Hoe blijft hij toch zo populair?

De jonge premier hielp de Griekse economie verder in de soep, spreekt zichzelf tegen en verliest steun binnen zijn eigen partij. „Maar hij begrijpt onze autistische emotionele kwetsbaarheid.”

Alexis Tsipras, die veel Grieken zien als de goedlachse premier die nee durfde te zeggen tegen de Europese grootmachten. Foto’s Yiannis Kourtoglou/Reuters / Fotobewerking NRC fotodienst

Je vraagt je kiezers nee te zeggen tegen een plan waar je zelf mee bent thuisgekomen. Je belooft dat het goed komt en het wordt alleen maar erger. Je kondigt aan dat je iets gaat doen, maar tegelijkertijd dat je er niet in gelooft. Je hebt slaande ruzie binnen je eigen partij en blijft alleen maar overeind dankzij de steun van je tegenstanders. Je kiest een koers die ertoe leidt dat je voor je land 30 miljard euro méér moet vragen dan je eerst van plan was.

En je blijft op afstand de populairste politicus.

Hoe kan dat? Hoe kan Alexis Tsipras, de 41-jarige premier van Griekenland, zo veel steun blijven houden na een tumultueuze maand die hem in elk ander land vrijwel zeker de kop zou hebben gekost?

Bij een peiling medio vorige maand, toen de kapitaalbeperkingen al van kracht waren en mensen in de rij stonden voor de geldautomaat, gaf 41 procent van de ondervraagden hem zijn vertrouwen. Als er nu verkiezingen zouden worden gehouden, bleek bij een andere peiling een paar dagen later, zou zijn partij Syriza haar politieke rivalen ver achter zich laten.

Het is maar hoe je het bekijkt. Veel Europeanen zien een premier die een zigzagkoers vaart, een onbetrouwbare onderhandelaar is, ja zegt en nee doet en een hoop chaos veroorzaakt, en de afspraken die hij in Brussel maakt in eigen huis verwerpt. Maar veel Grieken zien een heel andere man. Een politicus die hen met trots vervult omdat hij nee durft te zeggen tegen Europa. Die relatief jong is en mooi kan praten, en die niets te maken heeft met de oude politieke machthebbers.

„Ik denk dat het zo zit”, zegt Mitsos Laskaris, een werkloze veertiger die in een taverne in de wijk Exarchia met zichtbaar plezier een bak slakken zit leeg te eten. „Voor veel kiezers is het belangrijk dat hij niet betrokken is bij de oude partijen. Daar willen de mensen nu echt vanaf. En ik denk dat 60 procent van de Grieken in hun hart links is. Ook als Tsipras gekke dingen doet, denken ze: hij is een van ons, daarom kunnen we hem maar beter vertrouwen.”

Gewonde trots

Ook critici erkennen, soms vertwijfeld, dat Tsipras ongekend populair is. „De premier is een jonge politicus die altijd lacht en aardige dingen zegt, ook als die volledig ongeloofwaardig zijn”, zegt financieel analist Andreas Koutras. „Dat is aantrekkelijk voor de kiezers. En wat moeten die ook? Aan de ene kant iemand die duidelijk incompetent is, maar aan de andere kant staan de schurken van vroeger. Dan is het toch de keuze voor de jonge man.”

In de beeldvorming van veel Grieken heeft Tsipras nee gezegd tegen de Europese grootmachten die het kleine Griekenland wilden uitpersen. „De premier begrijpt de autistische emotionele kwetsbaarheid van de Grieken”, zegt Pavlos Eleftheriadis, bestuurslid van de kleine centrumpartij To Potami en docent rechten in Oxford. „Voorgaande regeringen riepen als het moeilijk werd dat het moest van het gemene Europa. Tsipras gaat een stap verder. Die zegt dat Europa Griekenland wil leegzuigen. De premier is de controle over de economie kwijtgeraakt, lijdt onder een tekort aan kennis en leiderschap, maar toch blijft hij populair. Dat komt door dat appèl op gewonde trots.”

In zijn toespraak voor het referendum over het onderhandelingsvoorstel vroeg Tsipras de kiezers „een groot en trots NEE tegen ultimatums”. „Om degenen die jullie dagelijks terroriseren, de rug toe te draaien, […] om te kiezen voor een trots Griekenland in een democratisch Europa”, sprak de premier.

De Griekse kiezers zijn heus niet vergeten dat Tsipras in de verkiezingscampagne riep dat hij het memorandum zou verscheuren, zegt Lina Stavrapoulos, een student farmacie die overweegt zich blijvend in het buitenland te vestigen. Nu onderhandelt hij over een nieuw memorandum. Dat hij het zo goed blijft doen in de peilingen, komt doordat hij nog krediet over heeft, zegt ze. „De recepten van de andere partijen hebben de afgelopen jaren ook niet geholpen. De mensen zijn moe. Ze hebben het idee dat ze toch niets meer te verliezen hebben.”

Bovendien, wat is het alternatief? De oppositiepartijen maken weinig enthousiasme los. Als ex-premier Antonis Samaras na zijn verkiezingsnederlaag in januari meteen zou zijn opgestapt, was daar mogelijk een andere dynamiek ontstaan. Pas vorige maand maakte Samaras plaats voor Vangelis Meimarakis, maar dat is een overgangsfiguur. De socialistische partij Pasok is leeggelopen, veel kiezers zijn overgestapt naar Syriza. Dan is er ook nog To Potami, het redelijk alternatief in het centrum, maar die partij appelleert vooralsnog meer aan het hoofd dan aan het hart, en dat beperkt haar mogelijkheden in de door emoties gedreven Griekse politiek.

Tragische uitkomst

Vooralsnog heeft Tsipras het meest te duchten van verzet binnen zijn eigen partij. Op een bijeenkomst van het Centraal Comité begin deze maand bleek dat de groep hardliners zich nog niet gewonnen geeft. Een van hen is parlementslid Eleni Sotiriou, die uit protest tegen het „autoritaire” optreden van Tsipras met zeventien anderen uit het Centraal Comité is gestapt.

„De premier neemt het volksmandaat van de verkiezingen en het referendum niet serieus”, zegt Sotiriou, afkomstig uit de communistische partij KKE. „De grote waarheid van de verkiezingen lijkt te zijn vergeten, dat er een verandering mogelijk is die tegen de neoliberale regimes ingaat. Dat kan nog steeds, maar dan moet de partij dat samen doen met het volk.”

Dat herstel van „het contact tussen partij en samenleving” is volgens haar het allerbelangrijkste. En wat zij Tsipras het meest verwijt: „De houding is nu redden wat er nog gered kan worden. Maar een linkse regering die zegt dat er geen alternatief is, dat is de meest tragische uitkomst denkbaar. De daling van de verwachtingen is tragisch. Er zijn geen gemakkelijke antwoorden. Maar de bestaansreden van links is een waardig alternatief te bieden voor de verstikkende kaders van anderen.”

De spanningen in de partij lopen zo hoog op dat regeringswoordvoerder Olga Gerovasili vorige week speculeerde over vervroegde verkiezingen. „Waarschijnlijk komen er verkiezingen in de herfst. Dat hang vooral af van de vraag hoe stabiel deze regering de komende periode kan zijn.”

Sotiriou laat zich niet in de kaart kijken. „De eenheid binnen de partij is belangrijk. Met name de ouderen hebben slechte herinneringen aan de linkse ruzies uit het verleden. Mensen zeggen dat we elkaar moeten blijven steunen. Maar om wat te doen? Om iemand een blanco cheque te geven?”

Een dilemma voor Tsipras’ critici binnen Syriza is dat hij zó populair is dat wie hem afvalt, weinig kans maakt om bij verkiezingen op eigen kracht terug te komen. Syriza is een coalitie van een vijftiental bewegingen en partijen, van Groenen tot trotskisten, die verre van een eenheid is geworden. Hier en daar wordt erover gespeculeerd dat Tsipras naar het midden opschuift en, al dan niet na verkiezingen, probeert samen te werken met andere partijen ter rechterzijde dan de kleine rechts-nationalistische Onafhankelijke Grieken. Vooralsnog zijn dat speculaties, en Tsipras heeft al gezegd niets te zien in een soort kabinet van nationale eenheid.

Blijft hij populair?

Tegelijkertijd bestaat er twijfel of Tsipras wel zo populair blijft wanneer de effecten van de maatregelen die hij in opdracht van Europa moet nemen, gaan bijten. „Ik heb in januari op hem gestemd, maar ik doe dat niet meer”, zegt Demetri Spanos, die in de toeristenindustrie op het eiland Aegina werkt. „Er is hier twee maanden per jaar werk, en door het gedraai van Tsipras komen hier nu veel minder Griekse toeristen. Zo kunnen we niet doorgaan.”

Ook Nadina Christopoulou, in Athene betrokken bij een vrijwilligersorganisatie voor migranten, heeft haar twijfels. „Syriza heeft zich de afgelopen zes maanden vooral beziggehouden met interne ruzies en niet met wat goed is voor het land.”

Ondanks al die bedenkingen en kritiek is er niet meteen een alternatief zichtbaar voor Tsipras. Elders in Europa bestond de gedachte dat hij verzwakt uit het referendum van vorige maand zou komen, maar hij staat er juist sterker door. Tsipras heeft bij het referendum vorige maand onverwacht veel steun gekregen.

In de toespraak waarin hij de kiezers opriep nee te stemmen, haalde Tsipras een voorbeeld aan uit de Griekse mythologie, waarin de oppergod Zeus de prinses Europa ontvoert. Nu gebeurt iets vergelijkbaars, zei hij. „De bezuinigingstechnocraten willen Europa opnieuw ontvoeren.” De 41-jarige premier werpt zich graag op als de held die de Griekse belangen verdedigt. Bij de uitvoering van de afspraken met de schuldeisers moet duidelijk worden hoe Tsipras dat invult. Ben je een held door nee te blijven zeggen of door een compromis te sluiten?