Vraag je om water, bellen ze de politie

In Hongarije krijgt de groep Syrische vluchtelingen van Mazen geen hulp.

Onderweg van Servië van Hongarije, de ongeveer 20 kilometer lange reis duurde de hele nacht. Foto Matthew Cassel Foto Matthew Cassel

Nee, deze route was echt geen goed idee. De vluchtelingen die nu ergens in het bos zitten aan de Hongaarse kant van de grens, kunnen zich wel voor het hoofd slaan. Hadden ze gisteren maar niet geluisterd naar die Syrische man met zijn cowboyhoed, die hen dez e kant op heeft gestuurd.  

De groep heeft de hele nacht gelopen van Servië naar Hongarije: zo’n 20 kilometer (zie video hierboven). Maar de plek waar ze 's ochtends uitgeput zijn aangekomen, biedt geen uitweg. In Hongarije zijn twee zaken van belang: aan de politie ontsnappen en een taxi vinden om zo snel mogelijk uit het grensgebied weg te raken. Maar hier is de politie overal en taxi’s komen niet.  

Bij het benzinestation op de snelweg komen twee jongens aangewandeld, wellicht zijn het Syriërs. Zonder rugzak: die gooi je weg om er niet als vluchteling uit te zien. Ze doen hun best om er nonchalant uit te zien, maar het duurt nog geen minuut of ze worden aangehouden door een politiepatrouille.

Zelf ben ik inmiddels via de officiële grens aangekomen in Hongarije. Samen met activist Mark Kekesi ga ik water en eten kopen. We droppen de bevoorrading bij een locatie die de groep via Whatsapp heeft doorgegeven. Een jongen uit de groep springt op uit het struikgewas en verdwijnt met een haastig ‘dankjewel’ weer het bos in.

Foto Matthew Cassel.

De politie pakt ze op

„De regering heeft de mensen zodanig opgezet tegen vluchtelingen dat ze denken dat ze naar de gevangenis gaan als ze hen water geven”, zegt Kekesi, een universiteitsprofessor en plaatselijk coördinator van MigSzol, een organisatie die zich inzet voor asielzoekers. Later zullen mensen uit de groep vertellen dat zij bij Hongaren hebben aangebeld om water te vragen, maar dat die in plaats daarvan de politie hebben gebeld. 

Andere leden van de groep zitten dan al in het tentenkamp in Szeged. Zoals verwacht hebben de families met kinderen de strijd snel opgegeven. Ze zijn met hun handen in de lucht naar de politie gelopen. Anderen zijn van de weg geplukt.

Wat in Hongarije gebeurt, beïnvloedt de asielaanvraag later in Duitsland. Volgens het Dublin-akkoord kan Duitsland asielzoekers terugsturen naar Hongarije, als daar vingerafdrukken van hen zijn genomen. Ook al gebeurt dat in de praktijk zelden: vorig jaar stuurden andere EU-landen 827 asielzoekers terug naar Hongarije; slechts 42 kwamen uit Duitsland.

Halah, haar dochter Zeina en nichtje Ghaitha ontsnapten niet aan de vingerafdruk. Dat ging zo. Halah had geprotesteerd in het kamp. Ze weigerde in een tent te slapen. Waarom kon ze niet naar een hotel? De politie stopte haar, Zeina en Ghaitha in plaats daarvan in een politiecel. Hetzelfde gebeurde later met ‘dokter’ Samer en zijn kinderen. (Een van zijn kinderen heeft verraden dat Samer helemaal geen dokter is, maar gymnastiekleraar.)

Nu zitten hun vingerafdrukken in de Eurodac-database die door alle EU-landen kan worden geraadpleegd. Het lijkt erop dat de Hongaarse politie de vingerafdruk soms als straf hanteert tegen wie lastig doet. Anderen mochten vertrekken zonder dat vingerafdrukken zijn genomen. Of alleen op papier, zodat ze niet automatisch in Eurodac belanden.

Foto Matthew Cassel.

Hongarije is de 110.000 asielzoekers die het dit jaar al heeft geregistreerd liever kwijt dan rijk. Daarom is het een muur aan het bouwen langs de Servische grens. Mede door de overheidspropaganda hebben veel Hongaren geen goed woord voor asielzoekers over. „U gaat toch de waarheid schrijven, hè?” zegt een vrouw op het treinstation van Szeged. „Het zijn allemaal terroristen die ons gaan onthoofden.” 

Van de vluchtelingen in het bos, keren er twee terug naar Servië om het opnieuw te proberen. Een deel lukt het om te ontsnappen naar Boedapest, zonder zich te registreren. Daar moeten zij smokkeltaxi’s vinden voor de laatste etappe: de reis naar Duitsland.