Eindelijk zou je zeggen, na alle heisa

Na tien jaar heibel werd dit weekend het hoogste punt gebouwd van de nieuwe Amerikaanse ambassade.

De ‘viering’ van het hoogste punt van de Amerikaanse ambassade, vrijdag, met ambassadeur van de VS in Nederland, Timothy Broas.

Op het dak van de nieuwe Amerikaanse ambassade in Wassenaar houdt een hijskraan de Amerikaanse en Nederlandse vlag omhoog. Zo’n zeventig bouwvakkers wachten een beetje verveeld in de felle zon op het praatje van Amerikaanse ambassadeur Timothy Broas. Driehonderdduizend manuren werkten zij de afgelopen twee jaar aan de nieuwe Amerikaanse ambassade naast landgoed Duindigt. Op vrijdag was het hoogste punt van de bouw was bereikt.

Eindelijk, zou je zeggen. Niet dat de bouw zo lang duurde, ze liggen zelfs voor op schema. Maar alle heisa eromheen duurde wel lang: tussen de Amerikanen en de gemeenten Den Haag en Wassenaar aan de ene kant, en een hondenrenvereniging, twee voetbalverenigingen, een stichting en een buurtvereniging aan de andere kant. Tien jaar zijn de Amerikanen al bezig met dit project. Want het geeft prestige, zo’n ambassade in je gemeente, maar met de strenge beveiliging, de demonstraties, en het gevaar voor aanslagen, word je niet met open armen ontvangen. Van de bouw is inmiddels 40 procent af. In 2017 moet de rest ook af zijn.

Om het bouwterrein te kunnen betreden moet je eerst langs allerlei checks. ‘No pictures, no cellphones, no weapons’, staat er op een bordje. Dat wordt ook gecontroleerd. En er wordt in je paspoort gekeken. De nieuwe locatie is gigantisch: 11.000 vierkante meter. De constructie van het vierkante hoofdgebouw is nu af. Wat je nu ziet, is een groot betonnen kaal gebouw.

In totaal komen er zes gebouwen te staan, waar ongeveer tweehonderd mensen komen te werken (op de ambassade in Den Haag werken nu 120 mensen). Op de nieuwe locatie zullen ook Amerikaanse delegaties van internationale organisaties kantoor houden.

Buiten lijkt het nu nog op een soort kleine stoffige legerbasis met kruiwagens, tenten en blokken cement. Op het dak, vijftien meter hoog, kijk je uit over de Haagse skyline. Daar vlakbij, aan het Lange Voorhout, staat de huidige Amerikaanse ambassade.

Na de aanslagen op het New Yorkse World Trade Center in 2001 werden de veiligheidsmaatregelen aangescherpt en daar was in de binnenstad van Den Haag niet zoveel ruimte voor. Aanrijwegen naar het gebouw werden geblokkeerd met rood-witte plastic blokken, waardoor automobilisten ter hoogte van de ambassade over de trambaan moesten. Er moesten dranghekken en anti-rampalen geplaatst worden.

Toen er op november 2004 een (valse) bommelding kwam, werd het verkeer in een deel van de binnenstad afgesloten. De gemeente Den Haag drong aan op een verhuizing van de ambassade naar een „andere prestigieuze locatie”, die makkelijker te beveiligen was en de omgeving zou ontlasten. De Amerikanen kwamen in 2005 met een idee: landgoed Clingendael in Wassenaar, maar de gemeenteraden van Den Haag en Wassenaar stemden daar niet mee in.

Er kwamen nieuwe onderhandelingen. Een groep Amerikanen van het Bureau of Overseas Building Operations kwam op bezoek. Het gebied moest groot genoeg zijn, vooral vanwege de veiligheidszone van dertig meter rond het gebouw. Ook moest de locatie strategisch gelegen zijn, dicht bij de politieke macht, dus het moest in de buurt van Den Haag zijn.

Opnieuw werd naar Wassenaar gekeken. Nu ging de voorkeur uit naar het terrein rond landgoed Duindigt. Daar lagen voetbalvelden van vereniging JAC en een hondenrenbaan van de Windhonden Renvereniging Zuid-Holland. Er er was nog Carola Burgerhout, een voormalige eigenaresse van het grondgebied, die nog rechten had op het terrein.

„In 2007 las ik in de krant over de plannen”, zegt Burgerhout telefonisch. Al tweehonderd jaar was haar familie eigenaar van het stuk grond waar de ambassade nu op staat. Eind jaren zeventig verkocht haar moeder het aan de gemeente Den Haag met de voorwaarde dat er nooit bebouwing op zou komen. Maar toen kwamen er de plannen voor de bouw van de Amerikaanse ambassade. Burgerhout tekende bezwaar aan. De Raad van State stelde de gemeente in het gelijk. „Het was een verloren strijd. Die ambassade zou er hoe dan ook komen.”

Naast de ambassade zit voetbalclub SVC’08. Voor 2009 heette de club nog SV’35, maar hij fuseerde met JAC, de club die velden had op de plek waar nu de ambassade staat. Piet Overduin, voorzitter van SVC’08, kreeg in 2007 een brief over de fusie. „Razendsnel moesten we van alles en nog wat veranderen”, zegt Overduin aan de telefoon. „De gemeente Den Haag heeft ons toen veel geld beloofd voor een nieuw clubhuis. Iedereen die hier nu naar binnenloopt zegt: jeetje wat is dit een mooie plek.” De hondenrenbaan die er zat verhuisde naar Schiebroek.

De Amerikaan Phil Barth is de projectleider van de bouw van de ambassade die in 2014 begon. Hij gaf vrijdag een rondleiding aan de Amerikaanse ambassadeur, de burgemeester van Wassenaar Jan Hoekema en de locoburgemeester van Den Haag, Ingrid van Engelshoven. Barth is een diplomaat bij het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken, hiervoor bouwde hij de ambassade van Bagdad. Die van Nederland wordt gebouwd door het Amerikaans bedrijf Caddell Enka.

Samen met burgemeester Hoekema proost Barth op de vriendschap tussen Nederland en Amerika. „De komst van de ambassade is goed voor de lokale economie. De 200 mensen die hier gaan werken gaan hier ook boodschappen doen”, zegt Hoekema.

Is de burgemeester niet bang voor aanslagen? Vorige maand kwam het nieuws dat Mohammed B., de moordenaar van Theo van Gogh, tegen iemand had gezegd een bom te willen gooien op de Amerikaanse ambassade. „Amerikaanse ambassades in de hele wereld worden enorm goed beveiligd. En we moeten onszelf niet te bang maken”, zegt zegt Hoekema.

Die veiligheid vormde ook een bezwaar van de buren. Maar hun grootste zorg was de verstening van het gebied, zegt Frank Basters, voorzitter van buurtvereniging Wassenaar Duindigt. Er zijn drie- tot vierhonderd bomen gekapt, met de belofte dat ze worden herplant, zegt hij. „Kijk, zo’n ambassade komt er toch wel, uit staatsbelang”, zegt Basters. „En de Buurtvereniging heeft goed en regelmatig contact met het projectteam.”