Voorzichtig

Ik rijd met mijn echtgenote en twee vrienden door onze woonplaats IJsselstein naar de schouwburg in Nieuwegein. We zijn ruim op tijd voor een kopje koffie voor de voorstelling.

Het is donker, de weg behoorlijk bochtig, om de paar honderd meter staan stoplichten en je moet regelmatig van baan verwisselen. Bovendien is mijn Saab nog ouder dan die van onze minister-president. Kortom: ik rijd rustig.

Bij het vierde stoplicht wurmt zich een motoragent tussen middenberm en auto. Hij gebaart: raam openen. En zegt: „Wilt u mij maar volgen.”

Gezagsgetrouw gehoorzamen we. Na ruim vijf minuten stoppen we op een parkeerplaats. „Wilt u uitstappen”, waarna volgt „wilt u maar blazen.”

Na bestuderen van het resultaat van mijn inspanning klinkt het:

„Het is goed, u kunt uw weg vervolgen. Ik hield u aan omdat u voorzichtig reed.”

Ben van der Togt