Een ‘zwerm’ van illegalen schokt het eilandgevoel

Verhoudingsgewijs komen er weinig migranten naar het VK, maar zo voelen de eilandbewoners het niet. „Ze worden opgevangen in hotels. Dat maakt me woedend.”

Chris Gadsden

Als iemand weet dat immigranten Engeland illegaal weten te bereiken, is het Chris Gadsden. Regelmatig treft hij in de ochtendschemer, of net als het duister valt, tussen zijn boerderij en de snelweg groepjes mensen aan. Hij draagt ze over aan de politie. De tabloids noemen hem inmiddels The Farminator.

Hij houdt niet van die naam. Tegen wil en dank is hij een voorbeeld geworden voor het feit dat Engeland niet zo’n onneembare vesting in zee is als de bewoners denken. Want hoewel het aantal vluchtelingen dat daadwerkelijk oversteekt, wordt geschat op enkele honderden, voelt voor met name de Engelsen ieder bericht over aangehouden illegalen, over bestormingen van de Eurotunnel aan Franse zijde, en over het tentenkamp in Calais als een bedreiging van het fysieke isolement waarin zij als eilandbewoners dachten te leven. Door niet mee te doen aan het grensverdrag van Schengen, waarvan de grens door het Kanaal loopt, meenden zij afgezonderd te zijn van Europa.

De media hebben het over een invasie. De rechtse Daily Mail vroeg zich hardop af waarom de Spaanse Armada, Napoleon en Hitler konden worden tegengehouden, maar alle uitgeputte migranten aan de andere kant van het Kanaal niet. Woorden als vloed, golf, en overspoeld worden zowel in de tabloids als kwaliteitskranten consequent gebruikt in berichten over migratie – illegaal én legaal. Onderscheid tussen asielzoekers, oorlogsvluchtelingen en economische vluchtelingen wordt zelden nog gemaakt. Premier David Cameron had het vorige week zelfs over ‘een zwerm’ die de zee oversteekt „op weg naar een beter leven in het Verenigd Koninkrijk”.

Chris Gadsden (60) woont niet eens in de buurt van Dover, noch de zee. Zijn boerderij annex timmermansbedrijf ligt ten noorden van vliegveld Luton, op een uur van Londen. Achter in de tuin houdt hij postduiven, in de voortuin staat een jonge hengst te grazen. De negen honden waarschuwen onmiddellijk als een onbekende het erf betreedt.

Op de achtergrond is het geraas van de M1 te horen, en turend over de tarwevelden zie je de benzinepomp en het wegrestaurant van Toddington. Voor veel vrachtwagens is dit de eerste stop die zij tussen Dover, Folkestone of Harwich en de rest van het land maken. Voor illegalen is het meestal de eerste kans om uit de wagens te kruipen.

„Ze hebben onmiddellijk dekking door de tarwe en dan door de heg”, zegt Gadsden. „En eenmaal in Luton, is het zo multicultureel, daar vallen ze weg.” Een keurig met bordjes aangegeven recht van overpad, inclusief stiles (houten trapjes over hekken) en het gebod van de gemeente om de hond aan te lijnen, voert die kant op. Tussen de parkeerplaats bij de pomp en het graan hebben mensenvoeten duidelijk een paadje ingesleten.

Gadsden wijst op holletjes in de heg. Her en der liggen kledingstukken; uit een stroompje waar hij zegt eens badende illegalen tegen te zijn gekomen, vist hij een jas. Bij een provisorische tent van takken zijn buitenlandse verpakkingen achtergebleven. Sigaretten staat er in het Tsjechisch. Iets anders komt uit Izmir.

Hij woont sinds 1987 op Cowbridge Farm en zegt al „dertien, veertien jaar lang” illegalen te betrappen. Maar: „De laatste maanden waren echt dol.” De politie van Bedfordshire bevestigt in een e-mail zijn verhaal. Over heel 2014 werden er rond Toddington 277 illegalen aangehouden, dit jaar tot 16 juli al 287, schrijft hoofdcommissaris David Boyle.

Gadsden vertelt over de dertig Somaliërs „in vier, vijf lagen kleding” die hij in juni zag lopen. „Eerst dacht ik dat het wandelaars waren, maar het was de verkeerde kleding.” Meestal snapt hij één of een paar illegalen. „Dit was duidelijk georganiseerd, ze hadden mobiele telefoons bij zich.” Ook dat was niet de eerste keer: in mei belde hij ’s nachts de politie toen twee minibusjes via zijn oprit door de tarwe wilden rijden.

Hij is niet snel bang. Omgekeerd geldt dat misschien wel voor wie hem tegenkomt: Gadsden ziet er, met zijn stevige bouw en armen vol tatoeages, niet uit alsof er met hem valt te sollen. Zijn vrouw Leanne heeft als ze de honden uitlaat altijd een mobieltje mee. Het zijn bovendien jachthonden, die ’s nachts meegaan op konijnenjacht. „Die bijt”, wijst hij op een retriever.

Op de vraag waarom hij denkt dat de vluchtelingen het Britse eiland op willen, komt hij met een veelgehoord antwoord. Hij zegt: „Het probleem van dit land is dat ze aalmoezen krijgen. Ik las dat ze bovendien worden opgevangen in hotels, met een potje thee. Dat maakt me woedend: dan wrijf je het onze eigen mensen nog eens in wat ze niet krijgen.”

In het artikel waar hij op doelt, uit de Daily Mail, werd beweerd dat immigranten van belastinggeld in hotels werden opgevangen, waar ze drie maaltijden per dag en toegang tot het zwembad kregen. Het ging in werkelijkheid om honderd asielzoekers die – omdat het opvangcentrum vol zat – tijdelijk, tegen geen extra kosten, in een hotel werden opgevangen. De meeste illegalen, die overigens niet via de tunnel of per boot maar vooral op geldige visa binnenkomen en blijven plakken, komen in een uitzetcentrum terecht als ze worden opgepakt en hun asielaanvraag wordt afgewezen.

Dit soort misverstanden maakt het begrip voor vluchtelingen minder, meent Don Flynn van het Migrants’ Rights Network. „Ik heb minder bezwaar tegen David Camerons ‘zwerm’, al is dat onjuist als je naar de aantallen kijkt, dan tegen opmerkingen als zou dit land ‘een land van melk en honing’ zijn, wat de staatssecretaris van Immigratie beweert. De immigranten die ik ken, verwachten niet dat ze het hier makkelijk zullen krijgen.”

Dergelijke taal en bijbehorende maatregelen, zegt Flynn, moeten een imago van „een vijandige omgeving” te creëren. Met als doel dat de netto-instroom onder de 100.000 zal komen, wat de Conservatieven in 2010 beloofden. De huidige netto-instroom is 318.000.

Maatregelen als huisbazen beboeten die illegalen niet aangeven, of het schrappen van de financiële bijdrage aan uitgeprocedeerde asielzoekers met kinderen „schrikt niemand af”, zegt Flynn. „Of wel, het schrikt professionals en studenten af, de zogenoemde ‘elitemigranten’. Zij hebben een keuze, andere landen waar ze heen kunnen. Zij horen de boodschap luid en duidelijk.”

„Voor diegene die geen keuze hebben, is de thuissituatie dusdanig slecht dat Britse vijandigheid niet onoverkomelijk is. En als ze hun kop niet boven het maaiveld steken, kunnen ze zich redden.”

Dat weet ook boer Gadsden. Hij twijfelt wel eens over zijn Farminator-rol. „Ik vraag me soms af: moet ik ze wel tegenhouden? Als ik ze laat gaan, vinden ze in Luton of in Londen gewoon werk.”

Vorig jaar werden er iets meer dan 25.000 asielaanvragen gedaan in het Verenigd Koninkrijk. Don Flynn van het Migrants’ Rights Network zegt: „Dat is bescheiden in vergelijking met andere landen, blijf ik maar zeggen.” Omdat veel vluchtelingen eerst een ander Europees land zijn binnengekomen, kunnen ze worden teruggestuurd.

„Dit is nog altijd een moeilijk land om binnen te komen. We hebben het misschien over duizend illegalen per jaar. De meesten worden namelijk onmiddellijk bij aankomst gesnapt. Dat is waarom Calais zo’n dramatische impact heeft, we hebben nog altijd het iconografische idee van een grens.”