Leeuw is industrieel product geworden

De dood van de leeuw Cecil in Zimbabwe was niet uniek. Toch voedde hij deze week wereldwijde woede.

Naast de georganiseerde jacht op leeuwen en andere wilde dieren kunnen toeristen ook terecht op speciale boerderijen waar leeuwen worden gefokt. Foto AP foto AP

Ieder jaar sterven wereldwijd 600 leeuwen: twee per dag. Zestig procent overlijdt als gevolg van verwondingen door kogels of pijlen, afgeschoten door sportjagers. Er waren goede redenen waarom de hoogbejaarde leeuw Cecil net iets anders was dan de andere 49 leeuwen die dit jaar in Zimbabwe werden afgeschoten. Cecil was niet wereldberoemd, zoals je deze week overal kon lezen, maar wel bekend bij Zimbabwe’s actiefste natuurbeschermer: Johnny Rodriques, die alle grote media op zijn mailinglist heeft staan.

Rodrigues wist te melden dat Cecil met een stuk vlees over de onzichtbare randen van het beschermde wildpark Hwange ten zuiden van de Victoria Watervallen was gelokt, voordat hij met pijl en boog werd neergeschoten, veertig uur lang doorstrompelde en uiteindelijk met een geweer werd afgemaakt.

Het grootste nieuws zat in de staart. De dader was een Amerikaan, de tandarts Walter Palmer uit Minnesota, die 50.000 dollar neertelde voor een schot dat hij al talloze malen in zijn leven had gelost.

Noem het de pech van Palmer. De rollen zijn omgedraaid. De jagers zijn zelf prooi geworden. Op sociale media wordt hun een dood als Cecil toegewenst. Alsof de schietschijf op ons staat gericht, zegt een boer die leeuwen voor de jacht fokt aan de Westkust van Zuid-Afrika. Hij wil zijn naam niet in de krant. „We staan aan het begin van het jachtseizoen en misschien zeg ik iets verkeerds. Heel de wereld heeft plotseling een mening. Bel maar terug als de storm is gaan liggen.”

Misstanden

Actiegroepen grijpen hun kans op aandacht en meer fondsen. „Cecil staat symbool voor alle misstanden in deze industrie”, zegt Fiona Miles, die in Kaapstad een kantoor runt van Vier Poten. Dat is een dierenbeschermingsorganisatie die ondermeer filialen heeft in Nederland, het Verenigde Koninkrijk, Duitsland, Roemenië, Bulgarije en de Verenigde Staten. Hoewel Cecil het slachtoffer werd van een ervaren gids, een Zimbabweaan met de naam Theo Bronkhorst die beter had moeten weten, is zijn dood aanleiding om de snel groeiende industrie van de leeuwenjacht aan de kaak te stellen.

Fokboerderijen

In Zuid-Afrika groeien naar schatting 7.000 leeuwen op achter tralies. Ruim twee keer zoveel als het aantal leeuwen dat in het wild rondloopt in beschermde natuurparken als het Krugerpark. Die wildpopulatie is in twintig jaar met 80 procent geslonken. „Rechtevenredig met de groei van het aantal privéreservaten waar leeuwen worden gefokt”, zegt Miles.

Naar schatting 200 van die fokboerderijen zijn in Zuid-Afrika actief. De leeuwen zijn fabrieksproducten geworden, die van wieg tot het graf geld moet opbrengen, zegt Miles. „Ze groeien op in een dodencel. Vanaf hun geboorte moeten ze geld opbrengen. Jonge welpen zijn goed voor toeristen die naar Afrika komen om een echte leeuw te aaien.

„Ze worden in minder dan een uur na hun geboorte van hun moeder weggenomen en met de fles gevoed door vrijwilligers. Die vrijwilligers komen heel vaak uit Nederland. Ze hebben geen idee van welk groter plan ze onderdeel zijn.” Als de leeuwen eenmaal volwassen zijn wordt een deel beschikbaar gesteld voor steenrijke trofeeënjagers als Walter Palmer.

De botten worden vaak doorverkocht aan landen als Vietnam, Laos en China, waar de mythe in stand blijft dat de botten een geneeskrachtige werking hebben. Vorig jaar werden in Zuid-Afrika 1.500 karkassen, legaal, uitgevoerd.

Elmo Scheffer van de Cape Hunters and Game Conservationist Association wijst die handel af. Ook de jacht op Cecil noemt hij „onwettig”. Maar het publiek moet eerlijk zijn met zijn verontwaardiging, vindt hij. „Laat al die vleeseters eens gaan kijken in de slachterijen waar hun kippen en koeien worden klaargemaakt voor de supermarkt”, zegt hij. In de afgelopen vijftig jaar is de wildstand in Zuid-Afrika van een half miljoen tot meer dan 20 miljoen dieren gegroeid, rekent hij voor. „Die jacht brengt geld in het laatje. Afgelopen jaar was de jacht goed voor 7 miljard rand (500 miljoen euro), dat is meer dan de melkmarkt, of suiker. Dat geld wordt opnieuw in wildparken gestoken. If it pays, it stays.”

Actiegroepen betwijfelen of dat geld inderdaad terugvloeit naar de wildparken. „De mentaliteit is vooral: niet teveel uitgeven aan zo’n beest”, zegt Fiona Miles. Voor iets meer dan 5 euro kun je in Zuid-Afrika al een jachtvergunning krijgen. Vee –en landbouwboeren in Zuid-Afrika zijn in het afgelopen decennium massaal overgeschakeld op wildboerderijen. Zo hebben ze geen landarbeiders meer nodig, vermijden ze conflicten over loon of land.

Een buitenlandse toerist die een wild dier mag schieten, betaalt al gauw tussen de 5.000 tot 25.000 euro. „Het is volgens mij humaner om een bejaarde leeuw af te schieten, dan hem in het wild te laten omkomen van de honger omdat hij niet meer kan jagen”, zegt de anonieme leeuwenfokker. „Ook in de privéreservaten worden ze uitgehongerd”, zegt de actievoerder. Dankzij Cecil is een oud debat opgelaaid tussen voor – en tegenstanders van de jacht. En allebei hebben ze leeuwen even hard nodig voor hun levensonderhoud.