Salade in een pot

Hoe gaat dat met mode? Je ziet de eerste kledingcollecties voor het komende seizoen in kranten en bladen en je denkt: Wááát? Dat ga ik echt niet dragen! Maar op een dag heb je zoveel mensen zien lopen in die rare broekrok/schreeuwerige prints/onflatteuze sandalen, dat je er aan gewend raakt en het zelfs leuk gaat vinden. En voor je het weet is datzelfde gekke nieuwerwetse mode-item een onmisbaar onderdeel van je garderobe.

Ik moest aan dat mechanisme denken toen ik twee jonge vrouwen in een Amsterdamse tram iets vreselijk modieus zag doen. Het was om een uur of zeven in de avond. De vrouwen waren, zo viel op te maken uit hun gesprek, de hele dag wezen winkelen en nu op weg naar het station. Een dagje in de grote stad. Glanzende draagtassen met namen van modemerken stonden aan hun voeten als trofeeën. Binnengehaalde buit.

„Ik heb best wel trek”, zei de meest blonde van de twee. „Jij?” „Ik ook”, knikte haar vriendin, „zullen we?” En toen gebeurde het. Een tikkeltje beschroomd, maar toch ook niet zonder trots, haalden beiden een weckpot met salade tevoorschijn, waaruit ze met een vork stukjes komkommer en tomaat begonnen te prikken. Wat ik al maanden in tijdschriften verkondigd had zien worden als culinaire modetrend en waarvan ik had gedacht: ‘Wááát? Dat gaat toch niemand doen!’, bleek doorgedrongen tot het echte leven.

In Amerika geldt de ‘mason jar salad’ al langer als de ideale, gezonde to gomaaltijd. Het wemelt op internet van de recepten. Altijd met de dressing en zwaarste ingrediënten onderin, zodat de overige elementen niet voortijdig slap of zompig worden en de salade de hele dag fris blijft. Eigenlijk is het een geniaal idee en schaam ik me een beetje dat ik het fenomeen tot nu toe niet helemaal serieus heb genomen. Toen de tram langs een smoezelige döner kebabzaak reed, moest ik glimlachen. Die meiden hadden het prima voor elkaar. Ik begon trek te krijgen.

Janneke Vreugdenhil