Column

We zijn het allemaal eens: niemand is voor mensenhandel

Ons voornaamste meningsverschil in de discussie over legalisering gaat over de vraag of vrijwillige prostitutie wel bestaat, stelt Ilja Leonard Pfeijffer.

De mensenrechtenorganisatie Amnesty International trad deze week naar buiten met een pleidooi om prostitutie te legaliseren. De argumenten kennen we. Een verbod op prostitutie drijft het circuit ondergronds. Mensenhandel moeten we los zien van vrijwillige prostitutie. Als twee volwassen mensen vrijwillig seks hebben waarbij een financiële transactie plaatsvindt, is er geen probleem. Met legalisering nemen ook de mogelijkheden voor overheidscontrole toe en verbetert de positie van de prostituee. En daar is het Amnesty om te doen.

Het pleidooi leidde tot heftige protesten van vrouwenrechtenorganisaties, beroemdheden, Jimmy Carter en journaliste Renate van der Zee gisteren in deze krant. Ook hun argumenten kennen we. Van legalisering worden alleen de uitbuitende mannen beter, de pooiers en de klanten. Er is geen bewijs dat mensenhandel erdoor afneemt. Vrijwillige prostitutie bestaat niet. Hoererij komt altijd voort uit ongelijkheid. Zoals Van der Zee het gisteren bondig samenvatte: ‘Het is geen mensenrecht om je te mogen prostitueren. Het is een mensenrecht om je niet te hoeven prostitueren.’

We kennen de argumenten van beide kampen zo goed omdat we al tijden dezelfde discussie voeren. En dat is raar, want we zijn het eigenlijk grotendeels eens. We willen allemaal die vrouwen helpen. Niemand is voor mensenhandel, uitbuiting en gedwongen seks. En in theorie heeft niemand van ons, behalve misschien een paar christenfundamentalisten, bezwaar tegen betaling voor seks op vrijwillige basis. Ons voornaamste meningsverschil gaat over de vraag of dat bestaat. Sommigen vinden van wel, anderen vinden van niet, omdat ze zich dat niet kunnen voorstellen of omdat ze niet willen dat het bestaat dat vrouwen ondergeschikt zijn aan mannen.

Misschien komen we verder in de discussie als we uitgaan van de klant. Sommige mannen hebben een behoefte. Dat is altijd zo geweest en zal altijd zo zijn. Je kunt die behoefte wel strafbaar stellen, zoals ze doen in Zweden, maar dat is net zoiets als slecht weer verbieden. We mogen blij zijn dat mannen bereid zijn om op zoek te gaan naar iemand die het goed vindt dat ze hun behoefte bevredigen en dat ze bereid zijn ervoor te betalen.

Als een vrouw er financieel gewin in ziet om in die behoefte te voorzien, dan hebben we een werkbaar economisch model. Ja, zie je wel, zeggen de tegenstanders, dan doet ze het dus uit financiële nood – dat is ook een soort dwang. Maar dat geldt wel voor meer beroepen. Je hoeft maar in de ochtendspits in de trein te stappen en je ziet heel veel mensen die niet bepaald met passie in hun ogen naar hun werk gaan en uitsluitend worden gedreven door financiële nood. Die beroepen zijn ook allemaal legaal.

Het is een mensenrecht om je niet te hoeven prostitueren. Maar het is evenzeer een mensenrecht om je te mogen prostitueren.