Nu hebben nieuwe spelers ‘een krasje’

FC Twente leed een pijnlijke thuisnederlaag tegen ADO Den Haag (1-4). Na de stevige sanering moet de club dit seizoen „effe doorkomen.”

Robbert Schilder druipt af na de 1-4 nederlaag tegen ADO Den Haag. Foto ANP

Het is de competitiestart die Ted van Leeuwen vorige week al vreesde. „Natuurlijk maak ik me daar zorgen over”, zei de technisch directeur van FC Twente. De bevestiging kwam zaterdagavond in de tweede wedstrijd: een pijnlijke 4-1 thuisnederlaag tegen ADO Den Haag. Het boe-geroep klonk van de tribunes in de De Grolsch Veste. „Het is een beetje het effect van de ketchupfles. Eerst komt er niks, dan komt er weer niks, en dan alles. Dat zou nu ook kunnen gebeuren.”

Sinds tweeënhalve maand is Ted van Leeuwen - sikje, donkere bos haar, bril en een gebruind gezicht – de technisch manager van het in financiële nood verkerende FC Twente. Hij moet de Enschedese selectie zuiveren van onnodige spelers en hoge salariskosten. Hij tekende voor drie jaar, zijn driejarenplan is helder: overleven, stabiliseren en uitbouwen. Beetje laconiek: „Kijk als we dit jaartje effe doorkomen, financieel en sportief. Ach, na volgend jaar, en zeker het jaar erna, dan zijn er een hoop problemen weg.”

Van Leeuwen heeft een zware taak, al zie je het niet aan hem af – geen gezucht, geen zorgelijke blik. Hij is saneerder en technisch manager tegelijk. Twente moet deze zomer zoveel mogelijk miljoenen peuren uit de verkoop van spelers. Het doel: tien miljoen euro binnenhalen met transferopbrengsten. Van Leeuwen knikt, dat is gelukt. Veertien spelers vertrokken tot nu toe, van wie spits Luc Castaignos (naar Eintracht Frankfurt), de Deense verdediger Andreas Bjelland (Brentford) en verdediger Cuco Martina (Southampton) de bekendste zijn.

Het nieuwe Enschedese realisme in het post-Munsterman-tijdperk is ook zichtbaar in de salarishuishouding. 35 procent moet er bezuinigd worden op de salariskosten. Ook dat doel is zo goed als gehaald, vertelt Van Leeuwen. „Het mes is van de keel. Dat wil niet zeggen dat FC Twente off the hook is, maar het dreigen dat de club meteen zou kunnen omvallen is weg.”

Twente moet shoppen zonder geld

Twente krabbelt voorzichtig weer op na het rampseizoen – waarin de financiële wanorde zich openbaarde en de club zes punten in mindering kreeg voor het niet nakomen van afspraken voor financieel herstel. In Groningen begon vorige week de rehabilitatie van de gevallen landskampioen van 2010. Tegen FC Groningen bleef de schade beperkt tot een gelijkspel.

Maar zaterdagavond was ADO te sterk voor het aanvallend tandeloze Twente. „Het lijkt wel alsof we doorgaan op de lijn van vorig jaar”, zei aanvoerder Hakim Ziyech tegen de NOS, verwijzend naar naar de slechte tweede helft van het afgelopen seizoen.

Twente is zichtbaar kwaliteit verloren, maar de ploeg is niet kaalgeplukt, zoals gevreesd werd. Van Leeuwen is gebonden aan de penibele financiële situatie, geld om nieuwe spelers te kopen is er niet. Wel lukte het om vier veelbelovende spelers te halen, drie op huurbasis, één kwam transfervrij over.

Daarbij handelde Van Leeuwen handig. Twee verhurende clubs betalen het grootste deel van het salaris door, het gaat om de Ghanese buitenspeler Thomas Agyepong (gehuurd van Manchester City) en de Nigeriaanse spits Michael Olaitan (van Olympiakos). De andere twee aanwinsten vormen een Grieks-Braziliaans verdedigingsduo: de transfervrije Giorgos Katsikas en de van Napoli gehuurde Bruno Uvini.

„Een aantal van die jongens heeft een poosje niet gespeeld. Er zit altijd een kras op”, zegt Van Leeuwen. „Dat moet je eruit krijgen, daarin zijn we gespecialiseerd.”

Het is een categorie spelers waar hij noodgedwongen naar moet zoeken. „Dit jaar moeten we echt overleven. Volgend jaar is er al iets meer ruimte, en in het derde jaar vallen er een hoop fondsen weg die we nu nog moeten betalen. Dan kunnen weer een normale club worden.”

Tot die tijd moet hij creatief zijn, als troubleshooter in de puinhoop die achterbleef na het financiële wanbeheer onder leiding van de vertrokken voorzitter Joop Munsterman. Van Leeuwen, oud-voetbaljournalist, weet hoe het is om bij een turbulente club te werken: hij was technisch directeur van Vitesse (van 2010 tot en met 2013), toen de club overgenomen werd door de Georgische zakenman Merab Jordania en zijn Russische financier Aleksandr Tsjigirinski.

Zoekt hij ze op, de lastige klussen? „Ze komen bij mij”, lacht hij. „Ik vind het geweldig, vooral de complexiteit van de situatie waarin Twente zit is leuk.”

Intern is de rust terug bij Twente, zegt Van Leeuwen. Ook rond de positie van trainer Alfred Schreuder. Een groot deel van de supporters en sponsors riep eind vorig seizoen op tot zijn vertrek. Hij bleef, Van Leeuwen steunt Schreuder. „Ik ken Alfred al lang, hij is een uitstekende trainer. Ik heb gecheckt bij spelers hoe de relatie is tussen de trainer en zijn spelers. Hij stond er goed op. Dat was voor mij genoeg.”