Achmea krijgt het als zorgverzekeraar beter

De lage rente is een kwelling voor verzekeraars. Gelukkig kan Achmea in de zorg risico’s op ziekenhuizen afschuiven.

Foto ANP

Wel de tent, maar geen dividend. De aandeelhouders van Vereniging Achmea – dat zijn voornamelijk Vereniging Aegon (65 procent) en Rabobank (29 procent) – lopen wel risico maar krijgen geen rendement. De verzekeraar keert geen dividend uit, zo werd gisteren bekend bij de publicatie van de halfjaarcijfers.

Het past bij de gure wind waarmee verzekeraars te maken hebben: de extreem lage rente holt hun kapitaal uit. Om te berekenen welke buffers vandaag nodig zijn voor verplichtingen in de toekomst is de prijs van geld bepalend. En dat is de rente: hoe lager die is, hoe hoger moeten de reserves van verzekeraars zijn om aan verplichtingen in de toekomst te voldoen.

Beleggers vonden de financiële gezondheid van Aegon en Delta Lloyd eerder deze maand tegenvallen. Hun halfjaarresultaten resulteerden in koersdalingen. Bij Achmea zijn de reacties niet zo makkelijk af te lezen, want het financiële conglomeraat is niet beursgenoteerd.

Wel is duidelijk dat de buffers van Achmea groeiden, mede door geen winst uit te keren. Het eerste halfjaar maakte Achmea 272 miljoen winst, maar keerde het geen dividend uit. De buffers van Achmea kwamen een stuk hoger uit boven de minimumeis van de toezichthouder dan eind vorig jaar.

Maar Achmea kijkt slechts met een half oog naar die minimumeis. De verzekeraar let meer op de nieuwe Europese kapitaalnormen die vanaf 2016 gaan gelden. Vanaf dan wordt de ondergrens op een andere manier berekend. „Daar zijn wij een groot voorstander van”, zegt financieel directeur Huub Arendse in een telefonische toelichting. De nieuwe norm, Solvency II, is weliswaar complex, maar legt volgens Arendse een veel betere relatie tussen de risico’s die een verzekeraar loopt en het kapitaal dat je daarvoor moet aanhouden.

Juist Achmea zegt daar baat bij te hebben. De verzekeraar is de grootste schadeverzekeraar en grootse zorgverzekeraar van Nederland. Die vormen van verzekeren zijn minder risicovol dan inkomensverzekeringen en pensioenpolissen die op veel langere termijn lopen en daardoor gevoeliger zijn voor de rente. Achmea heeft minder last van de lage rente dan concurrenten, maar de oude kapitaaleisen corrigeren hier onvoldoende voor.

Juist in de zorg is het fijn voor Achmea als toezichthouders beter rekening houden met de risico’s die aan elkaar doorgeschoven worden. Minister Schippers (Zorg, VVD) heeft de afgelopen jaren stap voor stap meer risico’s van de Staat naar zorgverzekeraars overgeheveld. Mede daardoor kampt het kabinet minder vaak met tegenvallers op de Rijksbegroting.

Zorgverzekeraars zijn de financiële risico’s op hun beurt gaan afwentelen op de artsen en de verzekerden. Achmea, bekend van merken als Zilveren Kruis, FBTO en Interpolis, spreekt jaarlijks met ziekenhuizen plafonds af hoeveel zorg zij mogen leveren. Als de ziekenhuizen meer patiënten helpen dan afgesproken, is het financiële risico voor het ziekenhuis. Waarom zou een verzekeraar grote buffers moeten aanhouden met zulke comfortabele afspraken? Volgens Arendse schelen deze correcties „honderden miljoenen” op het vereiste kapitaal.

De verzekeraar die groot werd door een lange reeks overnames is intern aan het reorganiseren. De afhandeling en verkoop van polissen moet minder via papier lopen. Er verdwijnen duizenden banen.

De top zit ook niet stil: twee van de zes bestuursleden vertrokken de afgelopen maanden. Danny van der Eijk verliet het concern om onduidelijke redenen. Jeroen van Breda Vriesman vanwege een strafrechtelijk onderzoek.

Justitie onderzoekt of Achmea gerommeld heeft met huurcontracten bij zijn inmiddels verkochte fitnesscentra waarvoor Van Breda Vriesman eindverantwoordelijk was. „De duur van het onderzoek was voor Jeroen aanleiding om terug te treden”, zegt Arendse. Of er vertrekvergoedingen zijn uitgekeerd? Dat kunnen geïnteresseerden volgend jaar mei in Achmea’s beloningsrapportage lezen.