Helaas heeft Nederland ook het gas van de Noordzee nodig

Het hoeft geen betoog dat de aardgaswinning in Groningen op een zo laag mogelijk pitje moet worden gezet, gelet op de aardbevingen die daar zijn geweest en nog kunnen komen. En om geopolitieke redenen is de invoer van meer aardgas uit Rusland in elk geval op dit moment niet wenselijk.

Maar de energievoorziening van Nederland is voor ongeveer 50 procent afhankelijk van aardgas. Jammer, maar waar. Dus lijkt het niet logisch om ook een derde bron, de aardgasvelden in de Noordzee, maar verder on(der)benut te laten. Minister Henk Kamp (Economische Zaken, VVD) bepleitte dan ook vorige week het tegendeel. Omwille van energiezekerheid en onafhankelijkheid riep hij op om te onderzoeken hoe het Noordzeegas ook de komende jaren optimaal kan worden benut. Opzienbarend was dat niet. Bijvoorbeeld in de nota die het kabinet wijdde aan de nabije toekomst (2016-2021) van de Noordzee werd de winning van zoveel mogelijk olie en gas uit de velden tot prioriteit bestempeld. In oktober wees Kamp in een brief aan de Tweede Kamer op de noodzaak om gaswinning off shore verder te exploreren, met het oog op de noodzakelijke vernieuwing van de infrastructuur.

Volgens een schatting van TNO is er nog 118 kubieke miljard aan winbaar gas in de Noordzee te vinden en misschien 165 miljard kubieke meter in gasvelden die nog ontdekt kunnen worden. Dit klinkt als een grote voorraad, maar dat is het niet: alleen al in 2014 verbruikten huishoudens en bedrijven 38 miljard kubieke meter aardgas.

Toch kwam de oproep van Kamp hem meteen op kritiek te staan van de milieubeweging en in de politiek onder meer van coalitiepartner PvdA. Onbegrijpelijk is die kritiek niet en zeker niet het pleidooi dat Nederland sneller en op grotere schaal moet overschakelen op het gebruik van duurzame energie. Dus: minder fossiele brandstof. In alle objectiviteit droeg het Centraal Bureau voor de Statistiek daar vrijdag een extra argument voor aan. De uitstoot van CO2 in Nederland blijkt in het tweede kwartaal van dit jaar met 4,1 procent hoger te zijn dan in dezelfde periode vorig jaar. Onder meer een bijverschijnsel van economische groei.

Toch is het voorbarig om dan maar over te gaan op onderbenutting van het aardgas in de Noordzee. Daarvoor gaat de ontwikkeling van ‘groene’ energie te traag, hoe betreurenswaardig ook. Natuurlijk moet de minister zich hiervoor maximaal inzetten en zeker ‘fossiel’ via fiscale subsidie niet bevoordelen ten opzichte van ‘groen’. Maar evenmin kan hij zich een energietekort veroorloven. Bij de noodzakelijke energiediversificatie is het voorlopig én én. Het is te vroeg om te stellen dat Nederland wel zonder Noordzeegas kan.