Nieuw-Zeeland kiest ontwerpen, maar al te speels is taboe

Erg ludiek zal de nieuwe vlag van Nieuw-Zeeland niet worden. Een commissie van deskundigen die de zoektocht naar een inspirerende nieuwe vlag leidt, publiceerde deze week een voorselectie van veertig ontwerpen. Veel daarvan lijken volgens critici eerder op logo’s van een bedrijf.

Hiermee staat vast dat op het nationale doek geen tevreden kijkend schaap zal prijken dat verlekkerd naar een ijsje kijkt. Of een kiwi, de nationale vogel, die een soort laserstraal uit zijn oog laat flitsen. Ook een vrolijk gekleurd berglandschapje met schapen, een regenboog en kiwi’s die opeens blijken te kunnen vliegen haalde de eindstreep niet. Samen met ruim 10.000 ingezonden ontwerpen uit binnen- en buitenland werden die definitief van de lijst afgevoerd.

Op de nu gepubliceerde longlist domineert een bescheiden varenblad, dat bijvoorbeeld ook al door het nationale rugbyteam wordt gebruikt als symbool. Mogelijk hopen de ontwerpers op een soortgelijk effect als dat van het esdoornblad, dat overal direct met Canada wordt geassocieerd. Daarnaast zijn er diverse variaties op de oude vlag met vier sterren.

Uiteindelijk moeten er vier ontwerpen overblijven, waarover de bevolking zich nog voor het einde van dit jaar in een referendum kan uitspreken. In een tweede referendum, volgend jaar, bepalen de Nieuw-Zeelanders of ze het nieuwe ontwerp prefereren boven de oude vlag.

De speurtocht naar een nieuwe vlag is ingegeven door premier John Key. Die zei er genoeg van te hebben steeds onder een vlag te zitten die vrijwel niet is te onderscheiden van de Australische. Hij zei te hopen op een vlag die het „uitschreeuwde” dat hij van Nieuw-Zeeland is. Anders dan in Australië, waar ook een vlaggendebat woedt, speelt in Nieuw-Zeeland niet de vraag of het land nog langer de Britse koningin als staatshoofd zou moeten hebben.