De ‘Primark-tassen’ drinken ook koffie

In een reeks artikelen kijkt deze krant vanuit Zoetermeer naar de worsteling in Nederlandse winkelstraten. Aflevering 1: wat is het Primark-effect ?

Illustratie NRC fotodienst

Woensdag 23 oktober 2013 – die datum staat bij de winkeliers in Zoetermeer in het geheugen gegrift. Op die dag opende de spotgoedkope kledingwinkel Primark een vestiging in de voorstad van Den Haag. En dat bracht nogal wat teweeg.

Op beelden van Omroep West is te zien hoe op de openingsdag honderden tienermeisjes onder luid gegil de winkel binnenstormen. Het is een „totale chaos”, constateerde de verslaggever van de regionale televisiezender. „Mensen duwen en trekken en rennen door de winkel.”

Buiten stonden zelfs dranghekken om de rij van honderden meters lang in bedwang te houden. De gemeente had extra parkeerwachten ingehuurd, omdat er zúlke lange rijen voor de parkeergarages stonden, dat het tot gevaarlijke situaties op de weg dreigde te leiden.

Bij kledingwinkel Esprit, pal tegenover Primark, hadden ze hoge verwachtingen van de komst van de prijsvechter. Moeders zouden naar Esprit komen terwijl hun dochters zich bij Primark zouden vermaken. Maar toen de budgetwinkel eenmaal open was, vervloog die hoop. „Zo werkt het blijkbaar niet”, constateert regiomanager Jennifer Willems van Esprit. „Als klanten daar”, ze knikt afgemeten naar de overkant, „een volle tas hebben gekocht, dan komen ze niet meer hier naartoe. Bij Primark heb je voor 80 euro een tas vol, bij ons heb je een broek en een truitje.”

De van oorsprong Ierse winkelketen staat bekend om zijn uitzonderlijk lage prijzen en snel wisselende – dus modieuze – collecties. Vrouwen tussen de 12 en 34 jaar vormen de doelgroep. In 2008 werd de eerste Primark in Nederland geopend, in Rotterdam Alexandrium. De vestiging in Zoetermeer was de vijfde in dit land. Wat waren de gevolgen voor deze stad?

Het aantal bezoekers in het Stadshart Zoeterméér, waar Primark is gevestigd, is in de eerste zeven maanden na de komst van de prijsvechter met 15 tot 20 procent gestegen. Dat schreef Hans van Tellingen vorig jaar in een artikel over het ‘Primark-effect’. Van Tellingen is algemeen directeur van Strabo, een vastgoedinformatiebureau dat met behulp van camera’s passantenonderzoek doet.

Van Tellingen schreef dat de omzet van omliggende modewinkels met 10 procent was gestegen, die van schoenenwinkels en drogisterijen met 20 procent en die van de horeca met 40 procent. Het Primark-effect zou meetbaar zijn tot op 200 tot 250 meter afstand van de winkel.

Desgevraagd zegt Van Tellingen dat het effect ruim anderhalf jaar later nog niet is uitgewerkt. Volgens hem trekt het Stadshart in Zoetermeer „ruim 1 miljoen bezoekers” meer dan voor de komst van de Primark. „Je zou verwachten dat het effect afvlakt”, zegt hij. „Bijvoorbeeld door de opening van de vestiging in Den Haag. Maar vooralsnog neemt de drukte in het Stadshart in Zoetermeer alleen maar toe. En de bestedingen ook.”

Maar die klanten komen dus niet naar Esprit. Daar kijken ze beteuterd naar de massa’s klanten die dag in dag uit bij Primark binnenstromen. Op een grijze vrijdagmiddag in juli is het druk in het winkelcentrum. Alle bankjes zijn bezet. Mensen eten een frietje van Bram Ladage, een broodje döner van de Döner Company of een yoghurtijsje van Frozz. Bij Esprit staan de rekken met afgeprijsde kleding er verlaten en veel te netjes bij.

Jennifer Willems gooit een stapel broeken op de toonbank. Dat zij als regiomanager van zes Esprit-filialen zelf op de werkvloer staat is „natuurlijk niet de bedoeling”, zegt ze. Het is een manier om de kosten te drukken.

Herhaaldelijk heeft haar baas de vastgoedbeheerder, Unibail-Rodamco, gevraagd of de huur voor het winkelpand niet wat omlaag kan. Willems: „De afgelopen jaren, toen de omzet steeg, ging de huur steeds verder omhoog. Maar nu het slecht gaat dáált de huur niet. Dat is best frustrerend.”

Ook bij andere filialen waar zij manager is, zoals in Rijswijk en Krimpen aan de Lek, staat de omzet onder druk, maar daar zijn de pandeigenaren wel bereid mee te denken. „Als je berekeningen laat zien waaruit blijkt dat de omzet per vierkante meter is gedaald, willen ze je best iets tegemoet komen. Hier niet.” Het feit dat er weinig leegstand is in het Stadshart, maakt onderhandelen moeilijk, zegt ze. „Unibail-Rodamco zegt gewoon heel arrogant: voor jou tien anderen.”

De meeste winkels in de omgeving van Primark zijn heel blij met de publiekstrekker in hun midden. Die extra bezoekers lopen immers ook even binnen bij elektronicawinkel MediaMarkt. Of bij Rituals, een winkel voor luxe verzorgingsproducten. Of ze drinken koffie bij DE.

Bij Only, een winkel met laaggeprijsde dameskleding, houdt de inkoper er rekening mee dat er een Primark in de buurt zit, zegt winkelmanager Fiona van der Kruk. „Voor deze winkel koopt hij eerder shirtjes van negen euro in dan van zestien euro.” De prijzen verschillen niet eens zo gek veel, zegt Van der Kruk. „Toen ze net open waren, zijn we natuurlijk meteen gaan kijken: wat rekenen zij voor een nepleren jasje? En voor een spijkerbroek?”

Dat echt jonge meiden voor Primark kiezen, snapt ze wel. „Die willen meer waar voor hun kleedgeld. De iets oudere meiden, vanaf een jaar of 23, komen weer vaker hier. Die kiezen voor betere kwaliteit.”

Met de komst van de prijsvechter is het bij Only in de winkel rommeliger. „Bij Primark is het een zootje; daar trekt iedereen alles overhoop”, zegt Van der Kruk. „Als ze vervolgens hier komen, gaat het op dezelfde manier. We merken dat het ons vooral op zaterdag veel moeite kost om de boel netjes te houden.”

Tot grote vreugde van voorzitter Johan van Doorn van de winkeliersvereniging van het Stadshart trekt Primark een jonger publiek aan dat anders niet in Zoetermeer zou gaan winkelen. „Den Haag oefent een veel grotere aantrekkingskracht uit op jongeren. Zoetermeer is niet hip and happening. Het gevaar is dat je hier alleen gezinnen met kleine kinderen en ouderen overhoudt.”

Van Doorn is behalve voorzitter van de winkeliersvereniging ook bedrijfsleider van V&D. Dat warenhuis ging begin dit jaar bijna failliet en heeft de afgelopen maanden gestreden voor zijn voortbestaan. Hij kijkt soms met wat jaloezie naar het succes van Primark. Maar, zegt Van Doorn stellig, het Primark-effect blijft niet beperkt tot een straal van enkele honderden meters. Alhoewel V&D helemaal aan de andere kant van het Stadshart zit, komen er tot zijn verrukking toch „veel Primark-tassen” bij La Place eten.