Een kind kan het leren

De Finse Linda Liukas schreef een kinderboek om jonge kinderen te leren programmeren. Ze lezen een spannend verhaal en leren intussen problemen oplossen.

Brechtje

Een avonturenboek voor kinderen van vier tot zeven jaar over programmeren. Daarmee wist de Finse Linda Liukas (29) een onvermoede behoefte aan te boren. Met haar crowdfunding-campagne via Kickstarter haalde ze vorig jaar 380.747 dollar op, veel meer dan de gevraagde tienduizend. Inmiddels is Hello Ruby verschenen in het Fins. De Engelse versie verschijnt dit najaar, de Nederlandse in maart 2016.

Luikas is één van de hoofdsprekers op ScratchAms2015, een congres over de kinderprogrammeertaal Scratch die is ontwikkeld door Mitchel Resnick van het Amerikaanse technologie-instituut MIT. Methoden om kinderen te leren programmeren staan in de belangstelling. In een wereld waarin computers en apps een steeds grotere rol spelen, wordt programmeren langzaam maar zeker een essentiële vaardigheid.

In het boek van Liukas staat programmeertaal Ruby on Rails centraal. Liukas is een kleine, rap sprekende en goedlachse vrouw met een rugzakje, wit zomerjurkje en gele schoenen (waarvan een met losse veter).

Het boek is af!

„Yes!” Liukas bladert door kleurige pagina’s vol vossen, pinguïns, robotjes en een roodharig meisje.

„Het gaat over een meisje, Ruby, dat door haar vader op ontdekkingstocht gestuurd wordt om edelstenen te zoeken, met een aantal hints. In het begin heeft ze geen idee waar te beginnen, maar gaandeweg begrijpt ze dat grote problemen vaak bestaan uit een heleboel samengeklonterde kleine problemen.

„Ik wil dat kinderen het boek kunnen lezen als een grappig en spannend verhaal, maar intussen ook leren hoe je problemen kunt oplossen, zoals je dat doet bij het schrijven van computercode.

„Niet alles lukt zoals Ruby het had bedacht, maar uiteindelijk komt het natuurlijk goed. Kijk, hier maakt ze een ladder met stukken hout die ze eerder voor een vlot gebruikte: je kunt verschillende dingen bouwen van dezelfde onderdelen. En hier merkt ze dat een idee niet werkt. Ze moet iets nieuws verzinnen en doorzetten.”

Hello Ruby heeft 68 pagina’s en dan zijn er nog oefeningen. Best veel voor een boek voor vier- tot zevenjarige kinderen.

„Het is wat uit de hand gelopen. Toen ik aan de Kickstartercampagne begon, dacht ik aan een hobbyproject van dertig pagina’s. Maar mijn ambities werden steeds groter. Ik was nogal naïef over hoeveel werk het zou zijn.”

Er zijn toch al duizenden handboeken over computertalen?

„Ja, maar niet voor kinderen. Als ik me bedenk hoe ik zelf heb geleerd over zaken als vriendschap en familie, merk ik dat ik vaak teruggrijp naar kinderboeken: Calvin & Hobbes, Pippi Langkous, de Finse Muumin-verhalen. Ik had zelf als kind ook wel een boek willen lezen dat me had laten inzien dat de wereld van computers ook voor mij was.”

Wat bedoel je met ‘ook voor mij’?

„Volgens mij heeft programmeren twee kanten. Eén kant bestaat uit intellectuele uitdagingen: logica, wiskunde, abstractie, het diep doorgronden van een probleem. De andere kant is expressie, creativiteit, programmeren als manier om iets moois te maken. Die laatste kant ligt mij meer”

„Bij leren programmeren wordt vaak de nadruk gelegd op de abstracte kant. Niemand vertelde me dat programmeren ook vergelijkbaar is met tekenen, muziek en taal. In mijn boek wilde ik beide kanten laten zien en een brug slaan tussen die twee benaderingen.”

Hoe doe je dat?

„Inhoudelijk, door te laten zien dat programmeren intellectueel uitdagend is, maar ook creatief en gewoon leuk.

„Daarnaast heb ik geprobeerd de systematische aanpak van programmeren te gebruiken voor het creatieve proces van het maken van een boek. Soms werkt een illustratie gewoon niet, zonder dat je precies de vinger op de zere plek kunt leggen. Terwijl: als je code niet werkt, is dat meteen duidelijk. Dan heb ik mijn debug-lijstje al paraat: is er iets met variabelen, een missende puntkomma, enzovoort.

„Daarom heb ik een debug-lijstje opgesteld voor niet-werkende illustraties. 1. Kun je iets aan het perspectief doen? 2. Ligt het aan de proporties? 3. Ligt het aan de kleuren? Enzovoort. Dat lijstje hing naast mijn computer. Tekeningen laten zich prima debuggen.”

Hoe ben je als kunsttype in de computerwereld terechtgekomen?

„Toen ik vijftien was, was ik verliefd op de Amerikaanse presidentskandidaat Al Gore. Haha! Ik denk dat ik speciaal wilde zijn. Ik had al een Al Gore-plakboek en wilde ook een website over hem maken. Zo kwam ik voor het eerst in aanraking met programmeren: PHP, HTML.

„Later kwam ik via een uitwisseling bij de Amerikaanse universiteit Stanford terecht, midden in Silicon Valley. Daar volgde ik een vak over de programmeertaal Ruby on Rails, waarmee je snel webapps kunt maken. Het klikte, ik was meteen verliefd op Ruby. Ik wist: hier wil ik verder mee.

„Nog weer later ben ik me Ruby gaan voorstellen als een zesjarig meisje, aan wie ik dan programmeerproblemen uitlegde. Ik maakte daarvan tekeningen, die ik publiceerde op mijn Tumblr-account. Daar kreeg ik veel positieve reacties op. Zo ontstond het idee voor dit boek.”