In Alphen kunnen ze rustig gaan slapen

De bouwers die betrokken waren bij het ongeluk in Alphen aan den Rijn stellen een steunfonds in.

„Bewoners kunnen met een gerust hart gaan slapen, hun schade is gedekt”, zegt Sander van Putten, de woordvoerder van aannemer Mourik, het bedrijf dat betrokken was bij het ongeluk met de hijskranen in Alphen aan den Rijn. Het bedrijf stelt met twee andere betrokken bouwers een steunfonds in voor Alphense bewoners die getroffen zijn. Het heeft een omvang van 1,25 miljoen euro.

Achttien woningen in Alphen aan den Rijn werden begin deze maand onbewoonbaar doordat er twee hijskranen bovenop vielen. De gemeente heeft aannemerscombinatie Mourik/ BSB Staalbouw aansprakelijk gesteld, maar het kan lang duren voordat is uitgemaakt wie verantwoordelijk is voor het ongeval.

Om inwoners daar niet op te laten wachten komen de bedrijven met een hulpfonds. Bewoners kunnen uit dit fonds de eerste rekeningen betalen. „Je moet denken aan kosten voor het leggen van dakpannen of het repareren van een kozijn”, zegt woordvoerder Van Putten. „We willen de vaart erin houden en zorgen dat bewoners zo snel mogelijk naar huis kunnen.”

Zo ver is het nog lang niet. De hijskranen, het brugdek en het puin zijn nog niet weggehaald, omdat eerst wordt bekeken hoe de ravage kan worden opgeruimd zonder dat het puin gaat schuiven en de schade groter wordt. De berging begint waarschijnlijk in september en zal zo’n twee maanden duren.

De uiteindelijke schade zal veel meer bedragen dan de 1,25 miljoen euro die in het fonds zit, zegt Natascha van Rijn, eigenaar van een van de getroffen huizen. Alleen al de schade aan haar huis bedraagt meer dan een miljoen, heeft haar verzekeraar berekend. „Het idee voor een hulpfonds is prima, maar met 1,25 miljoen kun je niet oplossen wat hier is gebeurd”, zegt Van Rijn. Ze verhuurde haar pand aan een winkelier die boven de winkel woonde. Nu is het volledig verwoest. De winkelier woont voorlopig bij zijn ouders en heeft nog geen nieuw winkelpand kunnen vinden.

De 65-jarige mevrouw Van Ellinkhuizen, wier 19de-eeuwse huis is getroffen door het ongeval, woont tijdelijk in bij haar middelste zoon. „Gaat prima”, zegt ze, „maar dat kan je ook geen twee jaar volhouden. Visite en verse vis blijft maar drie dagen fris, zei mijn moeder altijd.” De nieuwe woonruimte waar ze naar op zoek is, krijgt ze betaald uit haar opstalverzekering.

Aannemer Mourik is zich ervan bewust dat het hulpfonds mogelijk niet alle schade dekt. Dat is ook niet nodig, zegt woordvoerder Van Putten, want uiteindelijk zal de verzekeraar de schade vergoeden.

Het hulpfonds is bedoeld als voorschot. Volgende week wordt de beheerder van het fonds benoemd, die voor iedereen de schade gaat beoordelen. Volgens Van Putten zal de beheerder iemand zijn die „vertrouwen geniet bij de gemeenschap”.