De terrasklevers hebben ongelijk. Ik snap ze echt niet

WhyNot. De Parade. Ernst Daniël Smid. Nicole Beutler.

Ernst Daniël en Coosje Smid in Erbij of niet erbij?

Vier bloteriken tussen de bomen. Dans. Voor de zoveelste keer zie ik gedemonstreerd dat het naakte lichaam in alle kunsten mogelijk is, maar een beetje minder in de dans.

Dit werk, van een Hongaarse choreografe, zou Nederland nooit gehaald hebben zonder het WhyNot-festival in Amsterdam. Experimenteel festivalletje voor dans en performance in een stadstuin in Amsterdam-Noord. Hier kijken we ernaar. Al bijna drie kwartier.

Festivalpubliek is mild. Festivalpubliek brengt het op om de tijd te nemen voor iets als dit. Er fladderen lichaamsdelen en er zijn inkijkjes in intieme holten. Mooi is het niet, sexy is het ook niet. Wel grappig. Maar dat is de bedoeling niet.

Voor mijn slappe lach onbedwingbaar wordt, sta ik op uit het gras en ga maar eens verder. Ook dat kan. Dat is nou net wat festivals aantrekkelijk maakt. Ze zijn informeel. Toen ooit een directeur van het Holland Festival er een gala-geval van wilde te maken, ging het bijna kapot. Topkunst: ja. Dat hoort dat festival te brengen, daar bestaat het voor. Gekroonde en andere hoge hoofden in het publiek: graag. Maar kouwe drukte: nee. Voor elk festival, van gerenommeerd tot piepklein, is nieuwsgierigheid het enige wat telt. Met het accent op nieuws. En op gezelligheid.

Op het theaterfestival de Parade, de troep gelegenheidsnomaden die in de nazomer her en der neerstrijkt, is het zelfs zo gezellig dat een deel van het publiek geen theatertent van binnen ziet. Maar de terrasklevers hebben ongelijk. Ik snap ze ook niet: wie kan operazanger Ernst Daniël Smid weerstaan? Luidkeels (en dat is bij hem niet letterlijk genoeg te nemen) lokt hij publiek een tent in voor een carnavals-operette over Shakespeare. Met veel nepbloed en drie jonge collega’s. Onder wie zijn dochter Coosje Smid (het is kinderachtig maar dat vind ik leuk). De voorstelling heet Erbij of niet erbij? En? Nou Smid is erbij. En hoe. Hij geniet, en wij ook.

Dat Ernst Daniël Smid goed is, wist ik al. Maar nu: verder. Op zeker spelen mag, maar voor de echte festivalkick moet ik me wagen aan Into the Big Unknown. En beland in een ongeventileerde tent. Ik houd mijn hart vast, voel me aanvankelijk (d’r gebeurt iets pantomimisch met een gefakete badmintonmatch) of ik ondersteboven een konijnenhol in word geramd. Maar dan.

Ik word betoverd door vier sterke dansers in een geweldige choreografie, want die is verankerd in wie wij zijn (onze smartphone) en op zoek naar wat ons verbaast (onze ego’s). Stampen, wrikken, indruk maken. Verloren zijn. Dit is een creatie van Nicole Beutler. Haar naam zal ik vanaf nu in de gaten houden. En dan weet ik nog dat ze me opviel in een tent. Op een festival.