Er was maar één doel: zo veel mogelijk slachtoffers

Bij de aanslag in Bangkok kwamen gisteren zeker achttien mensen om het leven. Autoriteiten houden er rekening mee dat de aanslag is gepleegd door een militante groepering die loyaal is aan de vorig jaar afgezette regering.

Thaise onderzoekers aan het werk bij de Erawan-tempel, de plek waar gisteren een aanslag werd gepleegd. Foto Athit Perawongmetha / Reuters

Tijdens de eindeloze demonstraties van tienduizenden Thai tegen de regering vorig jaar in het hartje van Bangkok was de Erawantempel een zeldzame plek van rust. Daar geen geschreeuw, geschal van microfoons en gekletter van rammelaars, maar de geur van wierook en het zachte schuifelen van bezoekers op kousenvoeten. Gisteren, om vijf minuten voor zeven in de avond, werd de tempel getroffen door een aanslag, waarbij minstens achttien mensen omkwamen, onder wie meerdere buitenlandse toeristen. Meer dan honderd mensen raakten gewond.

Aan de plek en tijdstip van de aanslag is af te leiden dat er maar één doel was: zo veel mogelijk slachtoffers. De Erawan-tempel — een Hindoetempel die de god Brahman vereert — wordt omringd door populaire toeristenhotels als het Intercontinental en het Grand Hyatt, winkelcentra als Central World en drukke skytrainstations als Chit Lom.

Op het moment van de aanslag was het er druk, met toeristen die flaneerden in de relatieve koelte van de avond en Thai onderweg naar huis na hun werk. Dat het augustus is, en dus zomervakantie in Europa, maakt dat er nog meer toeristen in het centrum van Bangkok lopen dan normaal gesproken. Onbevestigde berichten in Thaise media melden dat er in ieder geval tien Thai, drie Chinezen en twee Filippino’s om zijn gekomen. Er zijn geen Nederlandse slachtoffers, meldt de ambassade in Bangkok.

Journalisten ter plekke beschrijven hoe verminkte lichamen, ledematen en bloed op straat liggen, tussen puin en glas. Het gebied is afgezet door honderden agenten. De politie denkt dat de bom verstopt zat in een pijp in het tempelcomplex.

Twee scenario’s

Wie er achter de aanslag zitten is nog onbekend. In Thailand houdt men rekening met twee mogelijke scenario’s. In de zuidelijke provincies tegen de grens met Maleisië strijden islamitische rebellen al sinds de jaren zestig tegen het regeringsleger om autonomie. Deze opstand is bloederig. De rebellen plegen geregeld aanslagen op markten en op strategische legerposten in Zuid-Thailand. Tot nu toe bleef het geweld echter beperkt tot het zuiden van het land. Het is de rebellen nog niet gelukt een aanslag te plegen op een uiterst zichtbare en gevoelige plek, zoals in het hart van Bangkok.

Het andere scenario, waar de autoriteiten wellicht meer rekening mee houden, is dat een militante groepering loyaal aan de vorig jaar afgezette regering achter de aanslag zit. Als die mogelijkheid waarheid wordt, is de aanslag een nieuw dieptepunt in het politieke en maatschappelijke conflict dat Thailand sinds 2006 beheerst.

Militaire staatsgrepen

In dat jaar werd er massaal in Bangkok gedemonstreerd tegen de toenmalige premier en telecommiljardair Thaksin Shinawatra, totdat hij door het leger in een staatsgreep aan de kant geschoven werd. De stedelijke middenklasse van Bangkok, de Thaise elite (generaals, rechters, bepaalde zakenclans) en de armere bevolking uit het zuiden van het land vonden dat Thaksin corrupt was, vriendjespolitiek bedreef en verkwistende subsidies uitdeelde aan boeren in het noorden van het land in ruil voor politieke steun. In het noorden werd Thaksin juist gezien als een politicus die luisterde naar de wensen van de armen en armoedebestrijding serieus nam.

Electoraal konden Thaksin, en later zijn zus Yingluck, op een meerderheid rekenen. Hun politieke partijen hebben alle verkiezingen sinds 2001 gewonnen. Maar via militaire staatsgrepen of vonnissen van hoge rechters kwamen de regeringen toch ten val, zoals in mei vorig jaar.

Na driekwart jaar van massale protesten tegen de regering van Yingluck, schietpartijen en veldslagen tussen demonstranten en de politie, had bevelhebber Prayuth Chan-ocha er genoeg van.

De toen 60-jarige generaal was een paar maanden verwijderd van zijn pensioen maar zette toch de tanks op straat, sloot politieke kopstukken langdurig op, stelde de grondwet buiten werking en kondigde de noodtoestand af. Verkiezingen zouden pas mogelijk zijn, zo zei hij, na langdurige politieke hervormingen. Wat die hervormingen precies inhouden, los van een parlement benoemen dat totaal bestaat uit vazallen van het leger, is altijd schimmig gebleven. Wel schoof Prayuth de datum van verkiezingen en de terugkeer naar een gekozen burgerregering steeds verder naar achteren — van de tweede helft van dit jaar naar 2017.

Niet rustig en stabiel

Prayuth heerst over Thailand zonder genade. Oud-premier Yingluck werd vervolgd voor landsverraad en mag vijf jaar lang geen politiek bedrijven. Zelfs de plegers van de kleinste en meest onschuldige vormen van protest, zoals studenten die drie vingers in de lucht staken zoals in de Hunger Games, werden opgepakt. Nog nooit zijn er in Thailand zo veel mensen vervolgd voor majesteitsschennis en hebben ze zulke hoge straffen gekregen als het afgelopen jaar. Dit alles is nodig om Thailand rustig en stabiel te krijgen, betoogde Prayuth.

Lange tijd leek die redenering op te gaan. De coup was bloedeloos. Sinds het leger aan de macht was, was het kalm in Bangkok. Dat had deels te maken met het feit dat de bewoners van de Thaise hoofdstad de eindeloze betogingen beu waren, en deels met het feit dat Prayuth het verzet had gesmoord door de leiders vast te zetten. Wie achter de aanslag van gisteren zit, is nog onbekend. Wel is het duidelijk dat de bewering van juntaleider Prayuth, dat onder militair bewind Thailand een rustiger land is geworden, een totale illusie is.