Bijstand? Dan is het ‘samen delen’

Vanaf nu moeten mensen in de bijstand die met anderen in een huis wonen, de kosten delen: ze krijgen minder geld.

Mario Berkien (54) woont bij zijn moeder, uit angst: als hij alleen is, raakt hij in paniek. Hij verliest nu een deel van zijn Bijstandsuitkering. Foto’s Merlin Daleman

Alice Mardirossian (87) is in slaap gevallen, in haar nieuwe sta-op-stoel. Met haar mond open. Als ze hoest, valt haar hoofd scheef naar voren en staat haar dochter Sona (51) op om haar recht te leggen. De elektrisch verstelbare stoel is gekocht op afbetaling: 50 euro per maand. De oude, kapotte sta-op-stoel staat ook nog in de woonkamer. Bijna twintig jaar geleden kwamen de vrouwen als vluchteling uit Irak, sinds die tijd wonen ze samen in een flat in een buitenwijk van Den Helder.

Alice Mardirossian heeft diabetes, ze is aan een oog blind, ze kan niet staan of lopen. Sona Mardirossian zorgt voor haar, zij heeft zelf artrose in haar rug en knieën. Alice heeft AOW, maar niet het volledige bedrag, omdat ze niet haar hele leven in Nederland woonde. Ze krijgt een aanvulling (AIO) uit de Bijstand. Sona heeft een Bijstandsuitkering. Deze maand moeten de vrouwen voor het eerst zien rond te komen met veel minder geld, omdat de ‘kostendelersnorm’ in de Bijstand in juli is ingegaan.

In juni kreeg Alice 1.027,44 euro van de Sociale Verzekeringsbank (SVB), eind juli was het 704,98 euro. Sona kreeg van de sociale dienst een korting van 130 euro, haar Bijstand is nu 651,99 euro. Ze heeft uitgerekend dat ze, na aftrek van alle vaste kosten, nog zo’n 10 of 15 euro per dag over hebben voor eten, kleren of extra uitgaven. En bijvoorbeeld ook voor de crème tegen doorligplekken die eerst nog wel werd vergoed, maar nu niet meer.

Mantelzorgboete

De kostendelersnorm is een oud idee van het kabinet Rutte I en heette toen nog de ‘huishoudtoets’. Wie een Bijstandsuitkering heeft en met een of meer volwassenen in een huis woont, krijgt een korting, afhankelijk van het aantal medebewoners – omdat ze kosten kunnen delen. Volgens berekeningen van het Nibud gaan huishoudens die erdoor worden geraakt, zo’n 36.000, er tussen de 5 en 34 procent in inkomen op achteruit.

Als je een kamer huurt, ben je alleen van de kostendelersnorm uitgesloten als je een bedrag betaalt dat volgens de gemeente ‘commercieel’ is. Er moeten betalingsbewijzen zijn en de huur moet elk jaar stijgen. Wie anti-kraak – en dus bijna altijd goedkoper – woont, krijgt die korting wel.

Het kabinet bezuinigt er zo’n 91 miljoen euro per jaar door. De korting zou ook worden ingevoerd voor AOW’ers, maar die ‘mantelzorgboete’ leidde tot fel verzet: moesten ouders die door hun kinderen werden verzorgd, worden gestraft? Was dat de ‘participatiesamenleving’ van Rutte II? De mantelzorgboete is uitgesteld en komt er misschien nooit: regeringspartij PvdA is er nu ook tegen.

Maar het uitstel geldt niet voor ouderen die geen volledige AOW-uitkering hebben, omdat ze niet sinds hun vijftiende zonder onderbreking in Nederland hebben gewoond: zij krijgen een aanvulling uit de Bijstand en die wordt fors minder als ze volwassen medebewoners hebben, zoals Alice Mardirossian.

Advocaat Marc van Hoof heeft in naam van Mardirossian bezwaar ingediend bij de SVB – op grond van het gelijkheidsbeginsel (artikel 14) in het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens: „Waarom zou de ene oudere anders moeten worden behandeld dan de andere?”

Daklozenopvang

Volgens het ministerie van Sociale Zaken geldt het beginsel niet, omdat het om twee regelingen gaat met verschillende doelen: de AOW is een oudedagsvoorziening die niet afhangt van inkomen of vermogen, bij de aanvulling uit de Bijstand (AIO) is dat wel zo en die is bedoeld als ‘vangnet’.

Bijstandsontvangers die met anderen in huis wonen, hebben in het najaar van 2014 en afgelopen voorjaar brieven gekregen waarin de korting werd aangekondigd. „Al vanaf begin dit jaar melden steeds meer mensen zich bij de daklozenopvang, omdat hun familie hen niet meer wil helpen”, zegt Rina Beers, beleidsmedewerker van de Federatie Opvang, de brancheorganisatie van de maatschappelijke opvang. Familieleden vrezen de korting op hun uitkering als anderen hun adres gebruiken of soms komen overnachten.

‘Wat heeft het voor zin?’

Bij de Daklozenvakbond waren er de afgelopen maand 85 aanvragen voor een postadres, normaal zijn dat er zo’n vijftien per maand. In Amsterdam verzamelen cliëntenorganisaties uit de opvang en de GGZ, verenigd in het ‘Groot MO/GGZ overleg’, verhalen over de kostendelersnorm voor een ‘zwartboek’ dat volgende week wordt gepresenteerd aan de gemeente.

Michel Tempel (46) uit Oude Pekela woont bij zijn moeder (81) die dag en nacht zorg nodig heeft. Daardoor had hij al geen volledige Bijstandsuitkering (ruim 900 euro), gemeenten konden al minder toeslagen geven als een Bijstandsgerechtigde bij iemand in huis woont. Hij kreeg 782 euro. Nu is dat 689 euro. „Dit is toch ook een mantelzorgboete? En de zorg die ik lever, bespaart de gemeente veel geld.”

Bij Mario Berkien (54) in het Gelderse Huissen is het andersom: hij is bij zijn moeder (75) gaan wonen, omdat hij aan een angststoornis lijdt en niet alleen kan zijn. Hij komt niet meer buiten en als zijn moeder de straat uitloopt met de hond, voelt hij de paniek al bij zich opkomen. Dus gaat zij ook nooit verder dan de hoek, een neef doet elke week boodschappen.

Aan de eettafel, samen met zijn moeder, vertelt Berkien over zijn angsten. Hij is opgeleid als timmerman, zijn eerste paniekaanval had op zijn dertigste. De grootste angsten kwamen nadat hij in 2012 had geprobeerd om zijn vader, die een hartaanval kreeg, te reanimeren. Hij was niet bij de begrafenis.

Van de sociale dienst hoeft hij niet te solliciteren, hij hoeft ook geen ‘tegenprestatie’ te leveren. „Waarom willen ze me dan korten? Aan het werk hoef ik niet. En ik woon hier niet voor mijn lol, ik ben ziek.”

Hij rekent uit dat hij deze maand 64,39 euro overhoudt voor kleren en sigaretten. Dus maakt hij geen nieuwe afspraak voor een Eye Movement Desensitization and Reprocessing-behandeling – bij hem thuis. Die kost 89 euro en wordt niet vergoed. „Mijn moeder zegt dat ik er wel van opknap.”

Zijn moeder knikt. „Het ging echt wat beter met je.”

„Ik denk vaak: op een dag kom ik hier weer uit”, zegt Berkien. „Maar nu zak ik in. ’s Nachts, achter mijn computer, denk ik: wat heeft het voor zin? Ik word alleen maar tegengewerkt.”