina Solidarity Campaign en deelde podia met anti-joodse en antisemitische sprekers en een Holocaust-ontkenner, onder wie de omstreden radicale Belgische moslim Dyab Abou Jahjah. Dat leverde hem onder meer veel kritiek van het weekblad The Jewish Chronicle op.

In Joodse kringen maakt men zich al langer zorgen over de anti-Israëlische koers van Labour. Ed Miliband (tot mei partijleider, en Jood) moedigde Labour-parlementariërs aan voor erkenning van Palestina te stemmen, en veroordeelde een Israëlische raketbeschieting op Gaza scherp, zonder daarbij de gebruikelijke sympathie voor Israëlische slachtoffers te uiten.

Corbyn gaat verder. Hij sprak met de leiders van Hamas en Hezbollah, die hij onlangs „vrienden” noemde. „Diplomatieke spreektaal”, zei hij gisteren tegen de BBC. „Betekent het dat ik het eens ben met Hamas en wat die groep doet? Nee. Betekent dat ik het eens ben met Hezbollah, en wat zij doen? Nee. Het betekent dat als je vrede wilt, je ook met mensen moet spreken met wie je het oneens bent.”

Zijn aanhang wijst erop dat Corbyn eenzelfde kritiek kreeg toen hij in de jaren tachtig met de IRA sprak, op het hoogtepunt van de Troubles, de bloedige burgeroorlog in Noord-Ierland. Inmiddels schudt de koningin de hand van een voormalige IRA-commandant. Corbyn kreeg eveneens kritiek op zijn strijd voor een akkoord met Iran – dat onlangs werd gesloten.

Buitenlandbeleid is geen thema in de strijd om het Labour-leiderschap. De partijaanhang heeft Corbyn noch de andere drie kandidaten erover horen spreken. Maar het is wel het grote thema van de herfst.