Ook aanslagen zijn een toeristische attractie

De bom die maandag in Bangkok afging, was gericht op toeristen. Een nachtmerriescenario voor de Thaise regering: toeristen die wegblijven. Maar sommigen komen juist op de rampplek af.

Groepen toeristen willen alweer naar het Grand Palace in Bangkok. Een bomaanslag doodde maandag zeker twintig mensen in de stad. Foto Chaiwat Subprasom/Reuters

Van achter de omheining richt Sebastian Lück de lange lens van zijn camera op een agent die de wacht houdt bij het hindoeïstische heiligdom Erawan. Hij hoorde zondagavond onweer, dacht hij. Later kreeg hij een appje van zijn vrienden: het was een aanslag. Ruim twintig mensen zijn dood. „Vreemd. Het is iets vreselijks en toch wilde ik het zien”, zegt de 26-jarige Duitser uit Düsseldorf die in Thailand Engelse les geeft. „Ik voelde mij altijd veilig in Bangkok. Maar ik merkte vandaag dat ik in de skytrain zat en goed keek of mensen hun tas wel meenamen. Wantrouwen sluipt erin”, zegt Lück.

Massaal kwamen toeristen gisteren af op de plek van de aanslag. Een Engelssprekende man van in de veertig wijst en legt aan zijn zoontje, hooguit tien, uit waar het hek staat waar de bom is ontploft. Ook aanslagen zijn een toeristische attractie.

Het is een nachtmerriescenario voor de Thaise regering, voor de hotels en ook voor de meisjes in de striptenten en massagesalons in Soi Cowboy: toeristen die liever wegblijven uit Bangkok. Wie gisteren de kronkelende slang van toeristen in de aankomsthal in de rij voor de paspoortcontrole op Suvarnabhumi Airport zag, zal zich op de korte termijn weinig zorgen maken. Het is hoogseizoen en uit Europa, de Verenigde Staten en China stromen de bezoekers toe. Circa 24 miljoen toeristen zullen Thailand dit jaar aandoen.

De Thai weten echter dat binnen- en buitenlandse ontwikkelingen wel degelijk invloed hebben op de aantallen toeristen. „Dit is slecht nieuws. Toeristen moeten Thailand leuk vinden. Ze moeten niet denken dat wij altijd maar vechten”, zegt een tuktuk-chauffeur van middelbare leeftijd, hij staat geparkeerd voor de ingang van het glimmende CentralWorld-winkelcentrum.

Toeristen mogen niet bang zijn

Toeristen mogen zich niet angstig en bedreigd voelen. Dat leek gisteren het devies van de Thaise autoriteiten. Als de toerismesector instort, zullen minder Thai de autocratie van juntaleider Prayuth Chan-ocha stilzwijgend accepteren. Op straat waren geen soldaten verscholen achter machinegeweren te bekennen, zoals tijdens de staatsgreep in mei vorig jaar. Er lopen zelfs geen extra politieagenten door de stad. Het kruispunt waar de aanslag plaatsvond is in de loop van de dag weer opengesteld, net als het aangrenzende station van de skytrain.

Dat alles is opmerkelijk. De politieke en maatschappelijke onrust van het afgelopen decennium, die resulteerde in staatsgrepen, eindeloze demonstraties, rellen en schietpartijen, ging grotendeels langs toeristen heen. Alleen toeristen die het eind 2013 tijdens rellen in de regeringswijk van Bangkok stoer vonden om op hun teenslippers een selfie te maken met een uitgebrande gepantserde wagen van de ME kregen wat achtergebleven traangas in hun ogen.

Sinds maandagavond is dat anders. De bom die bij het hindoeïstische heiligdom in het hartje van Bangkok, tussen de luxehotels en winkelcentra, afging was gericht op toeristen. Onder de meer dan twintig doden bevonden zich Chinese, Britse, Filippijnse, Indonesische, Singaporese en Maleisische toeristen (vier leden van één familie).

„Staar je niet blind op de afwezigheid van ordehandhavers”, zegt Thaweewat Jerachitti, een vermogensbeheerder die dagelijks langs het heiligdom Erawan loopt op weg naar kantoor. „Duizenden camera’s houden alles hier nauwlettend in de gaten.” Die camera’s hebben maandag misschien een verdachte — een jongen met een geel shirt en een rugzak — vastgelegd, maar konden niet voorkomen dat de bom afging. De veiligheidsdiensten hebben jammerlijk gefaald, klinkt het her en der in Bangkok.

Ook Thaweewat heeft gehoord over de man die gisteren een granaat van de brug gooide. Hij fronst. „Dat Thailand verdeeld is, is tot daar aan toe. Maar dit geweld op toeristische plekken mag niet escaleren. Wie je ook bent, waar je ook vandaan komt: geweld tegen gasten hoort niet bij ons land.”