De krijgsmacht vult het ene gat met het andere

Kogels voor het 9 millimeter-handvuurwapen worden niet langer geleverd. Die boodschap kregen de opleidingen van de Koninklijke Marine in Den Helder en Rotterdam in april dit jaar. Voor het persoonlijke standaardwapen met een kleiner kaliber (5.56 mm) was de korting iets minder groot, maar nog steeds drastisch: geen honderd maar 90 tot 95 procent. Ook voor munitie voor de speciale wapens die scherpschutters binnen de marine gebruiken, kwam een scherpe reductie.

En in juni volgde de algehele freeze, waarmee de krijgsmacht begin deze week in het nieuws kwam (‘Militairen moeten voortaan zelf „pang, pang!” roepen’). Voor een periode van zes weken konden er binnen de hele krijgsmacht – landmacht, luchtmacht, marine en marechaussee – helemaal geen kogels bij het centrale magazijn besteld worden. Gevolg: opleidingen voor het schieten met sommige munitiesoorten worden geschrapt. Eerder al werden bepaalde opleidingen sterk ingekrompen.

De ‘kogelstop’ is met een mengeling van cynisme en zorg ontvangen, zegt een marinebron. Militairen herinnerden zich ook enkele ongelukken, eerder dit jaar, als gevolg van verkeerd vuurwapengebruik door Nederlandse instructeurs in Erbil (Irak) en Mali. Het verband met bezuinigingen op de basisopleiding in de omgang met het vuurwapen was snel gelegd. Het ministerie van Defensie, dat de incidenten onderzocht, ontkent het verband echter en spreekt van „menselijke fouten”.

Berichten over materiaaltekort, gebrekkige voorbereidingen en oplopende werkdruk bij de krijgsmacht zijn niet nieuw. De Algemene Rekenkamer beschreef in mei nog eens hoe de krijgsmacht de laatste decennia werd uitgekleed. Rode draad: Defensie wil veel meer dan het qua materiaal en personeel kan waarmaken. „Defensie trekt een niet vol te houden wissel op zichzelf”, luidde een beleefde kop in het rapport dat een uitgewoonde organisatie beschreef waarbinnen het ene gat met het andere wordt gevuld.

Krakkemikkige F-16’s

Daarnaast slorpten dure JSF’s (aanschafkosten: bijna 6 miljard euro) ook nog eens het budget voor de luchtmacht leeg. Vertraging in het ontwikkelprogramma leverde extra kosten (mogelijk oplopend tot boven de 500 miljoen) op voor het in de lucht houden van de krakkemikkige F-16’s. Ook blijken ambitieuze ICT-systemen ondanks investeringen van honderden miljoenen, niet te werken. Prestigieuze missies in verre buitenlanden eisten hun tol op materiaal en personeel.

Ook de Tweede Kamer werd kritischer. Past de huidige opbouw van de krijgsmacht wel bij nieuwe dreigingen in Europa? Terwijl eind jaren vijftig meer dan achthonderd Nederlandse tanks de vijand dicht bij huis op afstand moesten houden, worden nu veel lichtere pantservoertuigen gebruikt voor militaire missies in landen als Mali en eerder Afghanistan. Maar maken die wel indruk op het assertieve Rusland van president Poetin?

Op aandringen van de SGP en andere fracties, beschreef Defensie de afgelopen maanden in brieven aan de Kamer wat de gevolgen waren van de miljardenbezuinigingen sinds het eind van de Koude Oorlog.

De gevolgen van de bezuinigingen vallen uiteen in enkele categorieën. De eerste betreft „herverdelingen”. Dat is de officiële term van Defensie. De militairen zelf zeggen „kannibaliseren”. Bij marine, lucht- en landmacht worden over de hele linie motoren en andere onderdelen van het ene schip, voer- of vliegtuig weggehaald om het andere in bedrijf te houden. Alleen zo kunnen de buitenlandse missies in bijvoorbeeld Irak of Mali of voor de kust van Somalië tegen piraten blijven draaien. Van de vier modernste, zogeheten LCF-fregatten zijn er drie daadwerkelijk inzetbaar. De vierde ligt stil voor onderhoud en wordt gebruikt als ‘leverancier’ voor onderdelen die elders niet leverbaar zijn, of te duur. „Soms ook zit het levercontract met buitenlandse onderhoudsbedrijven gewoon niet goed in elkaar”, zegt SGP-Kamerlid Elbert Dijkgraaf. Uit de overzichten van Defensie blijkt dat veel onderhoud loopt via Belgische bedrijven.

De krijgsmacht betaalt zo een hoge prijs voor de missies. In het zand van Uruzgan sleten onderdelen van landmachtvoertuigen en rotorbladen van helikopters vele malen sneller dan in Nederland zou zijn gebeurd. Dat geldt ook in Mali. Veel materiaal moet versneld worden afgeschreven.

Nee verkopen

Door de materiële tekorten en gebreken kan Nederland langdurige confrontaties op meerdere fronten (Oekraïne, Middellandse Zee, Midden-Oosten) niet (meer) aan. Door gebrek aan parate schepen en personeel moest Den Haag onlangs nee verkopen aan Brussel voor een Europese operatie in de Middellandse Zee om bootvluchtelingen te redden. De missie in Irak tegen ISIS is weliswaar onlangs verlengd, maar het aantal inzetbare F-16’s zakt van zes naar vier – met twee in reserve.

Dan de gevolgen voor het militair personeel. Dat krijgt niet alleen te maken met verschraalde opleidingen. Minister Hennis vertelde al in mei aan de Volkskrant dat de rusttijd voor militairen die op missie in het buitenland zijn geweest, drastisch is bekort. Met name de druk op militairen met gespecialiseerde taken (technici, medici, special forces) is flink toegenomen. Zo doen special forces mee aan de snelle interventie-macht die de NAVO onlangs voor Oost-Europa in het leven riep.

Begin deze week stelde krijgsmachtchef Tom Middendorp dat Defensie „op het randje balanceert”. Het was niet zijn eerste waarschuwing. De Commandant der Strijdkrachten stelt al langer dat de grens wat hem betreft is bereikt. „Ik vind dat moedig van Middendorp”, zegt SGP-Kamerlid Dijkgraaf. „Zijn voorgangers waren eerder geneigd uit te gaan van wat politiek haalbaar was.”

Ook Marc de Natris, duo-voorzitter van de gezamenlijke officierenverenigingen (GOV), prijst krijgsmachtchef Middendorp. „Zijn waarschuwingen kun je niet afdoen als een politiek spelletje in begrotingstijd”, zegt hij. „Ook Middendorp weet dat Defensie vooral draaiende wordt gehouden door de gemotiveerdheid van het personeel. Dat moet roeien met de paar riemen die het nog heeft. Voor hen wil Middendorp opkomen.”

Komende Prinsjesdag krijgt Defensie er naar verwachting enkele honderden miljoenen euro's bij. De Natris en andere militairen verwachten dat het extra geld alleen kan worden gebruikt om enkele grote gaten in materieel en personeel opzicht te dichten. „Bijvoorbeeld door meer specialisten aan te nemen. En door meer reserveonderdelen en kogels te kopen”, zegt De Natris. „Van een echte investering in de modernisering van onze krijgsmacht is echter geen sprake.”