Verdeel de zetels eerlijker

Lijstverbindingen tussen politieke partijen die zo gezamenlijk bij verkiezingen restzetels willen binnenslepen, hebben hun langste tijd gehad. De Kiesraad liet vorige week weten geen onoverkomelijke belemmeringen te zien om tot dit besluit te komen. Een ander adviesorgaan van de regering, de Raad van State, laat het oordeel hierover terecht aan de wetgever over.

Het was de politiek zelf die vorig jaar voor het afschaffen bij alle verkiezingen van de lijstverbinding of lijstencombinatie koos. Voor de Eerste Kamer is dat al eerder gedaan. De Tweede Kamer steunde in meerderheid een motie van de VVD, die mede was ingediend door D66 en SP. Ook PVV, Partij voor de Dieren, 50Plus en de van de PVV afgescheiden leden stemden voor.

Minister Plasterk (Binnenlandse Zaken, PvdA) kan dus aan de slag om een wetsvoorstel te maken. Het moet voor de volgende Tweede Kamerverkiezingen te regelen zijn, als die op de geplande datum van 15 maart 2017 worden gehouden.

Lijstverbindingen zijn er ooit, in 1973, gekomen om tot een bundeling van politieke partijen te komen. Maar het is, aldus de motie, voornamelijk een middel gebleken om extra zetelwinst te behalen.

Dat leidde bijvoorbeeld bij de verkiezingen voor het Europees Parlement in 2014 tot een merkwaardige verdeling van de Nederlandse zetels. D66 was bij die verkiezingen de grootste partij geworden, maar kreeg toch één zetel minder dan het CDA, dat een lijstencombinatie met ChristenUnie/SGP was aangegaan. Hetzelfde overkwam de SP: meer stemmen dan de PvdA, maar toch een zetel minder dankzij de lijstverbinding van die partij met GroenLinks.

Hoezeer bundeling van politieke partijen ook tot een overzichtelijker politiek landschap zou kunnen leiden, de lijstverbinding is een bezwaarlijk middel. Bijvoorbeeld omdat zij kan veroorzaken dat de stemmen van kiezers op partij A binnen dat systeem aan partij B toevallen. Het is maar de vraag of dat wel de bedoeling van die kiezers was. Het gaat hierbij om de verdeling van de restzetels. De zetels dus die overblijven nadat de overige via het toepassen van de kiesdeler (het aantal stemmen gedeeld door het aantal zetels) aan de partijen zijn toegewezen.

Afschaffing van de lijstverbindingen is ook een goede gelegenheid om te bezien hoe de restzetels worden verdeeld. Nu gebeurt dat met behulp van een systeem van de grootste gemiddelden, dat meestal gunstiger uitpakt voor de grotere partijen. Eerlijker is het om de grootste ‘overschotten’ als middel toe te passen. Zodat de restzetel(s) terechtkomen bij de partij(en) die er het dichtst bij waren. De zetelverdeling die de wil van de kiezer het beste uitdrukt, is het eerlijkst.