Verkrachting als uitgekiende strategie

Op Twitter zag ik weer een paar vreselijke foto’s uit de islamitische heilstaat. Geen bloed, maar ze maakten op mij nog meer indruk dan de afbeeldingen van onthoofdingen en andere vormen van executies die ze daar weten te bedenken. Of beginnen die al te wennen? Dit waren foto’s van Assyrische vrouwen die te koop stonden. Als seksslavin.

Degene die de foto’s had geplaatst was niet de maker ervan of iemand die ermee sympathiseerde, maar een journalist die de wereldleiders wil wakker schudden. De vrouwen hielden een papier vast, met hun naam. Ze hadden kleine kinderen bij zich. Een jongetje keek woest in de camera. Ik weet niet wat die kinderen voor toekomst hebben. Worden ze tot hoofdafhakkers geïndoctrineerd? Of straks met een bomvest om in een menigte opgeblazen?

De foto’s maakten des te meer indruk op me omdat ik net in de International New York Times een verschrikkelijk artikel had gelezen over de institutionalisering van verkrachting in die islamitische heilstaat. Op zich weten we dat allang, want de kalief heeft er nooit een geheim van gemaakt. In zijn glossy Dabiq van oktober 2014 werd uitvoerig uitgelegd dat het ontvoeren van niet-islamitische vrouwen om ze als seksslavin te gebruiken geheel conform de islamitische traditie is. Althans in de interpretatie van de kalief.

Maar de auteur van het Times-artikel, Rukmini Callimachi, maakte de theorie aanschouwelijk. Ze had 21 yezidische vrouwen en meisjes gesproken die waren ontsnapt of vrijgekocht, en liet hen in detail vertellen over seksslavernij in de praktijk. Over hun gevangenschap en verkoop, soms via de groothandel. De selectie door potentiële kopers. De bureaucratie eromheen. De verkrachting zelf, van kinderen soms; hoe de daders uitlegden dat die hen dichter bij God bracht.

In tijd van oorlog zijn verkrachtingen altijd aan de orde van de dag. De Japanse ‘Verkrachting van Nanking’ in 1937-’38. Sovjet-militairen na de bezetting van Berlijn aan het einde van de Tweede Wereldoorlog. Nederlandse soldaten in Indië, zo hebben we dit weekeinde nog in deze krant gelezen. Systematische verkrachting van Bosnische moslimvrouwen in de Bosnische oorlog. Meer recent in Congo. In het algemeen door alle gezindten en niet zozeer als een soort overwinnaarsrecht of wraak in tijd van chaos, maar juist als uitgekiende militaire strategie. Als instrument van terreur en vernedering of van etnische zuivering en genocide. Doorgaans straffeloos.

Dat is helemaal de kalief zoals we hem hebben leren kennen: met de ziekste gruweldaden de tegenpartij intimideren. Vrijdag werd bekend dat hijzelf behalve yezidische meisjes ook de Amerikaanse gijzelaarster Kayla Mueller had verkracht. Ik denk niet dat hij religieuze gedachten koesterde. Ik blijf erbij dat hij niets anders is dan een incarnatie van Saddam Hussein, of andere tirannen van dit allooi. Saddam is wél gestraft, al heeft zijn verwijdering verder weinig goeds opgeleverd. Laten we de kalief begaan?