Imtech speelt nog een ronde

Imtech krijgt toch geen 75 miljoen euro en moet weer met de banken in gesprek. Zo wordt dit spel gespeeld.

Illustratie Daan van Elk

Het moet onderhand een record zijn: installatiebedrijf Imtech is voor de vijfde keer in 2,5 jaar tijd in onderhandeling met zijn banken. Vandaag liet Imtech (3,9 miljard euro omzet, 22.000 werknemers) weten dat een beoogd akkoord over 75 miljoen euro noodkrediet toch is mislukt. Nu is het noodlijdende bedrijf weer met zijn financiers – 40 in totaal – in gesprek over een andere oplossing.

Het bedrijf uit Gouda heeft inmiddels een uitgebreid lexicon opgebouwd. De „dialoog” met de banken heet in persberichten „constructief”, „voortdurend” of „vergevorderd”. De „steun” van de financiers is een „sterk teken van vertrouwen”. Nu ook weer is er „constructief overleg”, zei financieel directeur Hans Turkesteen vanochtend tijdens een persconferentie. Hij maakte er grapje over: „Dat betekent dat er niet heel veel wordt geschreeuwd.”

Dat klinkt allemaal heel harmonieus. Maar onderhandelingen over noodkrediet vinden vaak plaats in een sfeer van wantrouwen. En chaos.

Tientallen mensen zijn er doorgaans bij betrokken – nu ook weer bij de redding van Imtech. Verschillende bankafdelingen, inbellende bankiers uit het buitenland, bestuurders, commissarissen en advocaten. De druk is groot, het kan tot diep de nacht doorgaan. Soms verloopt het ordelijk, maar ook wel eens „als een Poolse landdag”, zegt een advocaat die ervaring heeft met zulke sessies. Dan is er „totaal geen leiding” – wel „emotie” en „ruzie”. Deze advocaat zat er eens naast toen een bankier een glas water in zijn gezicht geplensd kreeg.

Bedrijf én bank hebben grote belangen. Het bedrijf wil voortbestaan, de bank wil haar geld. Maar de verhouding is ongelijk. Uiteindelijk is de bank de baas. Toch kunnen beide partijen strategieën inzetten om hún belang te verdedigen – ook het noodlijdende bedrijf. Want „de crediteuren worden in zekere zin gegijzeld door de schuldenaar”, zegt advocaat Robert van Galen van NautaDutilh, die zowel bedrijven als banken in onderhandelingen bijstaat. „Als een groot bedrijf ploft, heeft de bank veel te verliezen.”

Bellen op hoog niveau

Hoe wordt dit spel gespeeld? De bank wil zich indekken. Een simpele strategie is zekerheden eisen in ruil voor extra geld. De bank krijgt dan pandrechten op bijvoorbeeld voorraden. Als het misgaat, zijn die op te eisen. Ook schroeft de bank de kosten omhoog – risico is duur. Extra krediet krijgt een bedrijf alleen tegen „een rentepercentage waar je ziek van wordt”, zegt een voormalig topman die een Nederlands bedrijf door een reddingsoperatie loodste.

Aan zekerheden en hoge kosten valt niet te ontkomen. Maar bedrijven kunnen wel proberen de regie te houden. Bijvoorbeeld door zelf met een slim reddingsplan te komen, zegt een oud-bankier die meerdere reddingen meemaakte. „Banken kijken uitsluitend naar hun eigen belang.” Dat is: nóg grotere schade op korte termijn voorkomen. De truc is de banken te overtuigen van dat slimme lange termijnplan.

De banken hebben echter een populaire strategie die dat dwarsboomt: zeggenschap afdwingen over wat een bedrijf wel en niet mag. Leuke investeringen of overnames? Die zitten er niet meer in. In plaats daarvan moeten bedrijven soms juist onderdelen verkopen.

Welke opties heeft de directeur dan nog? Als het moeizaam gaat, kan een bedrijf het over de informele boeg gooien en zijn commissarissen inzetten. Hoe gewichtiger die zijn, hoe groter het voordeel. Zo belde Kees van Lede, die als president-commissaris bij de vorige reddingsactie van Imtech betrokken was, rechtstreeks met de topmannen van ABN Amro, Rabobank, ING en de Duitse Commerzbank – de belangrijkste financiers van Imtech.

Het hele „circus” van onderhandelen over noodkrediet is slopend en duur, zegt Van Lede. Hij heeft er bij de banken en advocatenkantoor De Brauw, de huisadvocaat van Imtech, dan ook op aangedrongen het proces te versimpelen en te versnellen en één coördinator aan te stellen.

Een soort spion

Er zit geen grens aan hoe vaak een bedrijf opnieuw naar zijn banken kan stappen om extra geld, zegt advocaat Wouter Jongepier van Boekel, die bedrijven bijstaat in zulke onderhandelingen. „Zo lang de banken er nog vertrouwen in hebben, kunnen dit soort exercities doorgaan.” Pas als het management keer op keer afspraken schendt en verkeerde verwachtingen wekt „is het afgelopen”.

Enig onderling vertrouwen tussen bank en bestuurders is dus cruciaal. Het helpt daarom niet, zeggen kenners, dat de huidige bestuurders van Imtech hebben aangekondigd dat ze volgend jaar opstappen. Daardoor weten de banken niet met wie ze straks zaken doen.

Als de situatie nijpend wordt, zijn er radicalere strategieën. De bank kan een nieuwe, extra bestuurder eisen. Zo verwelkomt Imtech een speciale chief restructuring officer binnen het bestuur. Die komt van consultancybedrijf Alvarez & Marsal, gespecialiseerd in dit soort lastige interimklussen. Zijn komst is een ideetje van de banken, vermoeden toeschouwers, al zei topman Gerard van de Aast van Imtech vorige week dat de nieuwe bestuurder „in goed overleg” is aangenomen.

De anonieme oud-topman maakte hetzelfde mee. „‘We heb nieuws voor je’, zeiden de banken, ‘We sturen Alvarez op je dak’.” Zijn ervaring is dat die consultant vooral het belang van de bank in de gaten hield. Zo’n ingevlogen bestuurder kun je zien als „een soort spion”, zegt een ervaren advocaat, die informatie doorsluist naar de bank.

Een bedrijf heeft een ultieme troef in handen: dreigen failliet te gaan als de bank geen extra geld geeft. Dat wil de bank niet, want faillissement levert grote verliezen op, en imagoschade. Maar eigenlijk is dat blufpoker, want een bedrijf wil óók niet failliet. Zo ver komt het dan ook zelden. Er kan zich ineens een andere oplossing aandienen, zoals verlossing door een buitenlandse overnamepartij. Dat geluk had de noodlijdende bouwer Ballast Nedam.

En anders praat je toch nog maar even door. Dat doet Imtech nu. Dat kan je blijven doen, zei financieel directeur Turkesteen vanochtend, „tot je samen besluit dat het geen zin meer heeft.” Of, vulde hij snel aan, „een akkoord bereikt”.