OM vervolgt vaker agenten wegens ontoelaatbaar politiegeweld

Het gerechtshof in Den Haag gelast steeds vaker dat het Openbaar Ministerie (OM) agenten moet vervolgen wegens een ontoelaatbare toepassing van politiegeweld.

De Mobiele Eenheid bij de rellen in de Haagse Schilderswijk Foto: Phil Nijhuis

Het gerechtshof in Den Haag beslist steeds vaker dat het Openbaar Ministerie (OM) agenten moet vervolgen wegens een ontoelaatbare toepassing van politiegeweld.

Dit zegt de Haagse raadsheer Joep Verburg die de laatste jaren zitting had in de zogeheten beklagkamer van het gerechtshof in een interview met NRC Handelsblad. De beklagkamer behandelt procedures waarin belanghebbenden alsnog vervolging kunnen vragen.

Volgens Verburg wordt er bij het hof steeds vaker geklaagd over besluiten van het OM een agent na een geweldsincident niet te vervolgen. En met steeds meer succes.

“Dat komt vooral doordat we in toenemende mate beschikken over met smartphones of straatcamera’s opgenomen beelden van een incident. Die beelden geven aan dat de weergave van de politie in een proces-verbaal nogal eens selectief is.”

Bij het gerechtshof Den Haag (een van de vier hoven) is het totale aantal beklagzaken in zo’n vijf jaar bijna verdubbeld naar achthonderd. In de Hofstad worden alle klachten over het OM in de arrondissementen Rotterdam en Den Haag en van het landelijk en functioneel parket van het OM behandeld. Specifieke cijfers over ‘politiezaken’ zijn er niet.

Gezag van OM wordt minder

Volgens Verburg stijgt het aantal beklagzaken onder meer omdat “het gezag van het OM minder is”. Daarbij neemt het OM niet altijd voldoende tijd een besluit tot niet vervolgen toe te lichten. En door een gebrek aan capaciteit wordt een zaak vaak niet goed uitgezocht, aldus Verburg. “De beklagprocedure is ook meer ontdekt door slachtoffers”.

In ongeveer tien procent van de gevallen beslist het hof na het horen van een belanghebbende en de advocaat-generaal dat het OM alsnog een zaak aan de strafrechter moet voorleggen.

Celstraf Limburgse agent ‘te kort door de bocht’

Twee weken geleden veroordeelde de Limburgse rechtbank een agent tot een celstraf van twee jaar wegens poging tot doodslag. De rechters oordeelden dat hij “buitenproportioneel en ondoordacht” had gehandeld door te schieten op een verdachte. De rechtbank moest die zaak behandelen, omdat het hof het OM opdracht tot vervolging gaf.

Verburg vindt de onvoorwaardelijke celstraf die de agent in Limburg kreeg opgelegd “te kort door de bocht”. Een voorwaardelijke straf was volgens hem beter geweest.

“Ik ben van mening dat een politieagent die een verkeerde inschatting maakt niet als uitgangspunt een onvoorwaardelijk celstraf verdient. Alleen bij grove nalatigheid of bij een agent ‘met losse handjes’ en bij heel ernstige gevolgen is een directe celstraf op zijn plaats.”

Verburg trekt paralellen met vervolging in euthanasiezaken. “Daar wordt nogal eens vastgesteld dat de optredende hulpverlener niet goed heeft gehandeld, maar dan krijgt hij toch een voorwaardelijke straf”.

Volgens cijfers van de Raad voor de Rechtspraak is er in het hele land sprake van een forse stijging van het aantal beklagzaken: vorig jaar 3.107, tegen 2.225 tien jaar terug. Tien jaar geleden behandelden de gerechtshoven 2.225 beklagzaken. Vorig jaar was dat aantal opgelopen tot 3.107.

Lees ook het interview met Verburg in NRC Handelsblad: ‘Rechters zijn geen bijzonder slag mensen meer’
    • Marcel Haenen