Veiligheidsraad zet stap richting vredesproces Syrië

Beelden van de markt uit een door AP geverifieerde video van Shaam News Network. Foto AP / Shaam News Network

De Veiligheidsraad van de Verenigde Naties heeft zich vanavond unaniem geschaard achter een plan om een begin te maken aan vredesonderhandelingen voor Syrië. Alle leden steunden een verklaring waarin “intensieve verkennende gesprekken” worden bepleit. Die gesprekken moeten vanaf maandag beginnen.

Voor het eerst in twee jaar stemden alle landen, waaronder bondgenoot van Syrië Rusland, voor een dergelijk politiek plan. Voorheen was de Veiligheidsraad door de verschillende loyaliteiten diep verdeeld.

‘Geschokt door gebrek aan respect’

De stap komt na dodelijke luchtaanvallen van Syrische gevechtsvliegtuigen, gisteren op een drukke markt bij Damascus. De Verenigde Naties zijn van afschuw vervuld door de vele burgerdoden, heeft de humanitaire chef van de Verenigde Naties Stephen O’Brien vandaag gezegd. O’Brien noemde de aanvallen “onacceptabel”. Het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken heeft de bombardementen, waarbij 96 mensen omkwamen, “in de meest felle bewoordingen” veroordeeld.

“Ik ben geschokt door het totale gebrek aan respect voor mensenlevens in dit conflict”, zei O’Brien volgens persbureau AP. Hij waarschuwde dat de Syrische burgeroorlog niet alleen een bedreiging vormt voor de levens van miljoenen Syriërs, maar voor de stabiliteit van de hele regio. Hij zei bezorgd te zijn over de 4,6 miljoen Syriërs die niet weg kunnen uit bezette of bevochten gebieden.

Waterblokkade als wapen

Het geweld tussen Syrische troepen, rebellen en strijders van terreurgroepen als Islamitische Staat en Al-Nusra Front ging vandaag door, met tientallen doden en gewonden tot gevolg. Onder meer in kustplaats Latakia, waar Assad nog aan de macht is, wordt gevochten.

In hoofdstad Damascus hebben sommige rebellengroepen het water afgesloten. O’Brien beschuldigde hen ervan de watervoorziening te gebruiken als oorlogswapen. Het Syrische Observatorium voor de Mensenrechten telde vandaag zeven luchtaanvallen in Douma (zo’n 15 kilometer ten noordoosten van Damascus) en 22 in een gebied ten oosten van de hoofdstad.

De aanval op Douma was een van de dodelijkste sinds de aanvang van de burgeroorlog in maart 2011. Douma geldt als een bolwerk van de rebellencoalitie Jaysh al-Islam.

Aanklacht tegen Turkije

De Verenigde Naties schatten het aantal doden in het conflict op 250.000. Een lid van de Syrische Nationale Coalitie, een oppositiegroep die door het Westen wordt gesteund, zei dat van een politieke oplossing geen sprake kan zijn in het licht van de “dagelijkse moordpartijen” van het regime. Hij roept op tot vervolging van de verantwoordelijken bij het Internationaal Strafhof.

De Syrische minister van Justitie Najm El-Deen Ahmad liet aan AP weten dat hij zich daar geen zorgen over maakt. Hij verwacht geen aanklacht. “Het zijn de criminelen die zich druk zouden moeten maken”, zei hij, doelend op de oppositie. “Wij hebben bewijs van hun betrokkenheid”. Verder beschuldigde Ahmad Turkije ervan strijders op te leiden die misdaden plegen in Syrië. Zijn ministerie bereidt een aanklacht voor tegen Turkije. Die moet “in de komende maanden” worden ingediend bij nationale en internationale tribunalen.

Lees ook: Je hoeft geen arts te zijn om iets te betekenen, over vrijwilligers op het Griekse Lesbos die elke dag klaarstaan om bootjes met vluchtelingen te helpen.