5 levenslessen van Underworld

Het Britse duo Underworld staat na twintig jaar opnieuw op Lowlands

Rick Smith en Karl Hyde vormen sinds 1987 het Britse duo Underworld. Foto HDWallpaper

In sommige opzichten lijkt Lowlands 2015 op Lowlands 1995. Want dit jaar zijn er, net als twintig jaar geleden, optredens van Britse dancefavorieten Chemical Brothers en Underworld. Hoe Chemical Brothers het er inmiddels vanaf brengt is onbekend, maar Underworld gaf onlangs in Nederland een paar zinderende concerten waarbij het publiek zich willig liet meevoeren op een warme stroom vibrerende bromtonen en de hypnotiserende lispelstem van voorman Karl Hyde.

Hyde, nu 58, speelt al sinds zijn zevende; hij weet hoe je muziek fris en avontuurlijk moet houden. Daarom in de aanloop naar Lowlands: vijf muzikale levenslessen van Karl Hyde.

1 Leer van andermans ideeën

„In 1992 stonden we in Paradiso in Amsterdam op het feest Welcome to the Future, dat werd georganiseerd door mijn vriend Gert van Veen. Er waren optredens van bands afgewisseld met dj’s. Die aanpak was toen nog nieuw. In de zaal waren gogodanseressen, er was een lichtshow – het publiek staarde niet uitsluitend naar wat er op het podium gebeurde. Wat zich in de zaal afspeelde, was evengoed belangrijk.

„Dat feest gaf me een nieuw idee over hoe we konden optreden: door die cross-over tussen band en dj, en de plaats van de muzikant. Daarna speelden we onze optredens vanaf de mengtafel, of vanuit de dj-booth. Het betekende een ‘heruitvinding’ van onze groep.”

2 Concentreer, en wees vrij

„Op het podium ben ik me nergens van bewust. Ik vergeet alles. Ik voel- de me altijd al aangetrokken tot mensen die zich volledig kunnen concentreren. Dat wilde ik ook leren. Inmiddels weet ik hoe: voordat ik het podium opga, neem ik alle details van de show een aantal keer door in mijn hoofd. Ik bedenk wanneer ik wat doe, waar de overgangen zitten. Als ik vervolgens het toneel opstap, gooi ik al die kennis van me af. Zo lukt het me ‘los’ te voelen en te reageren op wat zich per moment voordoet. Het was een les van Miles Davis: ‘Concentreer je, maar wees vrij’.”

3 Wees perfectionistisch...

„Als we op tournee gaan, nemen we zo mogelijk een eigen geluidsin- stallatie mee. We hebben een geluidssysteem ontworpen dat onze muziek het best weergeeft. Dat moet ook wel, want soms spelen we in een oude fabriek, dan weer in een klassieke concerthal.

„Perfectie is vooral een karaktertrek van Rick Smith. Hij produceert de muziek, doet uitputtend onderzoek naar de details van het geluid. Ik ben spontaner, ik reageer op hem en op de behoeften van het publiek bij het concert.”

4 ...maar blijf naïef

„Rick heeft net een grote analoge synthesizer gebouwd, samenge- steld uit modules. Als ik in onze studio kom, heeft hij meestal net weer een nieuw geluid uitgevonden. Dat wordt dan het uitgangspunt voor de nieuwe track. Persoonlijk speel ik graag instrumenten waar ik niet goed in ben. Voor onze nieuwe nummers is dat het ‘laptop keyboard’. Ik ben al niet goed op het keyboard, maar de laptopversie is helemaal lastig. Vorig jaar werkte ik samen met Brian Eno. Ik speelde gitaar in een door hem bedachte bijzondere ‘stemming’, waardoor ik niet wist waar de toonladders zaten. Daardoor speel ik in een naïeve stijl, dat is prettig. Ik speel al vijftig jaar gitaar, dan is het moeilijk om niet slim en kundig te willen zijn.”

5 Dans niet te vroeg

„Het klinkt als een contradictie: je maakt dansmuziek, maar tijdens het maken mag je niet dansen. Dat kost te veel energie. Rick en ik werken nu aan een nieuwe cd maar terwijl we daarmee bezig zijn, hoor je eigenlijk weinig. Een track begint bij ons met zachte geluiden. Daar wordt eindeloos op door gewerkt, tot het een dancy nummer is.

„In de studio dans ik nooit, daar ben ik me te bewust van mezelf. Ik dans pas bij de optredens. Is dat tegenstrijdig? Het podium vind ik een intieme omgeving. Het concert is een viering, de uitwisseling van positieve energie, met anderen. Als het goed gaat, vang ik die energie op en vertaal ik die in klank en beweging. Dan ben ik me niet bewust van mezelf. Ik ben vrij.

„Ik weet nog hoe het was in die tent op Lowlands, in 1995. Het geloei dat opsteeg uit de kelen, de eensgezinde cadans van lichamen. Het is een beeld dat ik nooit zal vergeten: de mensen, de muziek, en Rick en ik op het podium die als antennes de vibraties uit de lucht pikten.”