SP’er die zelfs bij de PvdA goed ligt

Tweede kandidaat-voorzitter SP is vakbondsman die jongeren zelf acties laat bedenken.

Ron Meyer ziet „zeker de waarde van het poldermodel in, alleen moet dat overleg dan wel gelijkwaardig zijn. Foto Chris Keulen

Begin deze zomer staat FNV’er Ron Meyer voor een zaaltje met ruim twintig jongeren. Ze werken bij de Action, de Kentucky Fried Chicken, Kwantum of McDonald’s. Zijn powerpointpresentatie laat hen zien hoe laag het aantal vakbondsleden onder de 24 jaar is: ze vormen 3 procent van het ledenbestand.

„Vind je het gek dat jullie arbeidsomstandigheden kut zijn”, houdt Meyer de groep voor. „Jullie zijn niet georganiseerd! Dus dóén werkgevers niks aan jullie lage salaris. Ze hebben helemaal niks om bang voor te zijn.”

Met Young & United, de jongerenbeweging die de FNV is begonnen, is campagneleider Meyer sinds dit voorjaar bezig om politiek Den Haag het minimumjeugdloon te laten afschaffen. Strategie is om jongeren zoveel mogelijk zelf te laten ageren tegen de grote werkgevers die het jongerenloon uitbetalen. Die jongen die zijn pak uittrok op de Ahold-aandeelhoudersvergadering, in april, om aandacht te vragen voor zijn lage uurloon? Die was van Young & United.

De jongeren die zich op deze trainingsavond in Utrecht hebben verzameld, „zijn onze allerbeste activisten”, vertelt Meyer (33) hen. Ze moeten een lijstje maken met alle jongeren tussen de 16 en 24 jaar die ze kennen. „Vraag je bij hen allemaal af: willen zij meedoen?” Zo heeft Young & United volgens Meyer de grootste kans op succes: organisatie van onderop en dan met de macht van het getal en publieke aandacht de politiek zover krijgen om het jeugdloon af te schaffen.

Meyer denkt ‘van onderop’ mee

Laat dat nu óók de manier zijn waarop volgens Meyer zijn partij, de SP, te werk moet gaan. Goed kijken naar wat speelt in buurten en bij burgers. Zo de partij verder opbouwen en laten zien wat de SP wil en vindt, met wortels in de samenleving.

Gisteren stelde Meyer, nu nog raadslid in Heerlen, zich kandidaat voor het voorzitterschap van de SP. Hoewel hij officieel de steun van het partijbestuur nog niet heeft, lijkt het er sterk op dat hij die wel krijgt. Partijsecretaris Hans van Heijningen zegt dat Ron Meyer „een bijzonder raadslid is dat zijn sporen heeft verdiend”. Zijn enige concurrent tot nu toe is Tweede Kamerlid Sharon Gesthuizen.

Meyer voelt zich niet te goed om ‘van onderop’ mee te werken. In de week na die avond in Utrecht zit hij met twee jongens en een meisje van rond de twintig in een Heerlens appartementje te brainstormen over hun ‘eigen’ Young & United-evenement. Ze wonen te ver weg om steeds naar de Randstad te komen, maar willen wel actie voeren tegen het jeugdloon.

In dat flatje in Heerlen wordt duidelijk hoe Meyer politiek bedrijft. Hij heeft voor de drie jonge activisten een Rood meegenomen, het partijblad van de PvdA. Er staat een verhaal in over het minimumjeugdloon, maar ze ontvangen het met opgetrokken wenkbrauwen. Kom, kom, niet zo kritisch, zegt Meyer: de PvdA heeft zich inmiddels uitgesproken vóór onze plannen. Ze kunnen het beste gaan praten met de twijfelaars onder de raadsleden, adviseert hij: „Als we rechtse partijen lokaal meekrijgen, door bijvoorbeeld gemeenten het jeugdloon te laten afschaffen, hebben we landelijk een goed verhaal.”

Zaken met de PvdA

De relaties tussen hem en die andere linkse partij, de PvdA, zijn prima, zegt hij. Hoewel Meyer het met „véél punten van het huidige kabinetsbeleid totaal oneens is”, kan hij rondom het minimumjeugdloon goed zaken doen met PvdA-voorzitter Hans Spekman en Tweede Kamerlid Roos Vermeij. Zij vinden Meyer op hun beurt sympathiek. „Ik ben in korte tijd op hem gesteld geraakt”, zegt Vermeij. Ze noemt hem aardig, intelligent en strategisch.

De methode die Meyer met Young & United gebruikt, zette hij een paar jaar geleden ook in bij onderhandelingen over een cao in de schoonmaakbranche. De schoonmakers staakten negen weken, de langste staking sinds 1933.

Het waren bijzondere weken, herinnert Hans Simons zich. Hij deed namens werkgeversorganisatie OSB de onderhandelingen en was het eerste ‘slachtoffer’ van Meyers organizing, de Angelsaksische strategie die hij toepaste. „De stakingen hadden helemaal niet als doel om tot een cao te komen. De vakbond moest terug op de kaart.” Meyer voerde trouwens vooral in de buitenwereld het woord, zegt Simons. Binnen zat hij als tweede onderhandelaar aan tafel en hield hij meestal zijn mond. „Ik had de indruk dat ze het binnen de FNV niet eens waren over zijn strategie.”

Zelf vindt Meyer het verwijt onzin, dat hij te activistisch is en te weinig waarde hecht aan het polderoverleg: „Ik zie zeker de waarde van het poldermodel in, alleen moet dat overleg dan wel gelijkwaardig zijn. En dat is het alleen als wij als werknemers beter georganiseerd zijn.”

Na tien jaar vakbondswerk trekt nu dus het voorzitterschap van de SP. Hoewel hij zegt dat hij „niet in Jans schaduw kan staan”, denkt Meyer toch dat hij geschikt zou zijn om Marijnissen op te volgen. Al krijgt hij die woorden amper zijn mond uit. Terugkerend mantra is dat het niet om hém draait, maar om de mensen op de werkvloer.

Het is voor de SP tijd voor een nieuwe fase, zegt hij. De partij moet bestuursverantwoordelijkheid gaan combineren met lef en activisme. Hij vertelt dat hij zich in 2002 bij de SP aansloot en toen antwoordde op de vraag wat hij wilde doen: „Liever niet met een bord om mijn nek de straat op.” Dat is nu zijn „favoriete bezigheid” geworden.