Column

Exxxcuses

Ik liep over straat toen een toerist mij naar de X-en vroeg. Even dacht ik dat hij het over geslachtschromosomen had, maar hij doelde op het stadswapen van Amsterdam: drie verticale kruisjes. Ergens, ooit, had ik deze kennis opgeslagen, want het kwam: „Heldhaftig, Vastberaden, Barmhartig.”

Hij keek me aan alsof ik beweerde dat ik een leeuw was, terwijl hij een lam zag.

„Het is oud”, zei ik, een laf verweer.

Vorige week kwam NRC Handelsblad internationaal in opspraak, omdat er boven het stuk van VS-correspondent Guus Valk een kop stond met het n-woord; ‘Nigger, are you crazy?’ Het betrof een citaat uit één van de drie besproken boeken, maar in de krantenkop stond het n-woord niet tussen aanhalingstekens. Het excuusverweer van de krant luidde: helaas doen de kop en de illustraties (van een karikaturaal figuur met grote rode lippen) geen recht aan de genuanceerde strekking van het artikel.

Dat het artikel over anti-racisme geluid in de VS überhaupt ‘genuanceerd’ moest worden genoemd, lijkt me onderdeel van het probleem. Immers wordt er door witte auteurs (intellectuelen!) in Nederland nauwelijks betrokken of analytisch over anti-racisme geschreven, dus een andere insteek dan voorzichtig en aftastend lijkt me sowieso wat overmoedig.

Guus Valk gaf aan dat hij niet betrokken was bij de omkleding van zijn stuk. Koppen worden door de redactie bedacht, onder meer om het geheel van de krant te bewaken zodat de koppen niet te veel op elkaar lijken.

Misschien moeten journalisten voortaan hun eigen kop maken. Het is toch voornamelijk de auteur die met de kop in verband wordt gebracht. En doordat lezers vaker online zoeken, raakt een artikel steeds meer van zijn huismerk losgeweekt.

Wie op Blendle leest en een groot fan is van mijn collega Marcel van Roosmalen, stelt gewoon een alert in op zijn naam en kan hem altijd lezen zonder ooit te hoeven weten in welk medium zijn columns staan.

In Duitsland nam een tv-journalist het heft in eigen hand. Tijdens de nieuwsuitzending stak Anja Reschke een betoog af over het toenemend racisme in haar land. Ze waarschuwde haar kijkers dat het niet alleen bij woorden blijft – „er zijn brandstichtingen bij vluchtelingenkampen” – en ze eindigde met een oproep en formuleerde die slim negatief: „Als je niet vindt dat alle vluchtelingen profiteurs zijn die opgejaagd, verbrand of vergast moeten worden, laat je dan horen. Ga er tegenin. Doe je mond open.”

Als ik door Amsterdam loop, zijn de strijdlustige X-en gewoon kruisjes.

In de krant lees ik een excuus, maar ik hoor geen plan om de redactie diverser te krijgen.

Bedrijven en instituties zijn logger dan individuen.

Wie naar de mores van zijn huismerk handelt, staat meestal af te wachten.