Op vakantie is een bad hair day oké!

We kijken vaak in de spiegel. Een stukje sla tussen je tanden? Daar wil je liever zelf achter komen dan dat je collega je er op wijst. Alleen op vakantie niet. Dan laten we de teugels vieren, schrijft Maaike Vonk.

Illustratie Aart-Jan Venema

Gefascineerd kijk ik naar mensen die naar zichzelf kijken in de spiegel of etalageruit. Wat zie ik mensen meestal doen, als ze zichzelf bekijken? Ze controleren. Of hun haar zit zoals de kapper het bedoeld had, of de make-up op de juiste plekken zit, of hun kledingoutfit klopt met wat ze die ochtend beoogden. Worden er verschillen geconstateerd tussen reflectie in de spiegel en het vooraf ingebeelde beeld, dan brengen mensen correcties aan. Of ze accepteren het feit, denk bijvoorbeeld aan de bad hair day, een begrip waarmee je je haarsituatie verklaart en goed kunt communiceren naar anderen.

Vervolgens kan de aandacht weer verlegd worden van het stilstaande moment van zelfreflectie naar beweging en actie in de wereld.

Rembrandt oefende ook gezichten

Het kijken naar mensen die naar zichzelf kijken, voelt als bespieden. Het is een privémoment, ook al gebeurt het in de openbare ruimte. Als ik zelf in de spiegel van de lift sta te checken of er geen tandpasta op mijn kin zit en iemand anders stapt in, dan voel ik me betrapt. Die check is niet bedoeld voor anderen om te zien. Wellicht ontdek je inderdaad iets wat niet klopt bij de verwachting, en dan wil je dat zo spoedig mogelijk herstellen, zonder dat je sociaal gezien schade oploopt. Denk aan het stukje sla tussen je tanden: daar wil je liever zelf achter komen dan dat je collega je erop wijst.

Hoe komt het toch dat die blik in de spiegel meestal controlerend van aard is? Waarom niet een nieuwsgierige blik? ‘Aha, zo zie ik er dus uit, na het slapen en dromen, douchen en mijmeren!’ Of een experimenterende blik: ‘Hoe zou ik eruit kunnen zien?’ Een kijken zonder daar direct een oordeel aan te verbinden en eventuele herstelwerkzaamheden te plegen. Zoals Rembrandt leek te doen bij het maken van zijn zelfportretten. Hij oefende voor de spiegel allerlei gezichten, en gaf in zijn vele zelfportretten allerlei gemoedstoestanden weer, zoals verbazing, blijdschap, verdriet. Genadeloos scherp, maar zonder oordeel.

Maar deze nieuwsgierige en experimentele blikken zijn niet functioneel als je je richting een vergadering beweegt of als je op het punt staat een presentatie te geven. Op die momenten is het nuttiger even je reflectie in de spiegel te bekijken en te checken of je volgens de normen presentabel bent. Die normen zijn ingegeven door de omgeving waarin we ons bevinden en zijn gedeeld met de mensen om ons heen. In ons privémoment checken we of we voldoen aan deze normen. Aangezien normen sociaal gevormd worden, kun je stellen dat er eigenlijk vele ingebeelde mensen over je schouders meekijken. Je voelt hun hete adem in de nek. De check is het liefst zo privé mogelijk. Want dan kan er nog hersteld worden voordat je werkelijke mensen met oordelen tegenkomt.

In een andere vorm van naar jezelf kijken, namelijk reflectie op eigen handelen, zie ik dezelfde controlerende en oordelende neiging terug. Want in dergelijke reflecties vergelijken we ons ook vaak met bestaande normen: hoe kunnen we effectiever worden, meer toegevoegde waarde leveren, zakelijker zijn en efficiënter handelen? We kijken naar het eigen gedrag, pakken een meetlat en gaan na hoe we daarop scoren en hoe we nog beter zouden kunnen scoren.

Met een wc-rol onder de arm

Op vakantie ontspannen we en wordt de op onszelf gerichte strenge blik wat milder. Met een wc-rol onder je arm langs de buurtenten naar het campingtoilet lopen is geen probleem. Zo’n loopje langs de bureaus van je collega’s kun je je nauwelijks voorstellen. En het feit dat je in Nederland ieder seconde van de dag zo zinvol mogelijk wilt benutten, steekt tamelijk fanatiek af bij het lummelen en rondhangen op vakantie. Wat gebeurt er op vakantie waardoor we de teugels laten vieren?

Een belangrijke reden is dat we uit onze vertrouwde sociale omgeving stappen. Dat we geen tandpasta op kin, sla tussen tanden, mascara op wang willen hebben en niet onprofessioneel, inefficiënt willen handelen, komt voor een belangrijk deel doordat we niet willen dat onze omgeving dit oordeel velt. Als je op vakantie bent, dan is er uiteraard ook sprake van een sociale omgeving. Echter: je loopt minder gauw het risico om imagoschade op te lopen bij je reisgenoten (want die kennen je op niet-representatieve momenten) of de contacten die je opdoet (want die zijn meestal tijdelijk). Schade loop je op in de kring met mensen met wie je een duurzame relatie hebt, maar toch niet helemaal vertrouwd bent. Denk dan aan collega’s, netwerkcontacten, clubgenoten en buurtgenoten. Doordat deze kring wat minder prominent aanwezig is op vakantie, is je neiging te conformeren aan de gangbare normen minder sterk.

Een tweede reden is dat het op vakantie geoorloofd is om los te laten, te ontspannen, de teugels te laten vieren. Op de camping is het nu eenmaal minder belangrijk dan in het werkende leven om netjes gekapt, gekleed en opgemaakt rond te lopen. Ook hoef je er niet als een professional te handelen. Je ziet op vakantie misschien wel in dat de normen die je normaal gesproken naleeft minder strikt gelden op vakantie dan in je thuisomgeving. Je mag er even afstand van nemen.

De strenge, controlerende blik blijft deels thuis achter, en dit creëert ruimte voor de nieuwsgierige, onderzoekende blik bij het kijken naar je spiegelbeeld of bij de reflectie op gedrag. Om na een aantal weken terug te komen en opnieuw in te stappen in je veeleisende leven. Ontspannen, opgeladen en met gebruinde huid, en klaar om de teugels weer aan te trekken.