Private fondsen steunen wankele festivals

Veel festivals moeten snijden in hun programma omdat de subsidies gekort zijn. Er is minder rijkssteun, terwijl de minister festivals ophemelt.

Foto ANP/MARCEL VAN HOORN

Niet alleen het slechte weer van vorig jaar, ook de daling van overheidssubsidies per 2013 zorgt ervoor dat verschillende festivals maar amper rond kunnen komen. Dat blijkt uit een rondgang langs dertien festivaldirecteuren. Ze moeten snijden in hun organisatie en de programmering. Veel niet-overheidsfondsen bieden nu tijdelijk financiële steun, maar zij kunnen niet structureel soelaas beiden.

„Wij konden na het wegvallen van de structurele subsidie van het Fonds Podiumkunsten niet doorgaan met internationale producties, waarvan we tot die tijd coproducent waren”, zegt Viktorien van Hulst, directeur van Theaterfestival Boulevard, dat donderdag begint in Den Bosch. Het festival heeft nauwelijks nog een buffer. „Vorig jaar viel ons bezoekersaantal tegen door het slechte weer. We hebben daardoor moeten interen op het eigen vermogen. Die reserve hebben we nu niet meer, we kunnen niet weer tegenvallers opvangen.”

Vrijwel alle festivals klagen over gaten in hun begroting. Tot en met 2012 subsidieerde het ministerie van OCW vijftien festivals voor podiumkunsten, film, beeldende kunst, architectuur en letteren. Zij kregen samen 10,8 miljoen euro per jaar. Na de bezuinigingen van toenmalig staatssecretaris Zijlstra bleven vier festivals over die vanaf 2013 structurele subsidie van het ministerie kregen. Zij krijgen samen 5,8 miljoen euro per jaar, waarvan 3,1 miljoen euro voor het Holland Festival.

De overige festivals werden verwezen naar het Fonds Podiumkunsten en de andere cultuurfondsen van de overheid, zoals het Filmfonds, het Mondriaan Fonds en het Letterenfonds. Maar deze kregen minder geld om te verdelen.

Zo kelderde de subsidie van het Festival Oude Muziek van ruim 8 ton naar 2,5 ton. „We hebben moeten snijden in onze organisatie”, zegt directeur Xavier Vandamme. „Met zeven man organiseren we rond de 300 evenementen per jaar. Na een tijdje raakt iedereen oververmoeid. Dat zie ik overal om me heen in de sector. We zijn ook aan het interen op ons eigen vermogen. Op een gegeven moment is het gewoon op.” De Tweede Kamer nam vlak voor het zomerreces een motie aan om het Festival Oude Muziek weer te laten subsidiëren door het ministerie.

Dertig festivals publiceerden in juni een manifest waarin de politiek werd opgeroepen duurzaam te investeren in de sector. „De Raad voor Cultuur en minister Bussemaker roemen de innovatieve kracht van de festivals. We zijn heel blij met dat compliment, maar de financiering staat daar haaks op”, zegt Marelie van Rongen, directeur van Oerol. Het subsidiestelsel is volgens haar niet goed toegesneden op de hybride vorm van festivals. „Het Rijk betaalt de gezelschappen en de gemeenten de theaters. Maar wij vervullen beide functies tegelijk: we produceren voorstellingen én we presenteren ze. Dat is juist de meerwaarde van een festival. Voor publiek dat de stap naar het theater nog niet heeft gezet, kunnen wij een brug vormen.”

De gevolgen van de subsidiekortingen zijn groot. Zo heeft kinderfilmfestival Cinekid zijn educatieafdeling noodgedwongen opgeheven, omdat het bij het Filmfonds bijna 4 ton minder kreeg dan van het ministerie. „Als we in 2017 weer geen structurele subsidie van het ministerie krijgen, stort het financiële kaartenhuis nog verder in”, zegt directeur Sannette Naeyé.

Poetry International sneed in zijn programmering. „Bij de overgang naar het Letterenfonds zijn wij er 50 procent op achteruitgegaan vergeleken met de subsidie van het ministerie”, zegt directeur Bas Kwakman. „We hebben ons programma teruggebracht van zes naar vijf dagen. En we hebben minder speciale, thematische programma’s met extra gasten.”

Minister Bussemaker heeft voor de komende subsidieperiode (2017-2020) 2,6 miljoen euro vrijgemaakt voor de festivals. Dat geld zal verdeeld worden via de verschillende overheidsfondsen, zegt Henriëtte Post, directeur van het Fonds Podiumkunsten.

De afgelopen twee jaar werden de festivals voor een belangrijk deel in de lucht gehouden door niet-overheidsfondsen, zeggen ze. „Zonder de private fondsen zouden we het niet hebben gered”, zegt bijvoorbeeld directeur Peggy Olislaegers van de Nederlandse Dansdagen. Van VSBfonds kreeg het festival dit jaar 40.000 euro, van Fonds 21 een bijdrage van in totaal 80.000 euro voor 2015 en 2016. Ook een lokaal fonds uit Maastricht, het Elisabeth Strouven Fonds, zegde voor vier jaar een bijdrage toe. VSBfonds, dat vorig jaar 92 festivals steunde voor in totaal 3,2 miljoen euro, merkt dat festivals op zoek zijn naar meer continuïteit. „Die structurele basis kunnen wij ze niet bieden”, zegt Wendy Veerman, senior adviseur donaties.

Fonds 21, het voormalige SNS REAAL Fonds, dat vorig jaar 84 festivals steunde voor in totaal 3,14 miljoen euro, is er wel toe overgegaan een aantal festivals meerjarig steun toe te zeggen. „Wij focussen nu op de partijen die last hebben van de bezuinigingen van het vorige kabinet, zoals de festivals”, zegt Marie Hélène Cornips. „Oerol en het Festival Oude Muziek hebben we bijvoorbeeld voor het eerst tweejarig steun toegezegd. Ze krijgen in 2015 en 2016 een ton per jaar.”