Twee giganten, één job, vele problemen

Voorafgaand aan de WK in Beijing wordt woensdag de voorzitter van de mondiale atletiekbond gekozen. Over de clash tussen kandidaten Sebastian Coe en Sergei Bubka ligt de deken van de recente dopingcrisis.

Coe na zijn triomf op de 1.500 m op de Spelen in Moskou (1980) Foto AFP

Doping kan zo maar een verwoestende uitwerking hebben op de strijd tussen Sebastian Coe en Sergei Bubka om het voorzitterschap van de internationale atletiekfederatie IAAF. Een felle reactie van Coe op actuele onthullingen over verhulde, afwijkende bloedwaarden bij honderden atleten heeft de Brit in verlegenheid gebracht. Bubka zit stil terwijl de IAAF wordt geschoren.

Coe noemde de publicaties in de Engelse krant Sunday Times en bij de Duitse tv-zender ARD „een oorlogsverklaring aan de atletiek”. De suggestie dat de IAAF te passief is in de aanpak van doping, wierp hij verre van zich. Tot de Australiër Michael Ashenden hem in een open brief aanpakte. De dopingarts, die de journalisten als deskundige had bijgestaan, komt met diverse voorbeelden van nalatigheid en verwijt de IAAF bij dopingbestrijding „niet dezelfde wil te tonen als atleten die tonen om te winnen”.

Een pijnlijke, ongemakkelijke beschuldiging aan het adres van Coe, die als vicevoorzitter mede verantwoordelijk is voor het (falende?) dopingbeleid van de IAAF. Dat geldt evenzeer voor collega-vicevoorzitter Bubka, maar die reageerde diplomatieker. Tegen persbureau Reuters zei de Oekraïner: „Als IAAF mogen we niet falen in dopingzaken. Dat zou catastrofaal zijn voor de nieuwe generaties atleten. We moeten proactiever worden en onze zero-tolerance-aanpak transparanter uitdragen.”

De toon is gezet. Er staat veel op het spel, komende woensdag in Beijing bij de voorzittersverkiezing, maar vooral de reputatie van de IAAF. Die lijdt zwaar onder publicaties over lijdzaamheid van de federatie. Coe of Bubka zal als voorzitter met een antwoord moeten komen. Actie is geboden, dat is evident.

Clash

Doping ligt als een deken over de clash tussen de twee grote kampioenen om de opvolging van de 81-jarige Senegalees Lamine Diack, die na zestien jaar het veld ruimt. Er is geen uitgesproken favoriet. Coe heeft de voorkeur van West-Europa en Oceanië, zoveel is duidelijk, maar dat is in het systeem van één stem per land geen garantie voor succes. Bubka kan vertrouwen op Oost-Europa en vrijwel zeker op Zuid-Amerika. De slag moeten worden gewonnen in Afrika en Azië.

Volgens insiders zijn die continenten ernstig verdeeld. Een vraag is hoe gevoelig arme federaties zijn voor cadeautjes. Oud-polsstokhoogspringer Bubka heeft verklaard dat hij de vaste IAAF-bijdrage aan de 214 landen wil verdubbelen, zonder overigens een dekking voor dat extraatje aan te geven. Coe garandeert elke bond een financiële injectie van 100.000 dollar over een periode van vier jaar, waarvoor de voormalige Britse middellangeafstandsloper de IOC-bijdrage van 22 miljoen wil gebruiken.

Schimmig is hoeveel goodwill Bubka heeft verworven als voorzitter van de ontwikkelingscommissie binnen de IAAF. In die positie heeft hij veel achterstandslanden van subsidies voor bijvoorbeeld trainingscentra en atletiekprogramma’s kunnen voorzien. Maar in tegenstelling tot een dertigtal overwegend westerse landen dat zich voor Coe heeft uitgesproken, heeft uit de tweede en derde wereld vooralsnog alleen Brazilië, Paraguay, Peru, Thailand en Singapore zich pontificaal achter Bubka opgesteld.

Even interessant als risicovol is het pleasen van Afrikanen. Coe schijnt een liaison te zijn aangegaan met Isaiah Kiplagat, voorzitter van de Keniaanse bond, die binnen de IAAF kandidaat is voor een bestuursfunctie als vicevoorzitter. In ruil voor Coes steun zou de Keniaan Afrikaanse stemmen garanderen.

Een risicovolle kongsi, omdat Coe daarmee zijn onkreukbare reputatie op het spel kan zetten. Want waar Kiplagat opduikt zijn de beschuldigingen van corruptie, zelfverrijking en verdoezeling van dopingzaken niet ver weg. Buiten het Afrikaanse smaldeel binnen de IAAF wordt Kiplagat als een maffiose charlatan gezien, die eigenlijk geen machtige positie binnen de internationale federatie wordt toevertrouwd. Waarom zoekt Coe dan diens steun? Om hem bij de eerste de beste misstap uit het IAAF te zetten en daarmee zijn leiderschap te onderstrepen, luidt een theorie.

Geopolitieke invloeden

Buiten persoonlijke voorkeuren spelen bij de voorzittersverkiezing ook geopolitieke invloeden een rol. Verondersteld wordt dat Coe als Brit de steun heeft van de meeste Gemenebestlanden, evenals van de Engelstalige landen in Afrika. Bubka zou de voorkeur hebben in de aan Oost-Europa gelieerde landen.

De verkiezingsstrijd gaat in westerse ogen om de keus: wel of geen hervormingen. Zij zien Coe als een voorzitter die de IAAF naar een hoger niveau kan tillen, conservatisme kan doorbreken en corruptie kan uitbannen. Bubka doet in hun ogen te veel aan cliëntisme.

Waar de Oekraïner zijn verkiezingsmanifest vulde met algemeenheden, is Coe to the point. Hij wil de kalender ingrijpend veranderen, de WK naar Afrika brengen en via commercie meer inkomsten genereren. Hij zal ook corruptie willen aanpakken, maar houdt daarover nu nog zijn mond. Eerst gekozen worden.

Naast sterke verschillen in persoonlijkheid en presentatie hebben Coe en Bubka veel overeenkomsten. Beiden waren als atleet succesvol, met olympische en wereldtitels. Beiden braken wereldrecords en gelden wereldwijd als giganten van de atletiek. Zowel Coe als Bubka heeft in eigen land een verleden als parlementslid en beiden zijn voorzitter van hun nationaal olympisch comité.

Coe heeft als organisator van de succesvolle Olympische Spelen in Londen een pre als organisator. Een smet op Bubka’s blazoen is het ontslag van de secretaris-generaal van het Oekraïense olympisch comité wegens illegale verkoop van kaartjes voor diezelfde Spelen. Bubka zegt van niets te hebben geweten.

In zekere zin wordt de verkiezing een keus tussen de verandering en het pluche. Coe wil ‘alles’; bij verlies zal hij zich terugtrekken uit de IAAF. Bubka wenst de federatie bij een nederlaag niet te verlaten en aan te blijven als vicevoorzitter.

En waar staat Nederland in deze bobobotsing? „Aan de zijde van Coe, geen twijfel mogelijk”, zegt voorzitter Theo Hoex van de Atletiekunie hartstochtelijk. „We waren er snel uit. En unaniem.”