Ze willen er zo Europees mogelijk uitzien     

In het noorden van Servië, op weg naar Hongarije, lopen de gezinnen met kinderen voorop. Als de politie komt, kunnen de jongemannen makkelijker ontsnappen.

De vluchtelingen in het centrum van Kanjiza. Foto Matthew Cassel.
 

Noman, Abeer en hun twee kinderen zijn weg. Ze gaan op eigen houtje proberen Duitsland te bereiken. Dat ging zo. In het Dream Hostel in Belgrado was niet genoeg plek om elke familie een eigen kamer te geven. Daarom werd besloten de kamers anders te verdelen: één voor de mannen, één voor de vrouwen, één voor de kinderen. Noman was het daar niet mee eens. Hij wilde zijn geld terug. 

Er ontstond een hoog oplopende ruzie waarin Noman de rest ervan beschuldigde dat ze partij tegen hem kozen omdat hij een sunniet is uit Aleppo. De meeste mensen in de groep, onder wie Nomans vrouw Abeer, zijn ismaëlieten uit Salamiya.

Het is niet de enige scheidslijn die door de groep loopt. Sinds het begin zijn er spanningen rond Nesreen en Nerjes, en hun mannen Mohamad en Ahmed. Die zijn – anders dan de rest van de groep – strikt religieus. Ze bidden en vasten, anders dan de rest.

Het begon al op de rubberboot in Griekenland. Toen Mazen, de informele leider van de groep, Nesreen uit het bootje wilde helpen, sloeg haar man zijn hand weg. Mohamad beschouwt de anderen als ketters omdat ze drinken, iets wat hij regelmatig laat merken.

Mazen naait geld in zijn schoenen uit angst voor bandieten. Foto Matthew Cassel. 

Yara, de heavymetalmuzikante, wordt daar gek van. „Ik was voor iedereen in het hostel eten gaan kopen. Hij weigerde ervan te eten omdat ik een short droeg toen ik het ging halen.” 

Ghaitha, de 30-jarige luitspeelster, vraagt zich af waarom Mohamad zo graag naar Duitsland wil. „Ik denk dat hij gelukkiger zou zijn in Saoedi-Arabië.”

Overigens was de groep tijdens de busreis wel weer blij dat Mohamad en Ahmed mee waren. Toen de bus pech kreeg, waren zij het die hem weer aan de praat kregen.

2.000 euro voor een rubberboot

Op die busreis kwam nog meer onverdraagzaamheid naar boven. In Presevo had een alleenstaande christelijke vrouw uit Damascus zich bij de groep aangesloten met twee schattige jongetjes, Karam (13) en Christian (9). Christian had maar één eis toen ze op deze reis vertrokken: dat hij zijn haargel mocht meenemen. Zijn haar staat altijd steil overeind.

Mazen had medelijden met de vrouw, omdat zij in Izmir was bedonderd door hun eerste smokkelaar. Ze had de 2.000 euro voor de rubberboot voor haar en de kinderen een tweede keer moeten neertellen en zat daardoor bijna zonder geld.

Maar niet iedereen in de groep wilde haar erbij hebben. Mazen: „Iemand in de groep vond haar huidskleur te donker.” Met haar erbij zou de groep er minder Europees uitzien. Mazen legde de kritiek naast zich neer en de christelijke familie zit gewoon op de bus wanneer de groep ’s middags Belgrado verlaat in de richting van Kanjiza, het laatste stadje in Servië.

Het vertrek van de vluchtelingen uit Kanjiza. Foto Matthew Cassel. 

Bij aankomst blijkt het parkje in het centrum van Kanjiza volgelopen te zijn met vluchtelingen. Er wordt druk gediscussieerd over hoe ze van daar Hongarije kunnen binnenkomen. De groep raakt in gesprek met een andere groep Syriërs, die aangevoerd wordt door een man met cowboyhoed.

Normaal volgen de vluchtelingen de Tiszarivier van Kanjiza naar Szeged in Hongarije. Maar de man met cowboyhoed zegt dat daar net een vluchteling verdronken is en dat het er nu krioelt van de Hongaarse grenspolitie.

Er wordt besloten een nieuwe route te proberen, via het stadje Horgos. Ze moeten dan illegaal oversteken naar Hongarije, vlak bij de officiële grensovergang op de autosnelweg waarvan we weten dat er ellenlange files staan van Duitse Turken op weg naar of op de terugweg van vakantie in Turkije. Het lijkt een slecht plan, maar de beslissing is genomen. Omwille van geruchten dat er bandieten actief zijn in de regio, gaan de twee groepen samen lopen. Ze zijn nu met 110 man.

Kussay met gps. Foto Matthew Cassel.

Voor 300 euro mag je toch door

Dit was nooit de bedoeling, zegt de 25-jarige Firas. Naar Hongarije lopen doe je juist in kleine groepjes om niet meteen gezien te worden door de grenspolitie. „Soms denk ik dat ik deze reis beter alleen had kunnen doen”, zegt Firas. Maar hij en de andere jongemannen in de groep hebben nu besloten hun voordeel te doen met de situatie. „De gezinnen met kinderen gaan nooit aan de politie kunnen ontsnappen. Dus we gaan hen vooruit laten lopen en wanneer zij gearresteerd worden, maken wij van de verwarring gebruik om te ontkomen.”

De fotograaf en ik lopen mee tot het pikdonker is geworden. Dan laten we ons ophalen door een auto, die ons via de officiële grens naar Szeged brengt.

Later horen we dat de groep is tegengehouden door de Servische politie. Die eiste 50 euro per persoon of ze zouden iedereen terug naar Macedonië brengen. Mazen is erin geslaagd om af te dingen tot 300 euro voor de hele groep. Ze mogen doorlopen.