Op NK loopt ook één na snelste mens ooit

Jamaicaan Blake draait warm in Amsterdam, Martina is sneller.

Yohan Blake (links) tijdens de halve finale 100 meter, vrijdagavond in het Olympische Stadion. Rechts Elvis Afrifa. Foto Jerry Lampen/ANP

Het is een vreemde gewaarwording. Tussen de zeven Nederlandse sprinters in de finale van de 100 meter staat deze vrijdagavond met startnummer 770 een Jamaicaan met spierkabels over het hele bovenlijf. Zijn naam: Yohan Blake. Zijn tijd, ooit, in 2012: 9,69 seconden. Op Usain Bolt (9,58) na de snelste man op aarde.

De 25-jarige atleet heeft zich ingeschreven voor de Nederlandse kampioenschappen atletiek. De entourage sprak The Beast op voorhand aan. Een nationaal kampioenschap in het historische Olympisch Stadion van Amsterdam. Dat alleen de hoofdtribune aardig is gevuld voor het koningsnummer in de atletiek, valt dan ook tegen. Niettemin is de stadionspeaker „erg trots”.

Naast Blake, wereldkampioen van 2011 en winnaar van olympisch zilver in 2012, doen nog tien buitenlanders buiten mededinging mee op de NK, waaronder zijn landgenoot Warren Weir. Voor de organisatie van de NK is het opkrikken van het niveau het voornaamste doel.

„Dat doen we al acht jaar zo”, geeft technisch directeur Ad Roskam van de Atletiekunie aan. „Alleen nu komen er grote namen zoals Blake en Weir, dus leverde dat wat extra stof tot discussie op. Sommigen vinden dat dit ten koste gaat van de startplekken voor Nederlandse atleten. Het lijkt mij juist een kick om tegen zulke mannen te mogen lopen.”

Atletenmanagers e-mailen de organisatie van de NK met de vraag of ze nog startplekken hebben voor hun toppers. „Natuurlijk is dat geweldig”, zegt Roskam. „Al kijk ik daar inmiddels vrij klinisch tegenaan. Wij reageren gewoon heel koeltjes: ‘dat is wel mogelijk’. Het is geen open NK waarbij iedereen zomaar kan meedoen. We hebben een maximum van drie buitenlandse atleten per onderdeel. Bovendien moeten zij sterker zijn dan onze top drie.”

Voor Blake is dit evenement een mooie test om weer in vorm te komen. Hij wordt de laatste jaren geteisterd door blessures. Daarom komt hij deze maand niet in actie op de WK in Beijing. Ook nu geeft hij aan dat hij nog veel last heeft van zijn hamstring.

Blake kent het riedeltje

Terwijl toeschouwers zo dicht mogelijk bij de sprinters proberen te komen, wordt er een haag van telefoons in de lucht gevormd. Velen willen de Nederlandse titelstrijd zelf vastleggen. Het nummer Runaway van Galantis wordt weggedraaid. „Op uw plaatsen. Klaar.” Pang. Blake kent het riedeltje, ongeacht de taal.

De sprinter kan alleen nog niet tippen aan zijn persoonlijke record van 9,69 seconden. Churandy Martina klopt de Jamaicaan zelfs in een tijd van 10,08 seconden. Zeventien honderdsten sneller dan Blake, die tweede wordt in Amsterdam.

„Het kan altijd beter”, zegt Martina na zijn vijfde Nederlandse titel op rij. „Deze tijd geeft mij zeker vertrouwen met het oog op de WK. Ik heb nog steeds last van mijn linkerhamstring, al wil ik daar nu niet teveel aan denken. Het gaat de goede kant op, maar ik ga zaterdag kijken of ik in actie kom op de 200 meter.”

Hoewel verschillende atleten kritiek hebben op de organisatie om buitenlanders toe te laten, vindt Martina dit alleen maar goed. „Ik loop graag tegen sterke tegenstanders. Mij maakt het niet uit wie meedoen, wat mij betreft mag iedereen hier komen.”

Op dat moment doet Blake zijn schoenen uit en een trainingsbroek aan. Dan vertelt de nummer twee rustig dat hij in Amsterdam is met maar één doel. „Ik wil fit worden voor de Olympische Spelen van volgend jaar”, zegt Blake terwijl hij naar zijn blote voeten kijkt. Het kon beter, al heeft hij zeker geen spijt van zijn komst.

„Mijn manager heeft deze trip geregeld, samen met mijn sponsor. Ik geniet van een nationaal kampioenschap in zo’n stadion. Het is bovendien leuk om tegen Churandy te kunnen lopen. Helaas wint hij deze keer, maar ik ben tevreden met mijn tijd.”