‘Psst, hij heb een toverdrank’ – dit is de spoiler van de eeuw

Stelt u zich voor: eind 1886. Een man zit in een Londense trein rustig het net verschenen boek The Strange Case of Dr Jekyll and Mr Hyde te lezen. Hij is op pagina 13. Plotseling stapt een kleine, magere, onaangenaam ogende man de coupé binnen. Hij gaat naast de lezer zitten en buigt zich naar hem toe: „Psst, mooi boek hè. Vindt u het spannend? Zal ik u eens iets verklappen, meneer? Die brave Dr Jekyll en die akelige Mr Hyde... Dat zijn er helemaal geen twee – dat is dus gewoon een en dezelfde persoon. Hij heb een toverdrank.’ Waarna de man met satanisch gelach de coupé weer verlaat: de spoiler van de eeuw!

Het is een merkwaardig idee: ruim honderd jaar geleden ontdekte men pas tijdens het lezen van Stevensons novelle de ware aard van Hyde (of van Jekyll). Inmiddels is deze spoiler onderdeel van ons culturele erfgoed. In het algemeen ben ik een groot voorstander van spoilers: ze kweken oplettende lezers. Tirza van Arnon Grunberg wordt echt geen slechter boek als je vooraf weet dat Jurgen Hofmeester zijn dochter gaat vermoorden. Maar bij Jekyll en Hyde begon ik naar een tijdmachine te verlangen. Zijn de aanwijzingen ook zo obvious als je geen voorkennis hebt?

De wonderlijke geschiedenis van dr Jekyll en mr Hyde omvat maar tachtig pagina’s in de vertaling van Ton Heuvelmans, in de schitterende marmerreeks van de verdwenen uitgeverij Goossens, en ik denk dat een moderne redacteur er zonder veel scrupules twintig pagina’s uit had gesloopt om het tempo te verhogen. Maar desondanks, wat is het boek spannend – en wat is Hyde, vanaf het begin, angstaanjagend: ‘Hij was ijzig kalm [...] hij wierp me een blik toe, zó kwaadaardig, dat het zweet me over het hele lichaam uitbrak.’ Het maakt hem de literaire aartsvader van J.K. Rowlings dementors avant la lettre (psst, Perkamentus sterft in deel zes en Sneep is een held).

Aan het eind van het boek is duidelijk dat het Stevenson meer om de moraal te doen is dan om het weerwolf-thema (psst, de Heen-en-Weerwolf is eigenlijk een gewone wolf die vrienden wordt met Pluk). De novelle besluit met een lange brief waarin dr Jekyll uitlegt wat hem precies bezielde met de creatie van zijn akelige avatar, en hoe die tenslotte onbeheersbaar werd: het boek gaat óók gewoon over verslaving. En over de hypocrisie van Jekyll, die vooral schrikt als de man die hij als Hyde heeft doodgeslagen een ‘hooggeplaatst persoon’ blijkt te zijn. ‘Het was dus niet alleen een misdaad, het was bovendien een tragische vergissing.’ De zak. Wat ze ook zeggen over die Hyde, aan het eind van het boek heb je vooral het idee dat de calculerende Jekyll zijn verdiende loon heeft gekregen.