opnieuw

Fotograaf Ad Nuis en auteur Arthur van den Boogaard maken eens in de twee weken een foto ‘opnieuw’ en belichten de tijd ertussen.

Ondernemer Marc Bierens (55) wachtte zomer 1995 op het perron van halte Zoutindustrie samen met oudste zoon Olivier (22) op de komst van de stoomtrein van Haaksbergen naar Boekelo.

De Huttensmit heette het zomerhuis van mijn zwager. Het stond in de bossen rond Boekelo en als wij daar logeerden hoorden we de stoomtrein fluiten. Eerder zagen we deze ook al rijden. Olivier wilde graag mee. Alles betreffend mechanisch bewegen nam hij serieus: als peuter bestudeerde hij al rustig tien minuten lang deurscharnieren. En in treinen reden we soms meerdere keren op en neer met hetzelfde kaartje. Ik had datzelfde met drummen. Als jongetje was alles een drumstel. Nadat ik conservatorium ‘slagwerk en lichte muziek’ had gedaan en danig rondgetoerd in het drummers-schnabbel-circuit, werkte ik alweer enige jaren voor platenmaatschappij Polydor. Als labelmanager van A&M was ik verantwoordelijk voor bands als Supertramp, The Police, Sting, Soundgarden en [de nooit doorgebroken Schotse band] Del Amitri. Zelf was ik al uitgekeken op die wereld, wilde verder. Een jaar later zat ik in mijn vaders verfbedrijf, Bichemie. Dat was wel wennen. Bij Polydor was veel afwisseling, iedere twee weken een cd-release. In de verf gebeurde helemaal niets. Ik dacht: ik kijk het twee jaar aan. Dat is nu twintig jaar geleden. Olivier ontwikkelde zich in die periode. De droom van treinmachinist wisselde voor scheepskapitein, voor piloot. Dat laatste is hij ook geworden. Keihard gewerkt op school en volledige focus op de internationale opleiding. Zelf had ik dat als jongeling dus met drummen. Misschien is het daarom, of gewoon omdat ik trots op hem ben, maar dat we destijds op dat perron onbedoeld vrijwel dezelfde pose aannamen, ontroert mij zeer.”