‘Het eetsysteem is te verslaan’

Gerrit Jan Groothedde (60) alias Eetschrijver is culinair publicist. Onlangs verscheen Het antidieetboek.

foto maurice boyer

Voorliefde

„Ik ben waarschijnlijk een mutatie, want er is geen familielid te vinden die ook maar een ei kan bakken. Mijn moeder kookte vreselijk slecht, wist maar één manier voor alles: twintig minuten in kokend water. Al jong ging ik graag bij vriendjes eten en vroeg tot grote hilariteit de recepten. Thuis schoof ik een stoel bij het aanrecht en ging zelf aan de slag. Eén vriendje had een Italiaanse moeder, daar heb ik mijn liefde voor pasta en risotto opgedaan. Hij verklapte me dat de saus die ik at drie dagen eerder gemaakt was. Het idee dat iets zo lang had gestaan en daar lekkerder van werd!”

Terugslag

„In de jaren negentig ben ik mezelf keihard tegengekomen. Ik verloor mijn bedrijf, een vertaalbureau, mijn huis en mijn relatie. Rock bottom. Daar bovenop kreeg ik een motorongeluk dat ik ternauwernood overleefde. ‘Gefeliciteerd’, was het eerste dat de arts tegen me zei. Het voelde alsof ik jaren cadeau kreeg. Stel, dacht ik, dat mijn leven nu geëindigd was, was dit dan het leven geweest dat ik wilde? Daarop was het antwoord volmondig ‘nee’. Ik had mijn best gedaan iets voor te stellen, maar het was veel façade. Ik besloot in het moment te gaan leven. Niets moet, behalve dat waarvan je gelukkig wordt.”

Hervinden

„In mijn blog als Eetschrijver kwam alles samen. Mijn liefde voor eten, koken en schrijven, mijn kijk – na 23 jaar in België en Californië - op hoe Nederlanders om – gaan met eten. Als iets functioneels, als het sluitstuk van de begroting. Het aantal lezers groeide langzaam. Iets wat ik schreef over pindakaas werd overgenomen door Sargasso.nl, daarmee maakte ik naam. Het blog was de laatste stap naar mijn nieuwe leven. Ik doe wat ik leuk vind, ik ervaar, plan zo min mogelijk. Dit is wie ik ben. Als mensen een hekel aan me hebben, dan liever om wie ik ben dan om wie ik probeer te zijn.”

Besef

 

„Ik heb jaren gebroed op mijn eerste boek. Ik was verhuisd naar Almere Buiten, woonde tussen het graan, maar kon alleen geanonimiseerd supermarkteten kopen. Is dat het voorland van hoe we met eten omgaan? Daar wilde ik over schrijven. Ronald Giphart zei tegen me: ‘Dingen die misgaan, dat is je grootste kapitaal als schrijver.’ Toen zag ik de rode draad: hoe ik probeerde te leven zonder supermarkt maar steeds faalde. Uiteindelijk is het me trouwens gelukt, ik koop al jaren geen eten meer in de supermarkt. Dat was voor mij het belangrijkste: je hoeft geen laaghangend fruit te eten, het systeem is te verslaan.”

Boodschap

Het Antidieetboek schreef ik in zes weken. Het verhaal was er al. Voor mijn ongeluk deed ik triatlons, na het ongeluk kwam ik gestaag aan. Onvermijdelijk, hield ik mezelf voor, tot de weegschaal 130 kilo aanwees. Ik ben gaan afvallen door in praktijk te brengen waar ik over schreef: vers en gezond eten. Zonder dieet, superfoods of dogma’s. In achttien maanden verloor ik 35 kilo. Blijvend. Ik geniet meer van eten dan ooit tevoren, ook van taart en gin-tonic op z’n tijd. Nee, ik wil beslist geen goeroe zijn. Ik schrijf juist dat iedereen zijn eigen manier moet vinden om bewuster te eten.”

Ergernis

„Ceci n’est pas un foodblog was de titel van een van mijn laatste blogs. Ik wil geen foodblogger meer genoemd worden. Een blogger moet kritisch zijn, eigenzinnig. Tegenwoordig krijgen bloggers dozen met producten van fabrikanten en wordt er niet zelden betaald. Grote bedragen soms. Je ziet het meteen aan de persberichtzinnetjes in de tekst. Dat is geen journalistiek, dat is PR. Ik heb geen vrienden gemaakt met deze ontboezeming, had nog nooit zoveel ontvolgers op Twitter op één dag. Dat doet me weinig, opgeruimd staat netjes. Zoals een goede Vlaamse vriend altijd zegt: ‘Olie drijft boven.’”

Mijlpaal

„In april heb ik voor het eerst weer deelgenomen aan een duurloop. Het voelde als een bevrijding, een afrekening met het ongeluk en alle beperkingen. De wisselwerking tussen lichaam en geest is groot, weet ik ook van mijn overgewicht; is mijn lichaam gezond, dan is mijn geest dat ook. Ik loop inmiddels redelijk probleemloos vijftien kilometer in anderhalf uur. De Marathon van Londen wordt de definitieve overwinning op mijn lijf. Wanneer? Misschien volgend jaar, misschien het jaar erna. Ik plan niet meer. Maar het gaat gebeuren. Zodra ik het kan.”