‘De prestaties van de politie zijn nog nooit zo goed geweest als nu’

Dat zei korpschef Gerard Bouman in NRC Weekend.

illustratie nrc.next

De aanleiding

Als korpschef ziet Gerard Bouman „hoe godsgruwelijk hard er wordt gewerkt bij de politie”. Dat mag ook weleens gezegd worden, zei hij in het interview dat hij zaterdag gaf aan NRC Weekend. Alle kritiek op het politiekorps vond hij onrechtvaardig, want „het belangrijkste” is dat „de politieprestaties nog nooit zo goed zijn geweest als nu”. Is dat waar?

Waar is het op gebaseerd?

De criminaliteit daalt. De veiligheidsbeleving is verbeterd. De tevredenheid is toegenomen. Die drie mededelingen staan op één bladzijde van het politiejaarverslag van 2014. Er is immers reden tot tevredenheid: misdaadcijfers dalen al jaren, blijkt uit het aantal geregistreerde misdrijven. Uit die cijfers van de politie en het CBS konden we volgens de woordvoerder van Bouman ook opmaken dat de politie momenteel zo goed presteert.

En, klopt het?

Hoe meet je politieprestaties? En kun je de effectiviteit van de politie wel aflezen aan een daling van de hoeveelheid misdrijven? De misdaadcijfers die het meest concrete beeld lijken te geven over het werk van de politie zijn de ‘ophelderingspercentages’ van geregistreerde misdrijven. Die kunnen we onderling vergelijken met een blik in het meerjarenrapport Criminaliteit en rechtshandhaving 2013 van het CBS en het ministerie van Veiligheid en Justitie. Daarbij hoort meteen de kanttekening dat een misdrijf deze betiteling krijgt ‘zodra hierbij een verdachte geregistreerd is’. Of dat ook leidt tot een sanctie of veroordeling, vertellen die cijfers niet.

Wat hebben we er dan aan? We nemen ze met een korrel zout, want in 2013 noemde de Inspectie Veiligheid en Justitie de berekening van de percentages in een scherp rapport „onvoldoende betrouwbaar”. Ze bevestigen overigens ook niet die topprestaties van de politie: het percentage opgehelderde zaken is min of meer constant. Sinds 2007 ligt het percentage elk jaar rond de 25 procent: in 2014 was het 24,6 procent.

Bovendien zeggen de percentages weinig over de prestaties van de politie, zeggen twee criminologen die we raadplegen. „Je kunt sowieso niet zeggen dat de daling van de misdaadcijfers alleen aan de politie is toe te schrijven”, aldus Marc Schuilenburg, verbonden aan de VU. Dat werd wel duidelijk uit een internationaal onderzoek van de rechtsgeleerde Michael Tonry, zegt hij. Tonry stelde vast dat de criminaliteit in alle rijke westerse landen jarenlang was afgenomen. „Dat maakt duidelijk dat er geen een-op-eenrelatie is met de inzet van de politie, want in al die landen wordt er ander politiebeleid toegepast.” Belangrijker factoren zijn volgens Schuilenburg de toename van misdaadpreventie, het inschakelen van private beveiligers en de vergrijzing (want criminelen zijn vaker jonger).

Per categorie delict verschilt het oplossingspercentage bovendien sterk, zegt Cyrille Fijnaut, emeritus hoogleraar criminologie aan Tilburg University. Statistieken zouden de inzet van de politie kúnnen weerspiegelen, maar vaak bieden de cijfers niet voldoende nuance. Een voorbeeld: nadat de politie meer prioriteit ging geven aan het oplossen van overvallen, met speciale teams en veel inzet, ging het percentage opgehelderde zaken omhoog. „Dan weerspiegelt zo’n cijfer dat de politie meer rechercheerde en meer verdachten oppakte. Maar je vergeet dan nog wel mee te rekenen dat ook winkeliers maatregelen hebben genomen tegen overvallers.”

Je moet tonen hoe de opheldering precies tot stand is gekomen, vindt Fijnaut. „Als je dat niet doet en het houdt bij deze uitspraak in algemene zin, is het misplaatste grootspraak.” Tot slot plaatst hij vraagtekens bij de bewering dat de politie „nog nooit” zo goed presteerde – er bestaat helemaal geen historisch vergelijkend onderzoek waarop je zo’n uitspraak kunt baseren, aldus Fijnaut.

Conclusie

Ophelderingspercentages zijn al jaren min of meer gelijk. En dalende misdaadcijfers hebben geen een-op-eenrelatie met de prestaties van de politie. Daarom beoordelen we de uitspraak van Bouman als ongefundeerd.

Thomas de Veen

Ook een bewering zien langskomen die je gecheckt wilt zien? Mail nextcheckt@nrc.nl of tip via Twitter met hashtag #nextcheckt