Zij heeft geen muziektrucjes nodig

Ze was een roekeloos meisje, is nu 19 en onder de naam Soak speelde Bridie Monds-Watson al bij Jools Holland en op popfestival Glastonbury. Volgende maand treedt ze op in Paradiso, Amsterdam.

Haar moeder verzon haar artiestennaam: „Soak, dan heb je soul en folk in één klap.” Foto Joshua Halling

Zingen wilde ze van kleins af aan, altijd en overal. Op haar dertiende schreef ze haar eerste liedje; een jaar later begon ze met optredens. Alleen aan een geschikte artiestennaam ontbrak het Bridie Monds-Watson nog. Haar moeder kwam met de suggestie ‘Soak’. „Dan heb je soul en folk in één klap.”

Bridie Monds-Watson, ze is nu 19, vindt zichzelf helemaal geen folk- of soulzangeres, maar de naam bleef hangen. „In het ideale geval heeft het publiek aan één woord genoeg om te weten wie je bent, zoals bij Madonna of Snoop. Ik hoop dat Soak net zo’n gevleugeld begrip wordt.”

Ze komt uit het Ierse Derry en zingt over de dingen die haar de laatste vijf jaar bezig hebben gehouden. „We are reckless, ready for apocalypse”, zingt ze in ‘Reckless behaviour’. Een roekeloos meisje was ze, met dezelfde dromen en frustraties als alle andere tieners die ze kende. Nu komen generatiegenoten naar haar toe om te zeggen hoe zeer ze zich herkennen in haar teksten. „Best vreemd”, zegt ze. „Ik wist zelf nog niet goed wie ik was toen ik de liedjes van mijn album schreef.”

Beschouw jezelf soms als nobody

Bridie Monds-Watsons Ierse tongval in liedjes als ‘Blud’ en ‘Shuvels’ is haar onderscheidende factor. Haar debuutalbum Before We Forgot How To Dream is poëtisch en delicaat. Producer Tommy McLaughling (gitarist bij de groep Villagers) gaf haar muziek een subtiele instrumentatie. „Tommy begrijpt dat mijn muziek geen harde drums of kunstmatige productietrucjes nodig heeft. In de studio kun je melodielijnen kleuren met een mooi gitaarloopje of een beetje galm op mijn stem. Het belangrijkste is dat de intentie van mijn liedjes geen geweld wordt aangedaan. Ik hoef niet hoog van de toren te blazen om over te brengen wat ik met mijn teksten bedoel.”

Op het podium oogt ze klein en kwetsbaar, maar Monds-Watson, nog niet zo lang uit de kast als meisje dat van meisjes houdt, weet heel goed waarover ze wil zingen.

Met haar liedje ‘B a nobody’ komt ze in opstand tegen de hooggespannen verwachtingen die ouders van hun kinderen hebben. „Veel van mijn leeftijdgenoten groeien op met gedram over hoe speciaal ze zijn, en hoe ze er alles aan moeten doen om het beste van hun leven te maken. Mijn punt is dat je niet altijd op de toppen van je kunnen hoeft te presteren om uiteindelijk jezelf te vinden. Om somebody te worden is het soms verfrissend om jezelf als een nobody te beschouwen. Ik ben altijd klein en een beetje onopvallend geweest. Daarom kon ik in redelijke anonimiteit mijn muziek ontwikkelen, en ben ik nu klaar om ermee naar buiten te treden.”

Niet voor de slaapkamerspiegel

Lang voordat ze geboren werd, gaven haar stadgenoten The Undertones in 1977 het goede voorbeeld met hun punkklassieker ‘Teenage kicks’. „Ze bestaan nog steeds en ik heb een aantal keren met ze gespeeld. The Undertones waren het perfecte voorbeeld hoe je in Derry, op het hoogtepunt van de IRA-bombardementen in de jaren zeventig, over je eigen belevingswereld kon blijven zingen. De Noord-Ierse troubles waren een deel van hun leven, maar ze lieten zich niet in een negatieve of depressieve hoek drukken. Ik heb het voorrecht dat ik in een veel rustiger periode ben opgegroeid. De les uit die tijd is dat muziek alle problemen overwint.”

Haar groeiende populariteit, na optredens bij Jools Holland en op Glastonbury, geeft haar meer zelfvertrouwen. „Geloof me, ik heb op de meest shitty festivals gespeeld waar een eenzame singer-songwriter in geroezemoes of zelfs geschreeuw ten onder gaat. De laatste tijd wordt er beter naar me geluisterd. De muziek wordt er beter door. Mijn liedjes zijn bedoeld voor mensen, niet voor de spiegel in mijn slaapkamer. Daar heb ik ze al vaak genoeg voor gespeeld.”