Moet je altijd alles ontruimen?

Waarom werd de buurt niet ontruimd waar maandag twee grote hijskranen omvielen? Deskundigen verschillen erover van mening.

Fietsende meisjes met zes seconden voorsprong op neerstortend puin. Een café-eigenares die net een vallende stalen balk ontloopt. Een servicemonteur met het geluk dat hij niet één meter verder naar rechts zat. Zie de beelden uit Alphen aan den Rijn en de vraag komt op. Had de wijk niet preventief ontruimd moeten worden?

Ja, zegt Pieter van Gelder, hoogleraar veiligheidskunde aan de Technische Universiteit Delft. Dit ging om enorme hijskranen en een forse hijslast, een brugdeel van tientallen tonnen. Met pal ernaast winkels en woonhuizen. Dan is het een „quick win”, vindt Van Gelder, om mensen tijdelijk uit hun huizen te halen.

Vergelijk het met de Explosieven Opruimingsdienst die een bom ontmantelt, zegt hij. Die berekent de straal waarbinnen die bom schade kan aanrichten, mocht die ontploffen. „Woningen binnen die straal worden standaard ontruimd, ook al ontploft zo’n bom zelden tot nooit.”

Cor van Unen van de brancheorganisatie voor verticaal transport VVT, is het met Van Gelder oneens. Het is heel simpel, zegt Van Unen: als er een risico is op omvallende kranen, dan moet je als bedrijf eenvoudigweg niet gaan hijsen. „Als je woningen gaat ontruimen, dan zeg je als bedrijf dus eigenlijk: de klus is zo gevaarlijk dat kranen kunnen omvallen. Daar moet je dan dus niet aan beginnen.” Het euvel in Alphen zat elders, zegt Van Unen: het risico op omvallende kranen werd op de één of andere manier niet herkend. „Dáár ging het mis.”

Wettelijke regels over ontruiming bij hijswerkzaamheden zijn er niet. Wel verplicht de Arbowet werkgevers om „doeltreffende maatregelen” te nemen zodat het werk dat zij laten uitvoeren geen gevaar oplevert voor „andere personen”. En er is een zogenoemd Arbobesluit dat voorschrijft dat hijskranen zodanig worden opgesteld „dat het gevaar wordt beperkt dat de lasten de werknemers raken”. Maakt dat het hijswerk onmogelijk, dan moeten „passende procedures” worden vastgesteld.

Kortom: de wet laat kraanbedrijven behoorlijk vrij om zelf te beoordelen hoe ze verantwoord en veilig kunnen opereren. En dat gebeurt ook, blijkt bij navraag bij kraanbedrijven. Zij spreken van „maatwerk”. Hijst een bedrijf een last van tien ton over een huis, dan zal het de woning al snel laten ontruimen. Maar moet er, zeg, een aircosysteem van 75 kilo overheen, dan is het puur zaak dat de machinist de kraan niet te hoog over het dak laat zweven. Dicht boven dat dak blijven met die airco, en je zit veilig.

Gekwalificeerde machinisten zijn dus essentieel. Machinisten van grote hijskranen moeten dan ook een hijsbewijs hebben, een certificaat dat geldig is voor vijf jaar. Voor verlenging is ervaring en bijscholing vereist. De hijskranen zelf moeten elke twee jaar worden gekeurd.

„Maar niet alle risico’s zijn uit te sluiten”, zegt secretaris Paul Uilenbroek van de stichting die toeziet op die certificering, TCVT. Als je preventief gaat ontruimen bij elke kraan die last hijst dicht bij een woning, „dan moet bijna iedereen in Nederland zijn huis uit”. Neem het hijswerk bij Utrecht Centraal, zegt hij. Torenkranen van soms meer dan honderd meter hoog. „Zo’n kraan beweegt boven de sporen waar treinen rijden. Je kunt mensen niet verbieden daar te komen. Dan loopt Nederland vast.”