Aan Nederland had hij geen hekel. Toch ging hij naar Syrië

De Nederlandse Syriëganger Abdelkarim el A. is omgekomen. Hij riep vorig jaar op tot „een stevige daad”.

In het land waarin hij zich naar binnen had „gekletst” is de bekende Nederlandse jihadist Abdelkarim el A. hoogstwaarschijnlijk gesneuveld. De dood van de 28-jarige man uit Arnhem werd gisteren bekendgemaakt op Twitter-accounts van jihadstrijders. De Belgische jihadismeonderzoeker Pieter van Ostaeyen heeft van strijders in het gebied de bevestiging gekregen dat hij in Syrië is omgekomen.

De Arnhemmer had zich aangesloten bij Jabhat Al Nusra, een strijdgroep van terreurnetwerk Al-Qaeda. Abdelkarim riep vorig jaar moslims in Nederland op tot een „sterke en stevige daad tegen de Nederlandse overheid”, als vergelding voor de bombardementen op jihadisten. Hierna besloot het ministerie van Defensie militairen niet meer in uniform over straat te laten lopen, uit angst voor een aanslag.

NRC Handelsblad sprak de jihadist, die zichzelf ‘Abu Muhammad al-Hollandi’ noemde, enkele maanden geleden. Trots vertelde hij hoe het hem begin 2013 was gelukt te ontsnappen aan het zicht van de veiligheidsdiensten. Hij reisde per auto via de Turkse grens naar Syrië, waar hij werd aangehouden maar zich uit de situatie wist te kletsen. Abdelkarim wilde er een „rechtvaardige islamitische staat stichten”, zei hij. Maar het vestigen van zo’n staat bleek een stuk lastiger dan gedacht, onder meer omdat verschillende jihadistische groeperingen in Syrië tegen elkaar vechten. Abdelkarim sloot zich met nog wat Nederlanders aan bij Al Nusra, terwijl het merendeel van de Nederlandse jihadisten ging vechten voor IS. Abdelkarim was een van de oprichters van een ‘jihadisten-werkgroep’, bedoeld om alle Nederlandse strijders van IS en Al Nusra op één lijn te krijgen. Maar dat overleg liep op niets uit.

Abdelkarim, het oudste kind van een alleenstaande Marokkaanse moeder uit Arnhem, was naar eigen zeggen begeleider in een jeugdinstelling. Vanaf zijn achttiende verdiepte hij zich in de islam. „Ik leerde dat de islam een antwoord heeft op alle zaken en dat het de beste levenswijze is”, zei Abdelkarim. „Ook leerde ik dat in de huidige wereld een islamitische staat ontbrak.” Een jaar later raakte hij ervan overtuigd dat de jihad gevoerd moest worden. „Want de gewapende jihad is onlosmakelijk verbonden met de islam.”

Eerder uitreizen was mislukt

Tijdens de Afghanistanoorlog wilde hij al afreizen als jihadist, maar een uitreispoging mislukte. „De strijd die de Afghanen daar leverden trok mij enorm aan. Hen helpen in de strijd tegen Amerika was een droom.” Abdelkarim was blij dat hij uiteindelijk in Syrië „de prachtige daad van jihad” kon uitvoeren.

Abdelkarim had geen hekel aan Nederland, zei hij. Hij was „goed geïntegreerd” en vond met name de zorg goed geregeld. Hij radicaliseerde door de in zijn ogen onrechtvaardige wereldpolitiek. Volgens Abdelkarim onderdrukt het Westen de islamitische wereld door regimes te steunen die loyaal zijn aan het Westen en regimes die dat niet zijn omver te werpen. Nadat hij begon in te zien dat de westerse politiek ten koste gaat van moslims, begon hij de noodzaak te zien om als jihadstrijder te vechten voor de „onderdrukte moslims”.

Of de Arnhemmer daadwerkelijk is gesneuveld, is nauwelijks na te gaan omdat in het oorlogsgebied geen onafhankelijke bronnen aanwezig zijn. Ook de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid kan zijn dood niet officieel bevestigen, maar zegt wel dat de berichten erover op sociale media „zouden kunnen kloppen”.