Griekse banken zijn in feite al lange tijd niet meer solvabel

Griekse banken

De waardedaling van Griekse bankaandelen toont aan hoe hopeloos de Griekse situatie is.

Klappen naar beneden

6 cent: dat was vanochtend de waarde van een aandeel Eurobank op de beurs van Athene. Een aandeel Alpha Bank ging voor 11 cent over de toonbank en de aandelen Piraeus Bank en Nationale Bank kostten 14 respectievelijk 60 cent.

Twee dagen na de heropening van de beurs van Athene zijn de aandelen van de vier grootste Griekse banken weinig tot niets meer waard. Na koersdalingen op maandag en dinsdag van 30 procent – de maximaal door de beursautoriteiten toegestane koersschommeling – gaven de aandelen van de banken vandaag bij beursopening nog eens tussen de 2 en 30 procent prijs.

Dat de banken in de problemen zitten, kan geen verrassing zijn: de leiders van de eurolanden zeiden na afloop van de slopende Griekenlandtop van 12 juli dat de nood van de Griekse financiële sector „acuut” is en dat er, als deel van een nieuwe hulppakket voor de Grieken, 10 to 25 miljard euro moet worden gereserveerd voor herkapitalisatie van de banken.

Wat het bloedbad op de beurs van Athene laat zien is hoezeer de situatie verder is verslechterd nadat de beurs op 28 juni vijf weken dicht ging.

1 Vallen de banken om nu hun koersen zijn ingestort?

Niet direct. De waardering van de banken op de beurs staat los van hun daadwerkelijke kapitaalpositie. De banken lijden nu geen verliezen, maar hun aandeelhouders wel. Wie dat zijn, verschilt per bank, maar de Griekse overheid is grootaandeelhouder van alle vier de banken en zelfs meerderheidsaandeelhouder bij drie van de vier. Dit loopt via een in 2010 opgericht bankenfonds (HFSF) dat de banken in 2013 al eens herkapitaliseerde. Het HFSF leunt grotendeels op het Europese noodfonds EFSF. Buitenlandse beleggers bezitten de meeste overige bankaandelen.

2 Waarom is de situatie van de banken zo verslechterd?

Al maanden staan de banken zwaar onder druk. Het totaal aan tegoeden op bankrekeningen is gedaald van 160 miljard euro eind vorig jaar tot 122 miljard in juni, door kapitaalvlucht en een bankrun. Door de in juli ingevoerde kapitaalcontroles en de restricties op geldopnames (die nog grotendeels van kracht zijn) is die ontwikkeling tot staan gebracht. Maar er is een ander probleem bijgekomen. De Griekse economie is ingestort en het wordt steeds onzekerder of het krediet dat banken aan burgers en bedrijven hebben verstrekt, zal worden terugbetaald. Ook rente-inkomsten zijn onzeker. Alberto Gallo, macro-econoom bij RBS in Londen, gaat ervan uit dat „ongeveer de helft” van de leningen door de banken inmiddels van dubieuze aard is geworden. Eind vorig jaar was dit nog een derde.

3 Zijn de banken dan nog wel solvabel?

„Nee”, luidt het korte antwoord van Nick Kounis, econoom bij ABN Amro. Tot voor kort klonk steeds dat de Griekse banken ‘solvabel’ zijn, dus voldoende kapitaalkrachtig, alleen dat ze nú even niet aan hun verplichtingen kunnen voldoen (‘liquiditeit’).

Solvabiliteit is zelfs een voorwaarde voor de Europese Centrale Bank (ECB) om de Griekse banken liquiditeitssteun te geven. Die ECB-steun gaat door (inmiddels gaat het om meer dan 90 miljard euro), ondanks het feit dat ECB-president Draghi in juli voor het eerst zei dat de solvabiliteit nu onder druk staat. Kounis: „Door te zeggen dat de banken moeten worden geherkapitaliseerd, zeggen de leiders van de eurolanden in feite ook dat ze niet solvabel zijn”.

4 Hoe gaat het met die herkapitalisatie?

Het tijdschema is als volgt: na de zomer licht de ECB, als Europees bankentoezichthouder, de Griekse bankensector door. Op basis daarvan moet duidelijk worden wat per bank het kapitaaltekort is. Eind dit jaar moet dan de herkapitalisatie plaatsvinden. Maar Gallo van RBS vraagt zich af „hoe verder de situatie nog kan verslechteren”. Hij dringt aan op haast: „Het is beter om al eerder te gaan herstructureren. Hoe langer je wacht, hoe duurder het wordt.”

5 Wie moet er voor de herkapitalisatie gaan betalen?

Zowel aandeel- en obligatiehouders van de banken als, uiteindelijk, toch weer de Europese overheden. Eigenlijk hadden EU-landen afgesproken om geen belastinggeld meer in banken te steken. Aandeel- en obligatiehouders van de banken en rijke spaarders moesten maar opdraaien voor failliete banken.

In het Griekse geval zal dit principe maar deels werken. Waarschijnlijk zullen private aandeelhouders worden aangeslagen – de forse koersdalingen van deze week laten zien dat beleggers hierop vooruit lopen.

Maar omdat de (eveneens bankroete) Griekse overheid zo veel aandelen heeft in de Griekse banken, is dit niet genoeg: het meeste kapitaal zal uit het noodfonds van de eurolanden, het ESM moeten komen. Anders dan in Cyprus zijn er in Griekenland maar weinig rijke depositohouders die kunnen meebetalen.